U bent hier: Home / COBRA

COBRA

English version

 

COBRA staat voor Coöperatie, Reflectie en Actie – Checks & Balances. Via deze  kwaliteitszorgmethode kan de KU Leuven garant staan voor de kwaliteit van de door haar georganiseerde opleidingen.

(klink op het beeld om het filmpje te bekijken)

 

De COBRA-methode steunt op de volgende uitgangspunten:

  1. De methode vertrekt vanuit het Visie en Beleidsplan Onderwijs en Studenten (2013-2017). Deze visie voegt een insteek toe aan de wetenschappelijke kijk op leren, met name een focus op hoger onderwijs dat studenten aanspreekt op hun toekomstbeeld. Kwaliteitsvol onderwijs spreekt het disciplinary future self van studenten aan, (her)oriënteert, verdiept en verbreedt het en draagt zo bij tot persoonsvorming.
     
  2. Zoals de COBRA-kunstenaars kunst terug naar de bron wilden brengen, wil ook de nieuwe kwaliteitszorgmethode het onderwijs terugvoeren naar haar oorspronkelijke bedoeling: de adequate en integrale vorming van personen in een bepaalde academische discipline. Het zwaartepunt van de COBRA-methode ligt daarom bij de POC waarbinnen studenten, docenten en medewerkers in gesprek kunnen gaan over goed onderwijs, en dit in samenspraak met alumni, het werkveld en internationale peers. De COBRA-methode gaat uit van het vertrouwen dat de opleidingen de verantwoordelijkheid voor de permanente verbetering van kwaliteitsvol onderwijs opnemen.
     
  3. De COBRA-methode neemt afstand van standaardisering en zet in op de diversiteit van de verschillende disciplines binnen de KU Leuven en hun disciplinespecifieke invulling van de visie op onderwijs.
     
  4. De COBRA-methode onderkent het belang van de dialoog tussen primaire, facultaire en instellingsbrede organen en actoren om kwaliteitsvol onderwijs mogelijk te maken. Het is een integrale kwaliteitszorgmethode die impliceert dat op elk echelon van de universiteit wordt gereflecteerd over de kwaliteit van het onderwijs en ook actie ondernomen wordt. De feedbackloop wordt zo kort mogelijk gehouden. Opschaling gebeurt voor punten waarover de opleidingen of faculteiten geen (volledig) zeggenschap hebben. De methode is slim en slank.
     
  5. De methode zet in op transparantie en stelt daarom de verslagen van de verschillende COBRA-fasen en informatie die deze verslagen kadert publiek toegankelijk op het kwaliteitszorgportaal. Zo wordt ook voor stakeholders transparant hoe het staat met de kwaliteit van het onderwijs in de opleidingen en welke acties rond onderwijs lopen.

Een COBRA-cyclus omvat drie fasen

COBRA doorloopt een monitorings- en verbeterproces door middel van reflectie en daaraan gekoppelde acties op de drie organisatieniveaus van de universiteit. De drie kwaliteitszorgcycli van reflective en actie kennen steeds een dynamiek van opschaling van inspirerende praktijken of aandachtspunten over randvoorwaarden die het eigen niveau niet kan bijstellen. Daarbij voorzien we steeds terugkoppeling waarbij de universitaire gemeenschap op de hoogte wordt gebracht van de reflecties en acties die binnen de cycli ‘COBRA 1, 2 of 3’ warden besproken. De drie kwaliteitszorgcycli zijn als volgt opgebouwd:

COBRA 1: de opleiding centraal

De POC neemt het voortouw in COBRA 1. De POC schakelt als het centrale orgaan voor kwaliteitszorg eigen initiatieven in om de kwaliteit van het onderwijs in beeld te brengen (bv. kwantitatieve opleidingsevaluaties, thematische analyses, analyses van bachelor- en masterproeven, hearings, onderwijsdagen, etc.). Dat gebeurt in een inhoudelijke reflective over de opleiding. COBRA voegt daar een extra instrument voor de poc aan toe in de vorm van ‘COBRA 1-gesprekken’.

De COBRA 1-gesprekken bieden een kwalitatieve input voor de COBRA-poc-reflecties in de vorm van onafhankelijke gesprekken door respectievelijk studenten, docenten en medewerkers. Zij reflecteren over (de realisatie van) de visie op onderwijs en leren, en over door de POC gekozen thema’s in de context van de opleiding. De resultaten van hun reflecties worden door de POC in een bredere dynamiek van ‘checks (C) & balances’ (B) gebracht door de confrontatie met andere(kwalitatieve en kwantitatieve) informatie.

Om ook de externe blik binnen te brengen in de reflectie van de poc, betrekt de POC alumni, actoren uit het werkveld en externe peers in het poc-gesprek. De POC koppelt steeds een helder en uitvoerbaar actieplan aan de inhoudelijke reflectie door de leden en externe peers.

Door middel van een online kwaliteitszorgportaal en met een gepersonaliseerd e-mailbericht worden de resultaten van COBRA 1 rechtstreeks teruggekoppeld naar alle betrokkenen van de opleiding. Op die manier wordt de eerste kwaliteitszorgcirkel onmiddellijk gesloten.

COBRA 2: het facultaire niveau

De faculteit brengt de verslagen van de reflecties over kwaliteitsvol onderwijs van de verschillende POC’s samen. Op het facultaire niveau wordt besproken hoe de reflecties en acties binnen de opleidingen aan het facultair beleid gekoppeld kunnen worden om de kwaliteit van het onderwijs te versterken. De faculteit wisselt ‘good practices’uit en bepaalt welke randvoorwaarden voor onderwijs bijgesteld moeten worden. Op basis daarvan stelt de faculteit, net zoals de POCs, een actieplan op. Randvoorwaarden waarover de faculteit geen (volledige) zeggenschap heeft, worden opgeschaald naar het universiteitsbrede niveau. Reflectie en remediëring volgen elkaar snel op. Ook hier is onmiddellijke terugkoppeling naar POC’s en primaire actoren voorzien via het kwaliteitszorgportaal en met een e-mailbericht aan alle betrokkenen..

COBRA 3: Onderwijsraad en GEBU

De Onderwijsraad (OWR) brengt de verslagen van de facultaire reflecties over kwaliteitsvol onderwijs samen en bespreekt welke actiepunten door de faculteiten aangekaart worden en hoe die opgevangen kunnen worden door het uitwisselen van ‘good practices’. Ook gaat de OWR na welke randvoorwaarden universiteitsbreed bijgesteld moeten worden. De OWR brengt hierover advies uit. In haar bespreking betrekt ze eveneens de schriftelijke analyse van de Studentenraad KU leuven over de kwaliteit van het onderwijs in de faculteiten. De reflectie op de owr wordt in een verslag aan het gebu bezorgd.

Naast dit verslag van de owr nodigt het gebu een groep van (inter)nationale deskundigen uit om op grond van de informatie op het kwaliteitszorgportaal advies uit te brengen over het functioneren van de COBRA-kwaliteitszorgmethode. Zo verzekeren we, net zoals in de eerste COBRA-cyclus, de dialog met het externe perspectief in onze zorg voor de kwaliteit van ons onderwijs.

Het Gemeenschappelijk bureau (GEBU) streeft naar het tot stand brengen van synergie tussen de verschillende beleidsdomeinen. Rekening houdend met de adviezen van de owr en de reflecties van de(inter-)nationale deskundigen, bepaalt het gebu de randvoorwaarden die bijgesteld moeten worden om tegemoet te komen aan de door de universitaire gemeenschap gevraagde aanpassingen. Het bereidt gepaste acties voor en legt deze voor aan de (Academische raad) AR. De betrokken vicerectoren bepalen op grond van het overleg tussen het GEBU, de AR, de (Raad van Bestuur) RVB en in samenspraak met de instellingsbrede diensten welke dienst wat zal opvolgen.

Ook de derde cyclus wordt teruggekoppeld via het kwaliteitszorgportaal.