Interne werkdocumenten

Commissie wetenschappelijke integriteit

De Commissie Wetenschappelijk Integriteit is een commissie van de raad voor onderzoeksbeleid. Doel van de commissie?

De commissie is opgericht om op onafhankelijke wijze discussies en problemen die raken aan de integriteit van wetenschapsbeoefening te behandelen. De Raad van bestuur van de associatie heeft in haar vergadering van 17/10/08 de uitbreiding van de bevoegdheid van de commissie naar de academische opleidingen in de partnerhogescholen bekrachtigd en vraagt om deze beslissing ook voor te leggen aan de raden van bestuur in de instellingen.

Opdrachten van de Commissie Wetenschappelijk Integriteit

  • onderzoekt meldingen van problemen en formuleert adviezen inzake te ondernemen acties
  • wordt op de hoogte gehouden van elders lopende procedures in verband met onderzoekers van de K.U.Leuven en van de academische opleidingen in de hogescholen,
  • doet voorstellen voor aanpassingen van de procedures indien nodig
  • stelt normen voor inzake wetenschappelijke integriteit,
  • bestudeert vragen in verband met wetenschappelijke integriteit, op eigen initiatief, op vraag van de ROB of van het CvB, de AR of de Rvb van de associatie,
  • kan voorstellen doen voor opleiding en bewustwording van de problematiek i.v.m. wetenschappelijke integriteit (bijvoorbeeld seminaries, opleiding, eventueel onderzoek over de integriteitsproblematiek),

De volgende meldingen vallen binnen het bereik van de commissie

Gedrag dat problematisch is op het punt van wetenschappelijke integriteit is gedrag waarmee tenonrechte de intellectuele eigendom of de bijdrage van anderen wordt toegeëigend (plagiaat), gegevens worden gefabriceerd of gefalsifieerd, of bewust onterechte conclusies worden gepubliceerd. Gedrag dat problematisch is vanuit het oogpunt van wetenschappelijke integriteit kan in alle fasen van het wetenschappelijk onderzoek voorkomen: bij het verwerven van een subsidie, het verzamelen van gegevens of het opstellen van theorieën, het ontwikkelen van software, het uitvoeren van experimenten, het verwerken, het analyseren en het publiceren van de resultaten en het beoordelen van projectvoorstellen of publicaties van anderen. Fouten en vergissingen die tegoeder trouw gebeuren (honest error) en meningsverschillen, worden vanuit het oogpunt van wetenschappelijke integriteit niet als problematisch bestempeld.

De volgende vragen vallen buiten het bereik van de commissie

  • vragen naar de ethiek van de wetenschap, die bijvoorbeeld aan bod komen in de ethische commissies ‘experimenten met mensen’, ‘experimenten met proefdieren’ … of, voor de biomedischewetenschappen, problematieken die rechtstreeks verband houden met patiëntgericht onderzoek, zoals ‘informed consent’ en het gebruik van patiëntenmateriaal, ... Daarvoor bestaan er de ethischecommissies.
  • vragen in verband met vermogensrechtelijke aspecten van wetenschappelijke vindingen en het gebruik ervan, zoals problemen in verband met octrooien, evenals belangenconflicten omtrent spinoffs.Daarvoor bestaat er een afzonderlijk reglement en/of is er een procedure via LRD.
  • problemen tussen student - lesgever, ook in het kader van masterthesis (ombuds-examencommissie)
  • problemen tussen PhD student - promotor van doctoraatsonderzoek en die verband houden met de taak van de promotor als begeleider (ombuds-doctoraatsbegeleidingscommissies)