![]() |
“Een ontregeld stresssysteem kan ons psychisch én lichamelijk ondermijnen”
Tim Vuylsteke
Stress. Een halve eeuw geleden wist niemand wat het was, tegenwoordig heeft iedereen er last van. Van de overwerkte topmanager tot de hongerige baby en de gekooide kanarievogel, allemaal lijden ze aan stress. Maar hoe werkt stress eigenlijk, wetenschappelijk gezien? En is stress wel altijd negatief? Professor Boudewijn Van Houdenhove van de Dienst Liaisonpsychiatrie van de UZ heeft er een boek over geschreven. Dat boek helemaal uitlezen voor de deadline van deze Campuskrant, zou voor ondergetekende net iets te stresserend zijn geweest. Vandaar dat hij bij de auteur aanklopte voor een mondelinge versie.
In wankel evenwicht. Over stress, levensstijl en welvaartsziekten is het zoveelste boek over stress. Zaten de mensen daar op te wachten? Van Houdenhove: “Het concept ‘stress' wordt vaak gebanaliseerd, zelfs door professionals, terwijl het eigenlijk om iets fundamenteels gaat. Stress kan het best gedefinieerd worden als een aantal biologische en psychologische mechanismen die op gang komen naar aanleiding van een reële of vermeende bedreiging van ons lichamelijk of psychisch evenwicht. Die ‘bedreiging' moet overigens heel ruim worden bekeken: de wekker horen aflopen, bijvoorbeeld, valt er ook onder (lacht).”
“Om ons evenwicht te bewaren of zonodig te herstellen, zorgt ons ‘stresssysteem' voor de productie van adrenaline, noradrenaline en cortisol. Die hormonen zetten een reeks processen in werking, die de laatste jaren worden samengevat met de term ‘allostasis' — letterlijk te vertalen als: ‘stabiel blijven doorheen verandering'. Als je ‘s morgens opstaat, versnellen stresshormonen je hartritme, ze doen je bloeddruk stijgen en maken glucose vrij uit je lever — allemaal noodzakelijk om op te kunnen staan en niet weer in bed te belanden.”
“Ons stresssysteem heeft dus een essentiële beschermende functie. Het zorgt ervoor dat we fysieke of emotionele druk of belasting de baas kunnen. Maar onder bepaalde omstandigheden kan het systeem uit balans raken. Dat is vooral het geval als de belasting te hoog wordt of nooit ophoudt. Het is niet de bedoeling dat je constant rondloopt met een bonzend hart of een verhoogde bloeddruk of suikerspiegel. Maar als je elke dag opnieuw geconfronteerd wordt met een collega of partner die je het bloed van onder de nagels haalt, is de kans daarop behoorlijk groot. Dan is er geen sprake meer van ‘allostasis', maar van ‘allostatic load': in plaats van je evenwicht te bewaren gaan de stresshormonen je dan psychisch en lichamelijk ondermijnen.”
“Bij sommige mensen werkt het ‘stopmechanisme' van het stresssysteem — dat ervoor zorgt dat het lichaam weer normaal gaat functioneren als de dreiging geweken is — niet zoals het hoort: na een onschuldige discussie op het werk, bijvoorbeeld, liggen ze urenlang wakker met een opgejut gevoel. Bij anderen is het stresssysteem dan weer te weinig actief — vermoedelijk ligt dat aan de basis van het chronische vermoeidheidssyndroom, waarbij fysieke en mentale inspanningen niet goed meer worden verwerkt en ook het immuunsysteem — dat gedeeltelijk door stresshormonen wordt geregeld — het noorden kwijtraakt.”
Angstige aapjes
“Een stresssysteem dat uit balans is, kan een hele resem psychische en lichamelijke stoornissen veroorzaken. Eén van de belangrijkste is depressie. Dat er een link bestaat tussen stress en depressie is al langer bekend. Nieuw is echter dat op hol geslagen stresshormonen nu worden beschouwd als het primum movens van de ziekte, waardoor op den duur stemmingsregulerende neurotransmitters, zoals serotonine, van slag raken.”
“Deze hormonale ontregeling kan trouwens nog heel wat andere verwikkelingen met zich meebrengen. Zo kan depressie het risico verhogen op hartinfarct, diabetes en osteoporose, en ook tot ernstige geheugenstoornissen leiden. Als je lange tijd overspoeld wordt door stresshormonen, gaan je aders vlugger dichtslibben, sla je meer buikvet op, komt je suikerhuishouding onder toenemende druk te staan, laat je beenderopbouw het afweten, en wordt je hippocampus — een hersenstructuur die een cruciale rol speelt in het geheugen — een maatje kleiner.”
“Om die reden kan je depressie terecht beschouwen als een systeemziekte. Daarbij komt nog dat depressie vaak gepaard gaat met ongezonde leefgewoonten waardoor een vicieuze cirkel tot stand komt en het stresssysteem steeds verder ontregeld raakt.”
“Het feit dat sommige mensen gevoeliger zijn voor depressie dan anderen, past perfect in dit plaatje, want de kwetsbaarheid van het stresssysteem is bij iedereen verschillend. Dat is gedeeltelijk genetisch te verklaren, maar recent onderzoek wijst erop dat ontwikkelingsfactoren minstens even belangrijk zijn. Een Canadees neurowetenschapper vond bijvoorbeeld dat ratjes die veel door hun moeder gelikt werden, efficiënter werkende cortisolreceptoren hadden. Gelijkaardige bevindingen werden gedaan bij genetisch angstige apenjongen die werden grootgebracht door een niet angstige ‘adoptiemoeder'. Omgevingsfactoren — zoals de kwaliteit van de vroege moeder-kindrelatie — spelen een cruciale rol in de expressie van onze genetische aanleg”.
Optimistische nonnen
Stress- en levensstijlgebonden aandoeningen als depressie, obesitas, hart- en vaatziekten, diabetes en chronische vermoeidheid lijken in onze westerse maatschappij stilaan epidemische proporties aan te nemen. Is dat de prijs die we voor onze welvaart moeten betalen ? Van Houdenhove: “Daar is vanuit sociologisch perspectief wel wat voor te zeggen. Maar uiteraard spelen nog andere factoren een rol. Zo lopen we meer kans op allerlei ziekten juist omdat we — dankzij onze welvaart — langer leven.”
“Een veel eenduidiger antwoord kan ik geven op de vraag hoe we ons stresssysteem het best in evenwicht kunnen houden. Dat antwoord verschilt overigens niet zoveel van wat de oude Grieken en Romeinen al te horen kregen: beweeg voldoende, eet gezond, drink met mate, rook niet, en zorg voor voldoende slaap. En wat de psychologische kant betreft: hou willen en kunnen in evenwicht, blijf optimistisch, en verzorg je relatieleven zodat je in tijden van nood op voldoende steun kunt rekenen.”
“Dit ‘gezondverstandsadvies' wordt nu steeds meer door wetenschappelijk onderzoek onderbouwd. Amerikaanse onderzoekers ontdekten dat optimistische nonnen langer leefden dan hun zwartkijkende medezusters. En buiten de kloostermuren is dat niet anders. Bij een groep van bijna duizend Arnhemse bejaarden die negen jaar lang werden opgevolgd, kwamen Nederlandse onderzoekers onlangs tot dezelfde conclusie.”
Boudewijn Van Houdenhove, ‘In wankel evenwicht. Over stress, levensstijl, en welvaartsziekten', Lannoo, Tielt (verschijnt in februari 2005).