Back

Geïntegreerd onderwijs

Het GON vond zijn decretale basis in het decreet Basisonderwijs van 25/2/97 art. 11 en in het onderwijsdecreet VIII van 15/7/97 voor wat het secundair (art 20-26) en hoger (art 57 bis – art 57 sexies) onderwijs betreft.

Definitie

Het geïntegreerd onderwijs (basis, secundair, hoger) is een samenwerkingsvorm tussen het gewoon en buitengewoon onderwijs. Het is bedoeld om leerlingen met een handicap en/of leer- en opvoedingsmoeilijkheden tijdelijk of permanent, gedeeltelijk of volledig de lessen of activiteiten te laten volgen in een school voor gewoon onderwijs, met hulp vanuit een school voor buitengewoon onderwijs die daartoe aanvullende lestijden en/of aanvullende uren krijgt en via het werkingsbudget een integratietoelage of -krediet krijgt.

Wanneer kan het GON ingeschakeld worden ?

Als een leerling bij zijn instap of verblijf in het gewoon onderwijs, beperkingen, remmingen – rechtstreeks ten gevolge van zijn handicap – ervaart bij het vlot verwerken van het onderwijsleerproces en/of succesvol sociaal integreren, kan GON-begeleiding aangevraagd en ingeschakeld worden.

De begeleiding

Omvat het leergericht werken, het overleg m.b.t de leerling en de begeleiding van het personeel gewoon onderwijs. Dit overleg en de begeleiding van het personeel kunnen ten allen tijde doch mogen niet de hoofdmoot van de begeleiding uitmaken. GON-begeleidingsuren kunnen – volgens noodzaak – vervangen worden door gestructureerd overleg m.b.t. de leerling bijv. team, klassenraad, evaluatie.

Immers deze collegiale consultatie is een primordiale voorwaarde om de samenwerking BuO-GO te realiseren en om het team van de gastschool deskundiger te maken in het adequaat omgaan met leerlingen met een "andere" hulpvraag.

GON-begeleiding thuis bij de GON-leerling

Is NIET toegelaten. Dit kan enkel indien die mogelijkheid omstandig gemotiveerd is in het GON-plan en onder de hoogst uitzonderlijke omstandigheden (tijdens de examenperiode op secundair en hoger niveau, bij lange ziekten van de GON-leerling).

Het GON-urenpakket

Het urenpakket additionele hulp reikt tot 30 juni van het lopende schooljaar. Op 1 september dient een urenpakket ingericht volgens het aantal GON-leerlingen op 1 september. De teldatum voor het vaststellen van het GON-urenpakket is de laatste schooldag van september.

Het GON-urenpakket mag flexibel aangewend worden; per BuO-school mag men naargelang de behoefte, gestipuleerd in het GON-plan, de wekelijkse begeleidingsuren spreiden over de leerlingen. Een samenvoeging van de GON-begeleidingsfrequenties tot 2 weken maximum is toegelaten. Het is noodzakelijk dat een GON-leerling minstens 1u/week additionele hulp verkrijgt. Dit ene uur kan geclusterd worden tot 2u per 2 weken.

Het onderscheid tussen matig en ernstig gehandicapten voor types 4, 6, 7:

Een leerling is ernstig fysisch gehandicapt als hij een handicap vertoont:

  • tengevolge van een centrale neuro-motorische stoornis na de geboorte, na ziekte of ongeval o.a. hersenbeschadiging, posttraumatisch letsel.
  • tengevolge van syndromen of ziektes die een beenderige, musculaire of gewrichtsafwijking veroorzaken o.a. arhrogryposis multiplex congenita, ernstige kinderreuma, spierziekte, spina bifida in zoverre dat die handicap een zeer ernstige berperking qua schrijf- en spraakmotorisch functioneren met zich meebrengt.

Een leerling is ernstig visueel gehandicapt als hij na optische correctie een gezichtsscherpte heeft van maximaal één tiende voor elk oog, en/of aangewezen is op brailleschrift.

Een leerling is ernstig auditief gehandicapt als hij een gemiddeld gehoorverlies heeft van minstens 90db aan beide oren, bepaald volgens de Fletcher-index en niet meer bereikt dan 40% foneemdiscriminatie in de spraakaudiometrie, dit alles afgenomen zonder hoorapparaten.

ZEER BELANGRIJK: voor de GON-leerling met een ernstige fysische, visuele of auditieve handicap dient dit gestaafd te worden in het CLB-inschrijvingsverslag.

Het is wel mogelijk volgens de wijzigende hulpvraag t.a.v. het onderwijsleerproces van de GON-leerling – dat een leerling eerst als matig beschouwd wordt en daarna ernstig of vice versa.

Een schoolbestuur kan niet met terugwerkende kracht gesanctioneerd worden voor een leerling, die als ernstig werd beschouwd op 30 september en in de loop van het schooljaar als matig zou worden gecategoriseerd.

Het GON-attest

Is het officiële attest dat de uren additionele hulp verantwoordt. Dit attest dient elk jaar bevestigd te worden. Deze attesten worden in het BuO bewaard en dienen ter aanvraag van het urenpakket aan de netcoördinator GON. Let ook op de toegelaten maximumduur (onderscheid matig/ernstig fysisch, visueel, auditief gehandicapten).

Voor type 1, 3, 8 dient de reïntegratie te gebeuren, onmiddellijk aansluitend op een verblijf van minstens 9 maanden in het BuO van het type 1, 3, 8 tijdens het vorige schooljaar.

Meer info voor wat betreft leerlingenaantallen in het geïntegreerd onderwijs: