Dyslexie en examens
Koen Neyens van de Cel Studeren met een functiebeperking geeft een beschrijving van faciliteiten. Marieke Swerts, studentenombuds van de faculteit Psychologie en Pedagogische wetenschappen licht de procedure over faciliteiten bij examens aan haar faculteit toe. Een student praat over zijn/haar ervaringen met examens. Vicerector Studentenbeleid en Diversiteitsbeleid professor Tine Baelmans heeft het over de vooroordelen die leven bij docenten en medestudenten.
Meer info? http://www.kuleuven.be/functiebeperking/examenfaciliteiten
Video Transcriptie
Sarah Ballard: (Studente)
Tijdens de examens heb ik vaak dat ik de examenvragen verkeerd interpreteer of anders interpreteer dan dat de prof bedoeld en de meeste andere studenten het wel interpreteren.
Koen Neyens: (Cel Studeren met een functiebeperking)
Voor studenten met dyslexie en met die schrijf- en leesproblematiek is het heel belangrijk dat ze de vragen van het examen ook correct lezen zodat ze ook een correct antwoord kunnen geven. En daarvoor zijn een aantal faciliteiten uitgebouwd zoals het voorlezen van de vragen. Dat kan de open vraag zijn maar ook de meerkeuzevragen. Dat kan zijn door een assistent of toezichthouder maar ook door de software die we gebruiken en die dan de examenvragen in een digitale versie voorleest. De student zit dan in een examenlokaal met een koptelefoon uiteraard. En daarnaast kan de student ook meer tijd voor het examen krijgen, tot een derde meer tijd in vergelijking met de andere studenten om in feite dezelfde kansen om het examen te vervolledigen te krijgen ondanks die schrijfproblematiek om de zaken uitgeschreven te krijgen.
San Verhavert: (Student)
En anders tijdens de examens is mijn tempo dan ook weer een probleem. Daar krijg ik dan meer tijd voor tijdens de examens maar ik kan mijn tijd eigenlijk wel goed gebruiken.
Marieke Swerts: (Ombuds PPW)
Elke student met dyslexie kan een attest verkrijgen voor examenfaciliteiten op voorwaarde dat die de procedure doorloopt, dat wil zeggen aanmelding bij de betrokken dienst, hertesting en uiteindelijk ook de aanvraag van de examenfaciliteiten bij de ombuds van de faculteit van de student. Bijkomende voorwaarde aan onze faculteit is dat de student tijdig die examenfaciliteiten aanvraagt. Wij hanteren daarvoor een deadline om de praktische regelingen in orde te kunnen brengen.
Sarah Ballard:
Examenfaciliteiten verkrijgen is, goh gemakkelijk en niet gemakkelijk. Gemakkelijk in die zin dat het nu wel een standaardprocedure is, ik weet wat ik moet doen en de ombuds, er is een heel netwerk rond en die staan daar wel klaar om dat proberen te regelen maar uiteindelijk is dat afhankelijk van de proffen zelf. Als zij geen tijd hebben of geen zin dan is het al weer moeilijker.
Marieke Swerts:
Van het moment dat wij een student hebben die gebruik maakt van een voorleesprogramma leveren wij als ombuds de laptop en zorgt de docent voor digitale examenvragen.
San Verhavert:
Docenten hebben hebben in principe geen weet welk probleem ik specifiek heb. En het is ook niet zo dat ik zelf naar de docenten moet stappen om te vragen “mag ik voor uw examen extra tijd krijgen”. Dat gebeurt allemaal via de ombuds.
Professor Tine Baelemans: (Vicerector Studentenbeleid en Diversiteitsbeleid)
Bij professoren leven er 2 typen van vooroordelen voorzover ik ze heb opgemerkt. Eén vooroordeel is een vrij fundamentele vraag die men zich stelt, namelijk in hoeverre dat de student die schijnbaar niet kan lezen of toch niet goed kan lezen, wel een plaats hoeft te vinden aan de universiteit. En het is natuurlijk belangrijk dat daar kenbaar gemaakt wordt dat studenten met dyslexie wel over de intellectuele capaciteiten beschikken om de kennis te verwerven en dat men eigenlijk daaraan kan tegemoet komen door die belemmeringen weg te werken. Dat is één punt. Het andere punt en dat is een vooroordeel dat leeft bij zowel studenten als bij docenten of bij een aantal studenten, medestudenten, en docenten, gaat over het feit of een dyslexiestudent door alle maatregelen die we daarvoor voorzien niet bevooroordeeld wordt ten opzichte van de normstudent, de student zonder dyslexie. En daar moeten we toch benadrukken dat er enerzijds de attestering is die zeer streng is en die echt nagaat of die aantoonbaarheid van reden om faciliteiten te krijgen aanwezig is en dat je anderszijds ook rekening houdt met de aard van die beperking vooraleer dat je dan die faciliteiten effectief gaat toekennen.
Marieke Swerts:
Deze examenperiode wordt er ongeveer zo een 10 keer beroep gedaan op leesassistentie, en zo een 13 keer op voorleesprogramma's. Doorgaans is het vooral voor examens met meerkeuzevragen dat studenten die optie verkiezen. In sommige gevallen is het ook bij examens waarbij er een openboekvorm gehanteerd wordt dat studenten die software kunnen gebruiken om hun cursus te laten voorlezen.
