email

Tsunami in Zuidoost-Azië

node-header

Suggesties tot levensbeschouwelijke duiding Massale hulp na vloedgolf in Azië Mijn God, Mijn God...

Inleiding

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureright/_medium/tsunami_child1.jpg

De leerlingen hebben waarschijnlijk vele beelden van de gevolgen van de tsunami gezien op TV. Sommige leerlingen hebben daarbij ondersteunende duiding gekregen van hun ouders. Anderen hebben dit alleen of met broers, zussen en/of vrienden aanzien. Welke belevingen, gedachten, verbeeldingen zijn er door hen heen gegaan? Op welke manier hebben ze deze beelden verwerkt? Welke indrukken zijn achtergebleven? Welke vragen hebben ze zich gesteld? Welke antwoorden hebben ze gevonden en wat is als een vraagteken gebleven? Met welke shockerende beelden lopen ze (nog) rond? Welke angsten hebben leerlingen opgelopen? Hoe ziet hun levensopvatting er nu uit? Is deze veranderd ten opzichte van vroeger?

Misschien nog meer van belang is wat ze hebben opgevangen uit commentaren van hun ouders en andere volwassenen. Hoe er in hun omgeving met deze gebeurtenis werd omgegaan. Werden de programma's door de ouders becommentarieerd, opgevolgd, dichtgezet,...? Welke sfeer leefde er? Meevoelen, meelijden, ontzetting, verontwaardiging, solidariteit, onverschilligheid,...?

Allemaal vragen die het zinvol maken om in diverse lessen aandacht te besteden aan de grootste ramp uit onze nabije geschiedenis.

1.1. In de klas ter sprake brengen

Bij het meemaken van deze gebeurtenissen is er bij leerlingen wellicht heel wat door hen heen gegaan. In de klasgroep krijgen zij de kans om hun belevingen met elkaar, met leeftijdsgenoten en met de leerkracht te delen.

Wat hebben leerlingen gezien?

Het is goed als leerlingen aan elkaar en aan de leerkracht kunnen vertellen wat ze gezien en gehoord hebben. Bij een eerste gesprek vertellen zij meestal datgene wat hen het sterkst voor de geest komt, het diepst heeft getroffen of waarrond veel onduidelijkheid blijft. Het is goed om de verschillende ervaringen die leerlingen hier aandragen goed bij te houden om er nadien te kunnen op verdergaan. Soms vertellen leerlingen eerst het meest spectaculaire, willen ze elkaar daarin overtroeven. Probeer dan eerst rust te brengen en wat later opnieuw te starten met de vraag naar wat het meest indruk op hen heeft gemaakt, wat hen het sterkst heeft getroffen.

Wat hebben leerlingen gevoeld?

Belangrijker nog dan de feitengegevens die leerlingen vertellen, is de betekenis die ze er aan geven. In eerste instantie vertrekt betekenisgeving vanuit hun belevingen. Wat hebben ze bij de beelden gevoeld, verbeeld, gedacht, ervaren,...? Hoe hebben hun ouders gereageerd op hun gevoelens. Hoe is daar in hun verdere omgeving op gereageerd. Hoe hebben ze dit zelf verwerkt?

Mogelijks moet je als leerkracht hiervoor ook nieuwe gevoelens aanreiken, nieuwe taal leren voor de ervaringen die ze hebben opgedaan.

Wat hebben leerlingen aan betekenis meegekregen?

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureleft/_medium/tsunami_child18.jpg

In tweede instantie moet er bij betekenisgeving aandacht zijn voor de redeneringen en opvattingen die uitdrukken wat dit voor jonge mensen betekent. Wat is de zin die ze aan dit gebeuren geven? Wat ervaren ze als goed en kwaad, als zinvol en zinloos, als nastrevenswaardig of verfoeilijk, als waardevol? Wat hebben ze gehoord over hoe mensen reageren op de vele feiten. Bijvoorbeeld bij de vloedgolf: waar is er aandacht voor de kracht van het water, de vernieling van de infrastructuur, de paniek van mensen, de doden, de verhalen van de geredden, de gruwel, het spektakel. Wat zijn de commentaren, de oordelen, de besluiten,...

Wat hebben leerlingen aan gedrag geleerd?

Zijn hun ouders, familieleden en vrienden in hun commentaren ondersteunend geweest voor de reddingswerken die op gang zijn gekomen? Doen ze daar enthousiast, meevoelend, onverschillig, cynisch, schamper,... over? Zijn ze de problematiek blijven volgen of werd het TV-nieuws snel weggezapt? Hebben ze steun betuigd, geld gestort, meegedaan aan solidariteitsacties? Hoe hebben ze geantwoord op de vele plaatselijke initiatieven? Hoe zijn de leerlingen zelf daarin gekend en betrokken geweest?

Dit alles is de moeite waard om bij elkaar te brengen en zo de leerlingen hun eigen licht laten schijnen op het gebeuren. Het is belangrijk dat ze keuzes leren maken over het gedrag dat ze zelf willen (leren) stellen, dat ze leren zien hoe anderen hierop reageren en dat ze de kans krijgen om daadwerkelijk op eigen wijze een bijdrage te leveren aan een solidariteitsgebeuren.

Welk proces kan je als leerkracht volgen

  • Leerlingen op verhaal laten komen in de klas.
  • Structuur brengen in hun waarneming en beleving.
  • Correcte bijkomende informatie geven en situering van hun ervaringen in een bredere context.
  • De betekenisgeving van deze ervaringen voor de leerlingen samenleggen en vergelijken en confronteren met het verhaal van de leerkracht.
  • De (levens)vragen van de leerlingen die daaruit voortkomen inventariseren, bespreken en confronteren met uitspraken uit de media, levensbeschouwelijke standpunten,...
  • Stilstaan bij de diverse gedragingen die mensen (kunnen) stellen als ze geconfronteerd worden met dit leed in de wereld.
  • Gestalte geven aan hun belevingen, indrukken, gedachten, opvattingen,... op allerlei creatieve wijzen: fotocollage, schilderen, solidariteitsdoek, klei, uitbeelding,...
  • Meedoen met plaatselijke acties om solidariteit daadwerkelijk vorm te geven.

Alle soorten lessen kunnen daarbij een eigen bijdrage hebben. De didactische impulsen willen daarbij een eerste instap zijn.

1.2. Jonge mensen en zoveel miserie... Kan dat wel?!

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureleft/_medium/ravage3.jpg

"Kunnen kinderen dit wel aan?" is een veelgehoorde opmerking van leerkrachten bij jonge leerlingen. "Mogen we dat kinderen wel aandoen om het daarover te hebben". Of: "Er zijn kinderen die dan angstig worden en beginnen wenen, dat kan toch niet de bedoeling zijn."
Anderen zeggen dan: "Je kan jonge mensen toch geen blinddoek omdoen en zakdoeken in hun oren stoppen." Of: "Kinderen horen en zien het toch op TV." En nog: "Ze groeien toch niet op in een roze wereld." "We moeten ze vertrouwd maken met de realiteit."

Die realiteit mogen en kunnen we jonge mensen niet onthouden. Die brengen ze dagelijks mee naar school. De school heeft ook de taak om leerlingen te leren omgaan met die realiteit, hoe pijnlijk die ook is. Niet voor elke leerling is die op gelijke wijze draagbaar. De draaglast en de draagkracht moeten met elkaar in balans kunnen zijn.

Enige voorzichtigheid is hierbij aangewezen. Dosering van feiten en beelden is zeker op zijn plaats. Leerlingen overstelpen met de vele soms erg harde en pijnlijke situaties is zeker niet helpend in hun proces van leren omgaan. Als de aangeboden realiteit te groot is, dan haken velen af met grote veralgemeningen als: "je kan daar toch niets aan doen". Maar anderzijds kan men zo voorzichtig zijn dat men het gegeven eerder uit de weg gaat, dan dat men het ter sprake brengt. Dan heeft dit voor de leerlingen een omgekeerde boodschap en effect. Dan klinkt het als: 'Daarover mag niet gesproken worden, pijn, lijden miserie moet worden toegedekt'. En ook dat kan niet de bedoeling zijn.

Voor jonge kinderen zijn praatprenten erg geschikt om op verhaal te komen.
Belangrijk is dat kinderen naast prenten over het effect van de vloedgolf vooral beelden te zien krijgen waarin (jonge) mensen gered worden, waarbij ouders hun kinderen terugvinden, waarin mensen elkaar helpen, waarbij noodhulp geboden wordt,... Het geschokte vertrouwen moet worden hersteld door te laten zien dat mensen, kinderen niet aan hun lot worden overgelaten, dat er op allerlei wijzen voor hen gezorgd wordt, dat alles weer opgeruimd wordt, dat er water en voedsel komt,...

Laat leerlingen vooral zelf aan het woord. Laat hen vertellen wat ze zien en associëren. Help hen luisteren naar elkaars verhalen. Durf met hen te filosoferen over de moeilijke vragen van het leven die ze soms pijnlijk hard weten te stellen.

Je hebt niet altijd zelf een goed, wijs antwoord nodig om een goed gesprek met leerlingen te hebben.

Door het aanbieden van vele diverse verwerkingsmogelijkheden waarbij taferelen die de leerlingen gezien hebben op TV kunnen uitgespeeld, uitgetekend, verkend of verdiept worden, kunnen jonge mensen hun eigen weg zoeken om met de realiteit om te gaan. Toch is praten over wat ze geschilderd, gemaakt of geknutseld hebben wezenlijk van belang, meespelen met hun spel om hen een stapje verder te brengen een uitdaging.

Oudere leerlingen willen vaak van naaldje tot draadje weten hoe tsunami's ontstaan, hoe noodhulp georganiseerd wordt, hoe identificatieteams werken en zo meer. Dat vraagt om een goede inhoudelijke voorbereiding als leerkracht. Door leerlingen in groepen aan het werk te zetten kan je vaak veel leergebieden met elkaar in gesprek brengen. Van belang is dat er naast de vele feiten aandacht blijft voor de zin en de betekenis die het hele dramatische gebeuren heeft voor de leerling, de klasgroep, de omgeving, de wereld.

1.3. Vele vragen

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureright/_medium/foto.jpg

Jonge mensen stellen zich wellicht vele vragen naar aanleiding van dit gebeuren.
Enkele mogelijke vragen:

  • Waarom zijn er zoveel meer doden in arme landen die verder liggen van het centrum van de aardbeving dan in rijkere landen zoals Thailand die dichterbij liggen?
  • Waarom zijn er zoveel kinderen onder de slachtoffers?
  • Hoe kan het dat een baby van nog geen twee jaar zes dagen drijvend op een matras blijft en gered wordt? Is dat een wonder?
  • Waarom laat God toe dat deze ramp gebeurt?
  • Waarom worden in sommige landen de doden verbrand en in andere landen begraven?
  • Sommige toeristen liggen al weer op 't stand te zonnen, terwijl de doden nog geruimd worden. Kan dat wel?
  • Sommige toeristen blijven ginder op vakantie omdat ze zo de bevolking steunen zeggen ze. Kunnen ze niet beter de handen uit de mouwen steken?
  • Mijn papa heeft een batikdoek opgehangen die uit Sri Lanka komt. Mijn mama heeft daar een kaars bij gezet. Helpt dat echt?
  • Mijn papa zegt dat die vloedgolf goed is, want nu hebben minder mensen meer eten.
  • Zou zo'n ramp de mensen nu meer gevoelig maken voor wat er in de wereld gebeurt? Niet alleen nu maar ook later?
  • Komt het geld dat we storten wel goed terecht?
  • De paus draagt een mis op, er zijn optochten voor solidariteit... heeft dat wel zin allemaal?
  • ....

Welke vragen leven er ook bij jou en in je schoolteam? Wordt daarover gesproken? Vind je dat van belang? Waarom wel of niet? Welke vragen hieruit wil je ter sprake brengen in je de klas? Ga je ook vragen stellen waar je zelf het antwoord niet op weet? Welke vragen leven er nog meer bij je leerlingen?

Hermeneutische knooppunten

knooppunten

  1. God en het kwaad

    De confrontatie met extreme vormen van lijden en dood doet de vraag rijzen naar het bestaan en de plaats van God tegenover dit soort van kwaad. Hier zijn verschillende antwoorden mogelijk.
    Er zijn mensen die beweren dat de zeebeving een straf van God is (bijvoorbeeld: "er kwamen veel Zweden om omdat Zweden een land is waar men tolerant is tegenover homoseksualiteit en God is tegen homoseksualiteit").
    Er zijn mensen die beweren dat de zeebeving een teken is dat God niet bestaat, want anders zou hij tussenkomen in zo'n lijden en de golf gestopt hebben.
    Er zijn mensen die een tussenpositie innemen. God heeft niet de macht om de fysische krachten van de wereld tegen te houden. God is wel de kracht die mensen solidair maakt om samen dit lijden te dragen en te werken aan een toekomst die veiliger is (bijvoorbeeld door het uitbouwen van een waarschuwingssysteem).
    Er wordt ook op gewezen dat de reactie van de Aziatische slachtoffers ook bepaald wordt door hun eigen geloof en godsdienst.

  2. Solidariteit

    Er is een ware golf van solidariteit op gang gekomen naar aanleiding van de catastrofe in Azië. Solidariteit kan vele beweegredenen en levensbeschouwelijke drijfveren hebben. Het kan een teken van verbondenheid zijn tussen mensen en het kan ook als een religieuze plicht beleefd worden.
    Sommigen geven de uitingen van solidariteit een andere betekenis: als een manier om met onze machteloosheid om te gaan, om ons minder schuldig te voelen, uit sociale druk, enzovoort.
    Bij solidariteit worden ook kritische vragen gesteld. Waarom zijn we meer solidair met de slachtoffers van deze zeebeving dan met dagelijkse slachtoffers van hongersnood en oorlog in andere delen van de wereld? Wordt deze solidariteit niet te zeer door emoties bepaald en zal de verbondenheid met deze mensen ook niet snel weer voorbij zijn?

  3. Kinderen, jongeren en solidariteit

    Op welke manier hebben kinderen en jongeren dit drama in hun leven en levensbeschouwing geïntegreerd? Gelaten, onverschillig, machteloos, opstandig, bezinnend, handelend,...?

Krantenberichten en levensvragen

In een protestants-christelijke krant verscheen een bericht van de leiding van de plaatselijk baptistisch-protestantse kerkgemeenschap van Phuket in Thailand (zwaar getroffen vakantieoord). Daarin wordt gezegd dat 'God deze vloedgolf gestuurd heeft'. Een ander bericht luidt als volgt: 'Ramp is toorn Gods over "goddeloos" Azië' 'Wonder dat Nederland nog niet getroffen is'.
Ook in Vlaanderen zijn er christenen die ervan overtuigd zijn dat de hand van God achter dit gebeuren zit. Bepaalde leden van de Pater Pio gemeenschap spreken over 'een straf van God'.

Lees onderstaand berichten:

De Heere stuurde welbewust de watervloed

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureleft/_medium/golf.jpg

Voor veel protestanten in Zuidoost-Azië was de zeebeving geen toeval

APELDOORN - De catastrofale gebeurtenissen in Zuidoost-Azië zijn geen toeval. Dat is de vaste overtuiging van veel protestanten in de getroffen landen. De Thaise ds. Saengkong uit Bangkok: "God stuurde welbewust de watervloed naar Indonesië, Sri Lanka en ons land. Het gaat erom dat we Zijn hand opmerken en de betekenis gaan begrijpen."

Behalve de baptistengemeente in Bangkok dient ds. Saengkong een evangelisatiepost in Phuket. Vooral daar heeft hij in de achterliggende week gezien welke schade de tsunami heeft aangericht. Van zijn eigen gemeente kwam niemand om. "Een groot wonder, want in Phuket zijn juist veel doden te betreuren." Wel is hij in zijn familiekring geconfronteerd met rouw over omgekomenen. Een zwager en twee neven verdronken.

"Waarom zou God juist christenen gespaard hebben?" vraagt de baptistenvoorganger zich af. Niet omdat ze beter zijn dan niet-christenen. Maar omdat ze van God de taak hebben om anderen te vertellen van de boodschap van redding. Die is in deze omstandigheden ontzettend belangrijk.

Voor ds. Saengkong is het geen punt van discussie: de Heere stuurde en bestuurde de watervloed. We zijn geen primitieve natuurvolken die geloven dat de mens de prooi kan worden van ongrijpbare natuurmachten. We zijn ook geen moslims die zich gewillig onderwerpen aan de grillen van het fatum, het noodlot. Nee, christenen geloven dat God de wereld onderhoudt en naar Zijn wijs beleid ook bestuurt. Zijn daden zijn voor ons vaak onbegrijpelijk. Dat zegt de Bijbel ook. Maar het geeft wel houvast dat het totale wereldgebeuren vastligt in Zijn hand en Hem niet ontglipt. We moeten bidden zodat we de bedoeling van de Heere mogen verstaan.

Door Eric Masseus (Bron: Reformatorisch Dagblad, 5 januari 2005)

Reacties op dit bericht

"Waarom zou God juist christenen gespaard hebben?"
Waarom zien veel mensen zo slecht wat voor de hand ligt? Hoe groot is de kans dat je daar (in Thailand) een christen tegenkomt. Misschien blijkt dan wel dat verhoudingsgewijs juist veel christenen zijn omgekomen.

Terwijl het dodental alsmaar oploopt, de meeste lijken nog niet geborgen zijn en honderdduizenden proberen te overleven, maakt deze krant opmerkingen over de goddeloosheid van de Aziaten en de toorn van God. Het is smakeloos, beledigend en nog onjuist ook. Ik weet zeker dat 95% van de getroffenen belijdend hindoe, boeddhist, moslim of christen is. Blijkbaar zijn alleen streng-reformatorische christenen niet goddeloos.

(Toelichting: In Thailand belijden 94% van de mensen het boeddhisme en zijn er 4% moslims, 0,5% christenen en anderen belijden het hindoeïsme, confucianisme e.a.)

Een protestantse kerk in Chinglepeth (Zuidoost-India) is ingestort. Alle honderd gelovigen die bij de dienst aanwezig waren zijn omgekomen. Was dat dan ook de wil van God?

Die dominee gelooft in een wrekende God. Zou die dominee God wel kennen?

Daar de Zondvloed in de Bijbel door Jahweh God zelf als straf werd gezonden voor de verdorvenheid van de mensen van toen, waarom zouden er dan nu geen rampen kunnen gebeuren voor de slechtheid van de mensen van nu? Bijvoorbeeld in Zuidoost-Azië, de sekstoerismeplek bij uitstek, die zo snel mogelijk weer op volle toeren moet draaien.

Lastig als nu gebeurt wat altijd al zolang voorzegd is?

Misschien ben ik wel een domkop, maar waarom zou het niet kunnen: dat God zo ingrijpt. Eigenlijk heb ik ook liever zo'n God, dan ene, die met lede ogen toeziet, wat er daar in Thailand gebeurde...

Dat meen je toch niet ècht mag ik hopen? Want wie weet hoeveel totaal onschuldige levens waaronder veel kinderen, de lievelingen van Jezus, er bij die ramp verloren gingen. Heb jij echt veel liever een wrekende God? De verkeerde dingen die in Thailand (en vergis je niet, trouwens ook elders in de wereld en ook in Nederland) gebeuren, gebeuren door de vrije wil van de mens die voor het verkeerde kiest!
Als God een God zou moeten zijn die mensen die zondigen door rampen ombrengt, dan zou de hele wereld kunnen ophouden te bestaan. God is liefde en wil het goede voor de mens.

Wie "de Heere" zijn wil zo precies kent, moet wel over een directe telefoonlijn met hierboven beschikken. Vertel dat aan die duizenden onschuldige slachtoffers. Misdadig gewoon om onschuldigen zo te culpabiliseren (de schuld te geven).

Ramp is toorn Gods over "goddeloos" Azi

Wonder dat Nederland nog niet getroffen is

AMSTERDAM (RKnieuws.net) - "Gods oordelen gaan over de wereld". Dat stelt het Reformatorisch Dagblad (RD) in een commentaar naar aanleiding van de zeebeving in Zuidoost-Azië. En het is "een wonder dat die oordelen ons nog niet getroffen hebben", aldus het Reformatorisch Dagblad want "is Nederland, is Europa niet minstens even goddeloos als de Zuidoost-Aziatische gebieden die zondag zo zwaar geteisterd werden?"

Van onze redactie (Bron: Reformatorisch Dagblad)

Reacties op dit bericht

'Het goddeloze moet uit de wereld anders zou God straffen', zei OLV te Fatima en dit oord is toch erkend.

Sinds deze ramp in Zuidoost-Azië is gebeurd, heb ik niet opgehouden mezelf te onderzoeken en mezelf verweten dat ik niet voldoende heb gewerkt aan mijn bekering opdat deze ramp, zoniet vermeden, dan toch verzacht zou zijn geweest. Want de hevigheid van Gods toorn over ons weerspannigen kan inderdaad worden afgezwakt als wij ons bekeren.

Vorige Kerst was het de aardbeving in Bam, deze Kerst in Zuidoost-Azië,
zal het ook volgende Kerst zo zijn, mensen?

Het is niet alleen billijk en rechtvaardig wat God doet; het is ook heilzaam:
Want het gaat erom dat Gods oordelen tot bekering zouden leiden. Alleen dan zien we dat de aarde vol is van Gods goedertierenheid. Dus hoe harder Hij ons kastijdt, hoe groter de noodzaak is om ons te bekeren, des te meer wij ons bekeren.

Wil dit zeggen dat er nu geen hulp moet geboden worden? Want 'ze hebben immers hun straf verdiend'.

Dit artikeltje is m.i. absoluut onchristelijk en heeft met het christendom niets te maken, integendeel het bezorgt het christendom de slechte naam, die het soms ten onrechte krijgt.

Ik sluit me hierbij aan! Bovendien schuiven we zo onze nalatigheid, door geen waarschuwingssysteem te plaatsen zoals in Amerika en Japan, op God af. Als wij de arme mensen daar dezelfde technische mogelijkheden hadden gegeven, hadden velen nog kunnen vluchten.... Niet God is schuldig, maar WIJ!

Het lijkt me toch moeilijk om de zeebeving te wijten aan onze vrije wil. Ik kan mij niet voorstellen dat mensen zoveel macht hebben dat als ze een zeebeving willen, er zoiets ook komt. Aardbevingen, klimaatsveranderingen en vulkaanuitbarstingen liggen m.i., in tegenstelling tot oorlog voeren, niet binnen de mogelijkheden van de mens.

Elders staat dat God dit niet heeft gewild. Toch is het gebeurd. Wil dit dan zeggen dat God niet almachtig is, dat Hij die zeebeving niet kon tegenhouden en dat er dingen gebeuren buiten Zijn wil om?

Ongelooflijk dat mensen kunnen denken dat God zoiets stuurt als straf. Hun god is de mijne niet.

Vragen

  • Hoe denk je hier zelf over?
  • Welke antwoorden leven er in je schoolteam?
  • Welke antwoorden ga je aan leerlingen aanreiken?

Aanvullende informatie:

Paus: "God laat ons nooit in de steek"

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureleft/_medium/paus.jpg

Ook het hoofd van de katholieke kerk spreekt zich uit over God en het gebeuren in Azië.

VATICAANSTAD (RKnieuws.net) - "God laat ons mensen nooit in de steek, zelfs niet tijdens de moeilijkste en meest pijnlijke beproevingen", dat zei paus Johannes Paulus II zondag naar aanleiding van de zeebeving in Zuidoost-Azië.
"God laat zijn aanwezigheid voelen in de concrete toepassing van zijn gebod dat aanspoort tot liefde tot de naaste", zo zei de paus. "Deze evangelische boodschap geeft de wereld hoop op voorwaarde dat we leven in de liefde van God", voegde hij er aan toe. (tb)

Door Theo Borgermans (Bron: AFP)

Vragen

  • Hoe sta je tegenover zijn uitspraak?
  • Welk godsbeeld spreekt hier uit?
  • Vergelijk het met bovenstaande godsbeelden uit de vele reacties van mensen.

Didactische impulsen voor lager onderwijs

4.1. Leerlingen vertellen hun eigen belevingen

De leerlingen hebben waarschijnlijk vele beelden van de gevolgen van de tsunami gezien op TV. Sommigen hebben daarbij ondersteunende duiding gekregen van hun ouders. Anderen hebben dit alleen of met broers, zussen en/of vrienden aanzien.
Welke belevingen, gedachten, verbeeldingen zijn er door hen heen gegaan? Op welke manier hebben ze deze beelden verwerkt? Welke indrukken, zijn achtergebleven? Welke vragen hebben ze zich gesteld? Welke antwoorden hebben ze gevonden en wat is als een vraagteken gebleven? Met welke shockerende beelden lopen ze (nog) rond? Welke angsten hebben leerlingen opgelopen? Hoe ziet hun levensopvatting er nu uit? Is deze in zekere zin veranderd?

Zie ook punt 1.1. In de klas ter sprake brengen

Kringgesprek rond belevingen bij het zien van de televisiebeelden

De dag na Kerstmis 2004 werden vele landen in Azië getroffen door een grote overstroming: een tsunami. Dat is een vloedgolf van zeewater van wel 10 en meer meter hoog en kilometers lang. Bij deze vloedgolf stierven er meer dan 150.000 mensen in landen zoals Indonesië, Sri Lanka, India,Thailand,... Daarbij waren er nog veel meer gewonden, meer dan 1.500.000 mensen dakloos en meer dan twee miljoen mensen die honger en dorst lijden.

Wellicht heb je daarvan beelden op TV gezien. Als je terugdenkt aan je belevingen bij het zien van die beelden op TV of bij het horen van de berichten op de radio, of het lezen ervan in de krant...

  • Waar denk je dan eerst aan terug?
  • Van wat je gezien hebt?
  • Van wat je gehoord hebt?
  • Wat komt er dan allemaal bij je op aan gewaarwordingen, belevingen, gedachten...?
  • Vertel aan elkaar wat je het meest is bijgebleven.
  • Vertel ook welke gevoelens, gedachten of verbeeldingen je daarbij hebt.

Als leerkracht kan je als aanloop een foto of videofragment meebrengen uit de krant, van TV of het internet (ook in dit dossiertje vind je zeker heel wat fotomateriaal). Aan de hand van die foto's kan je zelf vertellen wat je getroffen heeft, waarna de leerlingen zelf de eigen verhalen en belevingen vertellen. Je kan ook de leerlingen zelf laten starten en jouw verhaal tot het eind bewaren.

Zoek een beperkte reeks foto's waarbij de vele aspecten van het hele gebeuren aan de orde komen. Bijgaande foto's en de foto's her en der verspreid kunnen daarbij een hulp zijn.
Geef bij de keuze van de foto's aandacht aan de elementen vermeld in de inleiding.

Suggesties voor algemene vragen bij de foto's en het kringgesprek

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureright/_medium/11.jpg
  • Waarnemen:
    Wat zie je op de foto? Wat valt je het eerst op? Wat zie je nog allemaal? Wat zie je gebeuren op de videobeelden? Wat heb je daarover thuis gezien op TV? Wat hoor je daarover vertellen? Wie weet daar wat van? Kan je er (niet) naar kijken, doe je de ogen dicht, wil je dit opnieuw zien, is het niet om aan te zien?

  • Belevingen:
    Wat voel je als je dit ziet? Wat gaat er door je heen? Welke emoties komen in je boven? Maakt je dit droevig, angstig, stil, kwaad,...? Ben je onthutst, verlamd, sprakeloos, verbijsterd,....? Is het gebeuren indrukwekkend, groots, spectaculair? Wat zeg of roep je dan als je de beelden voor het eerst ziet? "Oh neen", "kijk daar", "'t is niet waar", "och God", "Jezus (Djeezus)", "niet te geloven",...?
    Wat associeer je? Wat fantaseer je? Welke beelden worden opgeroepen? Wat word je gewaar? Welke plek op je lichaam vertelt je iets? Hoe zit je erbij als je naar de beelden kijkt? Handen samen geknepen, de knieën tegen elkaar, heel dicht bij de foto's of de beelden om goed te zien, de handen voor de mond, achteruitgeslagen in de zetel, de handen van elkaar vasthouden, dicht bij mama of papa,...?

  • Bedenkingen en analyses:
    Welke gedachten schieten er door je hoofd? Wat bedenk je allemaal? Hoe schat je de situatie in? Wat is je kijk op de zaak? Wat is je oordeel hierover? Wat staat er te gebeuren? Waar loopt dit op uit denk je?

  • Wensen, plannen, opties vanuit waarden en de wil tot handelen:
    Wat zou je graag zien gebeuren? Waar verlang je naar? Wat wens je? Wat zou je willen zeggen, doen, niet doen...? Wat hoop je daarmee te bereiken? Waarvoor kies je? Zou je willen helpen? Zou je daar willen zijn om handen uit de mouwen te steken? Wat zou je dan willen doen?

  • De waardering van het gebeuren:
    Wat vind je eigenlijk van wat er gebeurd is? Wat vind je er dan slecht of goed aan? Kan je zeggen waarom je dat vindt? Wat vind je dat er niet kan? Waarom vind je dat? Zie je gelijkaardige dingen nog meer gebeuren rondom je? Zie je dat ook bij grote mensen? Zie je dat ook op T.V.?
    Heeft dat gebeuren iets in je veranderd? Kan je daar iets van vertellen? Zou je willen dat het terug als vroeger was? Kan het nog worden hersteld? Kan dat bij jou ook nog worden hersteld? Waarom wel, waarom niet?
    Wat moet er volgens jou gebeuren, veranderen? Zouden meerdere mensen moeten doen wat jij nu wil, verlangt? Waarom vind je dat zo waardevol? Is er nog iemand die dat vindt? Denk je dat dit voor iedereen zou moeten, is dat belangrijk voor alle mensen? Zou de wereld daar beter van worden denk je? Is er iemand die daar niet mee akkoord is? Kan je zeggen waarom niet?
    Waar moeten we volgens jouw meer op gaan letten? Kunnen wij uit ons gesprek iets halen waarvan we vinden dat het voor alle mensen hoort of waarvan we vinden dat het best nooit meer gebeurt?
    Heeft dat gebeuren iets in jou veranderd? Kan je daar iets van vertellen?
    Ga je nu anders naar deze landen en deze mensen kijken? Zou je willen dat het terug als vroeger was? Kan wat er gebeurd is nog worden hersteld denk je? Gaat het beter voor deze mensen worden dan het vroeger was? Waar leid je dit uit af.

  • Handelingen:
    Als je die beelden zag, wat heb je dan gedaan? Er aan anderen over verteld? En wat heb je dan verteld?
    Wat zie je de mensen op de foto's en de beelden allemaal doen? Wat gebeurt er allemaal? Laten we eens een opsomming maken van wat we daaromtrent op de foto's allemaal zien. Wat valt dan op? Wil je daar ergens bij helpen? Waarom wel of niet. Waar zou je willen bij helpen? Wat zie je jezelf zeker niet doen?
    Kan je van hieruit iets doen? Zo ja, wat kan dat allemaal zijn? Op welke wijze kunnen mensen hier hun verbondenheid met wat er gebeurt uitdrukken?

4.2. Leerlingen verwerken hun belevingen

Een veelheid aan activiteiten

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureright/_medium/kunstwerk.jpg

Als leerlingen hebben kunnen vertellen over hun ervaringen is het belangrijk dat ze dit op één of andere wijze ook gestalte kunnen geven, meer dan in woorden alleen. Verwerken wil zeggen, er werk van maken, een werkstuk maken dat zichtbaar gestalte geeft aan wat er bij hen is omgegaan.

Belangrijk is dat leerlingen meerdere keuzes krijgen om zich uit te drukken. Ieder kind of jongere heeft eigen vaardigheden en verwerkt de dingen op heel eigen wijze. Daarom is een divers aanbod nodig. Ingaan op eigen suggesties van leerlingen en deze voor hen mee mogelijk maken evenzeer. Verwerken kan op vele wijzen:

  • Individueel via tekenen, schilderen, stempelen, boetseren, papierdeeg,...
  • In groepjes via poppenspel (tafelpoppen met figuren uit de krant), naspelen aan de waterbak, uitbeelding (vb. van reddingssituaties), fotocollages maken (mogelijks op computer), belevingsdoek (pachwork) naaien, maquette maken,...
  • In klasverband: samen stil zijn, mediteren, een kaars branden, bidden, zingen, actie voeren, tentoonstelling maken,...

Enkele mogelijkheden worden meer uitgewerkt voorgesteld.

Gevoelens met kleuren weergeven

Tracht met kleurpotloden de eigen gevoelens m.b.t. je belevingen bij de tsunami (vloedgolf) op een tekenblad weer te geven door kleurkeuze en kleurwijze. Je kan iets van je gevoel uitdrukken door met stippen te werken, zacht te kleuren, strepen te trekken, rondingen te maken, te krassen, enzovoort. Je kan harde en zachte kleuren kiezen, één of meerdere kleuren, veel kleur op elkaar of een dun laagje, strepen trekken of vlakken kleuren,....

Je kan één bepaald gevoel tekenen maar ook meerder naast of door elkaar weergeven.

Schrijf op de achterzijde even wat je hebt getekend of wat er aan gevoelens bij je is opgekomen.

Na het maken van de tekeningen volgt best een kort gesprek of uitwisselingsmoment waarbij de leerlingen hun tekening kunnen voorstellen. Enkele mogelijke vragen die bij zo'n voorstelling kunnen gesteld worden: Vertel eens wat je hebt getekend. Vertel even over het gevoel dat je hebt weergegeven. Ik zie dat je veel rood, geel, groen, zwart,... hebt gebruikt, kan je daar iets over zeggen? Wie heeft nog veel deze kleur gebruikt? Vertel daar eens iets over. Ik zie bij jou veel strepen, punten, vlakken,... Waarom heb je zo getekend? Hoe was dat om zo te tekenen?....

Foto's bekijken en kiezen

Bekijk de bijgaande foto's over het gebeuren tijdens en na de vloedgolf. Ook de andere foto's, elders in deze in de kijker kunnen gebruikt worden.

Zoek een of meerdere foto's die een goede uitdrukking zijn van wat jijzelf als beleving meedraagt van deze tsunami of vloedgolf. Schrijf bij die foto:

  • een gevoel
  • een verbeelding
  • een gedachte
  • een wens
  • een daad die je gaat stellen en hierbij hoort.

Toon elkaars foto. De ander vertelt wat hij/zij er in ziet. Vertel daarna zelf aan de ander wat deze foto voor jou betekent. Vertel enkel aan elkaar wat je hierover kwijt wil.

Zoek ook een foto die je aanspreekt omdat ze iets heel sterk, iets waardevol vertelt over wat die mensen ginder hebben meegemaakt.
Kies een fotobeeld dat ook goed uitdrukt wat je van deze gebeurtenis wil onthouden voor jezelf. Wat wil je aan de hand van deze foto aan de anderen vertellen? Neem even de tijd om daarover na te denken.
Sommige foto's kunnen ook verschillende betekenissen hebben of je kan er meerdere zaken in zien. Probeer de foto vanuit verschillende invalshoeken te bekijken.

Breng de door jou gekozen foto aan op een groot blad of karton. Schrijf, teken, schilder, plak… (afhankelijk van hoe je jezelf best uitdrukt) rond de foto wat deze foto allemaal voor jou betekent. Wat wil je aan de hand van die foto over het gebeuren vertellen.
Misschien komen er ook wensen, dromen, verlangens in je op. Teken en schrijf ook dat erbij.
Vertel er over aan elkaar.

Je kan de foto's ophangen in de gang van de school, zodat het een fotoreeks wordt die de leerlingen helpt de ramp te duiden en voor zichzelf een plaats te geven.

4.3. Meeleven met het verdriet

Het verdriet van de slachtoffers

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureleft/_medium/verdriet2.jpg

Mannen, vrouwen, kinderen, ieder voelt en beleeft het verdriet, om wie en wat verloren is, op een heel eigen wijze. Bekijk de foto's en probeer bij enkele foto's die je raken te verwoorden wat je ziet. Hoe uiten deze mensen hun gevoelens? Wat doen ze dan? Wat voelen ze dan? Wat voel jij? 

Kan je het verdriet van iemand van deze foto's ook zelf voelen? Wat denk je? Kan je dat proberen? Kan je door de houding van de persoon op de foto aan te nemen beter voelen welk verdriet die persoon heeft? Probeer dat eens.

Het verhaal van grootvader Mordechai

Lees het onderstaande verhaal

Grootvader Mordechai in gesprek met zijn kleinzoon Ernie.
"Luister goed naar mij", zei Mordechai, "zet allebei je oren open.
Als een man alleen lijdt, dan is het wel duidelijk dat zijn smart op hem alleen blijft. Gesnapt"? "Gesnapt", zei Ernie.
"Maar als een ander naar hem kijkt en zegt: Wat heb jij een pijn broer! Wat gebeurt er dan?" "Dat begrijp ik ook", zei Ernie, "dan neemt hij de pijn van zijn vriend in zijn ogen op".
Mordechai zuchtte, glimlachte, zuchtte weer.
"En als hij blind is, denk je dat hij het dan ook kan op zich nemen"?
"Natuurlijk, met zijn oren"!
"En als hij doof is"?
"Dan met zijn handen", zei Ernie ernstig.
"En als die ander heel ver weg is, als hij hem niet kan zien, niet kan horen en zelfs niet kan aanraken. Denk je dan dat hij zijn lijden op zich kan nemen"?
"Misschien kan hij het raden", zei Ernie voorzichtig.
Mordechai raakte opgetogen.
"Ja, zo is het mijn lieve jongen, dat is nu precies wat een rechtvaardige moet zijn. Hij raadt al het lijden dat er op de wereld is, hij neemt het op in zijn hart".

André Schwarz-Bart, De laatste der rechtvaardigen,p. 154.

  • Wat zegt Ernie over meevoelen met iemand?
  • Denk je dat het mogelijk is wat dit kind (Ernie) zegt?
  • Waarom wel of niet? Wat wel en wat niet?
  • Wat zou jij kunnen voelen?
  • Kan jij meevoelen met de overlevenden van de ramp?
  • Kan je daar iets over vertellen?
  • Hoe voelt dat? Wat voel je dan? Wat denk je?
  • Wat gebeurt er dan bij je?
  • Word je dan ook verdrietig, word je stil, ben je ontroerd...?

Meeleven betonen

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureright/_medium/stilte4.jpg

Over heel de wereld betonen mensen hun medeleven. Ze doen dat op vele wijzen. Ze maken tijd om in gedachten bij het gebeuren en de slachtoffers stilte staan.

  • Bekijk de foto's van de gedenkmomenten in de wereld.
  • Wat doen de mensen?
  • Welke beelden grijpen je aan?
  • Welke beelden heb je op TV of in de kranten gezien?
  • Wat weet je er over?
  • Heb je zelf ook meegedaan?
  • Vertel erover.

Foto's van gedenkenisvieringen

Zou je in de klas of in de school ook zo'n gedachtenismoment kunnen opzetten?
Wat zou daarvoor nodig zijn? Heb je daar zelf een idee van?
Wat doen mensen als ze hun doden herdenken en hun verdriet uiten?
Zou je daarron iets iin de klas kunnen doen?

Bij het gedenken van een gebeurtenis of overlijden stellen mensen bepaalde gebaren. Bekijk de foto's en maak een lijstje wat deze mensen doen. Wat kan je zelf nog meer aanvullen?

Ze staan stil.
Ze zwijgen.
Ze wenen en huilen stil of hardop.
Ze bidden in stilte of samen hardop.
Ze zingen samen of alleen.
Ze houden hun handen voor hun gezicht of houden elkaars handen vast.
Ze branden kaarsen, lampjes, wierrook…
Ze brengen bloemen aan in tuiltjes of kransen.
Ze dragen foto's en voorwerpen van de overledenen mee.
Ze dragen opschriften en spandoeken.
Ze hangen vlaggen halfstok.
...

Wat hiervan zou jij tijdens een klas of schoolviering willen doen om je meeleven te tonen?
Welke foto zou jij meedragen?
Wat zou je daarbij willen zeggen?
Zou je daarbij willen bidden?

Maak een klein moment tijdens de dag vrij om met de kinderen stil te staan om in een ritueel, met een woord en een gebaar, de beleefde gebeurtenissen samen te leggen. Geef ruimte aan de kinderen om dat op een eigen wijze te doen. Geef ruimte aan alle levensbeschouwelijke gezindheden om dat gepast te doen.

Herdenkingsdienst slachtoffers zeebeving in Brusselse kathedraal Protest van vrijzinnigen

BRUSSEL (RKnieuws.net) - Op 15 januari om 11u vindt in de Sint-Michiels en Sint-Goedele-kathedraal een oecumenische herdenkingsplechtigheid plaats voor alle slachtoffers van de tsoenami-ramp in Azië. Dat maakte de persdienst van premier Verhofstad dinsdag bekend.
De plechtigheid wordt voorgegaan door Kardinaal Danneels. Ook vertegenwoordigers van de andere religies en van de vrijzinnigheid zullen de rouwplechtigheid bijwonen. De koninklijke familie zal ook op de plechtigheid aanwezig zijn.
Uit vrijzinnige hoek is protest gerezen en wordt aangedrongen op een burgerlijke of pluralistische herdenkingsplechtigheid. "De overheid moet neutraal blijven", luidt het. (tb)

RKnieuws.net - Theo Borgermans

Vragen ter bespreking:
  • Waarom zouden volgens jou de verschillende kerken een herdenkingsplechtigheid organiseren?
  • Wat is de waarde van het 'herdenken' en 'herinneren', voor de mensen in hier België, voor de mensen in Zuidoost-Azië, voor slachtoffers, en voor hen die familie verloor?
  • Waarom zou er protest zijn vanuit humanistische hoek? Kan je dit begrijpen?
  • In welke zin is het rouwen om de slachtoffers een verbindend element tussen mensen? In welke zin kan het ook scheidend werken?

4.4. Massale hulp voor het getroffen gebied

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureleft/_medium/hulp.jpg

Het is voor leerlingen van belang dat ze niet alleen met de chaos, de ramptoestanden, de miserie, het kwaad,... geconfronteerd worden. We moeten hen ook duidelijk laten zien hoe mensen geholpen worden op vele wijzen, hoe ze elkaar helpen, hoe mensen van hieruit en van over heel de wereld helpen en solidair zijn. Er is niet alleen uitzichtloosheid, er is ook de hoop, het herstel, de opstanding, het vernieuwde vertrouwen,... ondanks de angst, de twijfel, de honger, de pijn en het grote verdriet om het gemis van zovele dierbaren. Dat is het geloof dat zovele mensen aan elkaar willen doorgeven, zowel christen, moslims, humanisten, boeddhisten, hindoe's en zovele anderen.

Kinderen worden vaak het eerst geholpen.
Bekijk de foto's van de kinderen. Vertel wat je ziet? Op welke wijze worden de kinderen geholpen? Vertel er over aan elkaar. Waar en hoe is dat op de foto's te zien? Maak er een collage van met foto's uit kranten en weekbladen.

Organisaties allerhande sturen hulp
Bekijk de beelden. Wat vertellen ze? Wat gebeurt er om de slachtoffers te helpen? Vele actiegroepen en gewone mensen in Vlaanderen steunen de slachtoffers.

Ook de scholen in Vlaanderen zijn bezig met hulp in te zamelen.
Bekijk met de klas of de school wat een gepaste actie is die je kan doen en waar alle leerlingen aan kunnen deelnemen. Zorg niet alleen voor geldinzamelacties, maar zorg voor een klimaat van bewustwording, bewustmaking, bekendmaking en toe-eigening.

Specifieke christelijke ethiek en motivatie voor solidariteit

Wanneer de Mensenzoon komt, omstraald door luister en in gezelschap van alle engelen, zal hij plaatsnemen op zijn glorierijke troon. [32] Dan zullen alle volken voor hem worden samengebracht en zal hij de mensen van elkaar scheiden zoals een herder de schapen van de bokken scheidt; [33] de schapen zal hij rechts van zich plaatsen, de bokken links. [34] Dan zal de koning tegen de groep rechts van zich zeggen: Jullie zijn door mijn Vader gezegend, kom en neem deel aan het koninkrijk dat al sinds de grondvesting van de wereld voor jullie bestemd is. [35] Want ik had honger en jullie gaven mij te eten, ik had dorst en jullie gaven mij te drinken. Ik was een vreemdeling, en jullie namen mij op, [36] ik was naakt, en jullie kleedden mij. Ik was ziek en jullie bezochten mij, ik zat gevangen en jullie kwamen naar mij toe. [37] Dan zullen de rechtvaardigen hem antwoorden: Heer, wanneer hebben wij u hongerig gezien en te eten gegeven, of dorstig en u te drinken gegeven? [38] Wanneer hebben wij u als vreemdeling gezien en opgenomen, u naakt gezien en gekleed? [39] Wanneer hebben wij gezien dat u ziek was of in de gevangenis zat en zijn we naar u toe gekomen? [40] En de koning zal hun antwoorden: Ik verzeker jullie: alles wat jullie gedaan hebben voor een van de onaanzienlijksten van mijn broeders of zusters, dat hebben jullie voor mij gedaan. [41] Daarop zal hij ook de groep aan zijn linkerzijde toespreken: Jullie zijn vervloekt, verdwijn uit mijn ogen naar het eeuwige vuur dat bestemd is voor de duivel en zijn engelen. [42] Want ik had honger en jullie gaven mij niet te eten, ik had dorst en jullie gaven me niet te drinken. [43] Ik was een vreemdeling en jullie namen mij niet op, ik was naakt en jullie kleedden mij niet. Ik was ziek en zat in de gevangenis en jullie bezochten mij niet. [44] Dan zullen ook zij antwoorden: Heer, wanneer hebben wij u hongerig gezien of dorstig, als vreemdeling of naakt, ziek of in de gevangenis, en hebben wij niet voor u gezorgd? [45] En hij zal hun antwoorden: Ik verzeker jullie: alles wat jullie voor een van deze onaanzienlijken niet gedaan hebben, hebben jullie ook voor mij niet gedaan. [46] Hun staat een eeuwige bestraffing te wachten, de rechtvaardigen daarentegen het eeuwige leven.

Mt 25, 31-46

Zie ook de pagina's van het VSKO: Tsunami's in Azië - SOS Zuidoost-Azië
Zie ook de nationale actie Tsunami 12-12

4.5. De tsunami en het verhaal van de zondvloed, de ark van Noach (Noeh)

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureleft/_medium/noach.jpg

Christenen, moslims en joden zullen bij het zien van de vloedgolf in Azië onwillekeurig denken aan het bijbelse verhaal van de zondvloed, beter bekend onder de naam 'Het verhaal van de ark van Noach (Noeh)'. In de bijbel in Genesis 6-9 en in de Koran vooral in Soera 11.
Het verhaal vertelt dat de mensheid zo slecht geworden was dat God besloot hen te straffen door een vloed aan water over hen heen te laten komen. Alleen één rechtvaardige man (Noach, Noeh) en zijn familie werd gered toen hij in opdracht van God een ark (schip) bouwde en er al de dieren van de aarde in meenam. Als het water zakt en er na de verwoesting weer leven op aarde begint te komen, komt God doorheen dit gebeuren tot besef: 'Nooit meer zal ik al wat leeft doden… en tot teken van dit verbond zal ik een regenboog aan de hemel laten verschijnen'. In de moslimversie staat er 'Terwijl zij onrecht plegen, werden zij gegrepen door de zondvloed maar Wij (God) hebben hem en zijn metgezellen gered en maken hiervan een teken voor het heelal. (Soera 29,14-15)'.

Meer info: In de kijker lichtfeesten - Loy Krathong en Chanoeka (Impuls B)

Gelijkenissen en verschillen tussen de tsunami en het zondvloed verhaal.

Als je het verhaal van de Ark van Noach (Noeh) leest of hoort, merk je dan gelijkenissen met de gebeurtenissen tijdens de vloedgolf in Azië?
Ga eens op zoek naar grote punten van gelijkenis.
Zie je ook verschillen? Welke?
Vertel er per twee over.
Teken per twee samen op één groot tekenblad om beurt een gelijkenis die je ziet. Nadien geef je op de achterzijde ook de verschillen weer.

  • Boosheid en geweld onder de mensen, aarde vol gewelddaden
  • Een grote vloed aan water die alles overspoeld
  • Regen en storm boven op de watervloed
  • Dode mensen, kinderen
  • Dode dieren, gewassen, bomen…
  • Een grote chaos van wat is stukgeslagen
  • Een schip dat blijft drijven
  • Geredde mensen
  • Geredde dieren
  • Dankbare mensen om hun redding
  • Reddende mensen
  • Verdriet, pijn, lijden om het gemis van dierbaren
  • God die de aarde wil vernietigen
  • God die een verbond maakt met de mens
  • Een duif met een eerste takje groen leven
  • ...

Dieren overleven de tsunami

Functionarissen van Natuurbeheer in Sri Lanka zijn met stomheid geslagen -- De ergste tsunami die zij zich kunnen herinneren, heeft in het land ongeveer 22.000 mensen het leven ontnomen, maar tot hun grote verbazing zijn er in zijn geheel geen dode dieren te vinden. Enorme golven stuwden bij het Yala National Park het water tot drie kilometer het land in, en richtten een enorme ravage aan in Sri Lanka's grootste wildlife reservaat, het woongebied van honderden olifanten en verscheidene luipaarden. "Het bizarre is dat we geen dode dieren hebben gezien", zegt H.D. Ratnayke, directeur van het nationaal Wildlife Department. "Er is geen enkele olifant doodgegaan. Niet eens een dode haas of een konijntje", voegt hij toe. Ratnayk vermoedt dat dieren een zesde zintuig hebben. Ze voelen het aankomen wanneer er dingen gaan gebeuren.

Mensen overleven op zee na beving

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureright/_medium/levendood.gif

Een kind van anderhalf jaar werd drijvend op een matras na zes dagen teruggevonden.

Vrijdag redde een Maleisische vissersboot een 23-jarige vrouw uit Atjeh uit de Indische Oceaan. Zij dreef op een boom waaraan nog trossen fruit hingen, waardoor ze in leven had weten te blijven.

Een Indonesiër heeft acht dagen op zee rondgedobberd na de verwoestende zeebeving. En; hij heeft het barre avontuur overleefd. Een Maleisisch containerschip redde de man maandagavond uit de Indische Oceaan. Hij dreef 160 kilometer voor de kust van de Indonesische provincie Atjeh op boomtakken en brokstukken. De man had in leven weten te blijven door regenwater te drinken.

Weeskinderen zien de vloedgolf aankomen. De verantwoordelijke dominee roept de dertig weeskinderen in een ijltempo samen in een boot en vaart tegen de tsunami in. De vloedgolf tilt de boot op. De boot komt boven op de reuzengolf terecht. Al de kinderen en vier volwassenen zijn gered. Al blijft het nog anderhalf uur vechten tegen de stromingen en de golven.

Welke gelijkenissen en verschillen tref je zelf nog allemaal aan?
Maak er een grote collage van. Welke betekenissen wil je hieraan meegeven?
Stel alles ten toon in de inkomhal van de school.

Is de tsunami een straf van God?

Lees het krantenartikel en bekijk de reacties hier

Een gesprek over God

Voer hierover met de leerlingen een filosofisch en/of theologisch gesprek. Volgende vragen kunnen daarbij een hulp zijn.

  • Hoe reageer jij op bovenstaand bericht en op de reacties?
  • Welke reactie krijgt jouw goedkeuring? Welke niet?
  • Waarom is dat zo?
  • Welk beeld van God klinkt er uit de verschillende reacties?
  • Welk Godsbeeld past er het best met jouw beeld?
  • Is het zinvol hierbij over God te spreken? Waarom wel of niet?
  • Heeft God iets met de tsunami te maken? Eerder wel of eerder niet?
  • Is de tsunami een straf van God? Waarom wel of niet? Waarom denk je dat?

Twee verschillende godsbeelden in

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureleft/_medium/rainbow1.jpg

In het verhaal van de bijbel verschijnen er precies twee beelden van God. Het beeld van een straffende God en het beeld van een God die de mens geen kwaad wil aandoen maar met hen een verbond sluit. Twee tegengestelde beelden.

Wat wil het bijbelverhaal over God vertellen?

  • Dat God diep teleurgesteld is in de mens en spijt heeft dat hij de mens gemaakt heeft?
  • Dat God het liefst helemaal opnieuw wil beginnen, dat hij 'schoon schip' maakt, 'grote kuis' houdt en met een 'propere lei' herbeginnen wil?
  • Dat God het kwade straft en alleen met de goede mensen voort doet?
  • Dat alle vloedgolven en overstromingen straffen van God zijn omdat de mensen zondig leven?
  • Dat God vroeger misschien wel een straffende God was maar dat Hij bij het zien van al dat lijden heeft ingezien dat dit verkeerd was?
  • Dat God zowel een kwade en straffende God is als een weldoende en bewarende God is?
  • Dat de mensen vroeger dachten dat God met aardbevingen en overstromingen de mensen wilde straffen maar dat ze tot inzicht gekomen zijn dat God eigenlijk niet wil dat de mens dit overkomt?
  • Dat mensen God zien als een bestrijder van het onrecht omdat het chaos veroorzaakt. En dat het verhaal gebruik maakt van het 'beeld' van een watervloed (geen echte vloed, water is vaak een teken van onheil en kwade machten) om de bedoeling van God duidelijk te maken?
  • Dat God verdriet heeft om de chaos en in de figuur van Noach (=troost) laat zien hoe Hij troost en redding uit de chaos van het kwade brengt?
  • Dat God laat zien dat ondanks de grote watervloed het leven kan doorgaan. Dat er opnieuw verbonden moeten gesloten worden en vertrouwen geschonken?
  • Dat Noach zijn redding uit de chaos ervaren heeft als door Gods hand.

Wat denk je zelf hierover?
Welk beeld sluit het meest aan met wat jij denkt?
Welk het minst? Waarom is dat zo?

Zoek een sprekende foto m.b.t. de vloedgolf in Azië en teken er op eigen wijze een zelfgekozen beeld van God bij zoals jij je dat voorstelt. Schrijf er een titel bij en noteer er onder een 'lijfspreuk' voor God (jouw Godsbeeld) die daarbij past.

Didactische impulsen voor secundair onderwijs

5.1. Het einde van de wereld is nabij

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureleft/_medium/tsunami_child10.jpg

BRUSSEL - Waarom beroert de tsunami-ramp zoveel mensen? Wegens haar omvang? Zeker. Maar misschien appelleren de aanhoudende beelden van het verwoestende water ook aan een archetypische angst van de mens voor de Apocalyps. "Mensen hebben moeite om het absolute absoluut te laten."

NOOIT eerder heeft een natuurramp zoveel menselijke emoties en liefdadigheid losgeweekt als de zeebeving in Azië. Typerend is de grootschalige inzamelactie die donderdag op de Nederlandse televisie liep. Onder impuls van Bekend Nederland werd een recordbedrag van 112 miljoen euro bijeengebracht. Een kroniek van een aangekondigd succes, want er waren veel redenen om te storten. Er was de omvang van de ramp: 160.000 doden en gigantisch veel materiële schade, dat gaat niet in je koude kleren zitten.

Bovendien waren bij de slachtoffers veel westerse toeristen, dat brengt de ramp een stuk dichterbij. En voor Nederland gold dat het zwaarst getroffen Indonesië een oud-kolonie is.

Allemaal heel valabele redenen, maar is er niets meer? In The International Herald Tribune schreef Roger Cohen deze week: "Ik vermoed dat ook enkele dieperliggende factoren een rol hebben gespeeld. De tsunami en de vloedgolf zijn spookbeelden uit ons collectieve onderbewustzijn die ons met bijbelse kracht raken. De angst die losgemaakt wordt, zet ons aan tot actie."

Dat de wereld zal vergaan in grote rampspoed en dat er een straffende God bestaat, zijn inderdaad ideeën die in verschillende bijbelse taferelen worden geschetst: de Ark van Noah, de Ruiters van de Apocalyps, het verhaal van Job Maar ook in andere grote religies komen ze naar voren. De koran kent verschillende voorbeelden van rampen waarmee Allah orde op zaken stelt. Overkomt een moslim iets ergs, dan beschouwt hij dat vaak als een test voor zijn geloof. In het hindoeïsme moet een mens zijn fouten in dit of een vorig leven bekopen. Natuurrampen spelen daarbij een rol. Vooral de lagere goden zijn gevreesd.

Volgens religieus denker Rik Torfs zijn die apocalyptische denkbeelden niet zozeer eigen aan religies, maar zijn ze ingebakken in de mens. "Maar religie is natuurlijk ook eigen aan het mens-zijn." Het idee dat 'het einde der tijden nabij is' heeft voor Torfs iets contradictorisch. "Enerzijds heb je het grootse, absolute idee van het 'einde der tijden', anderzijds wil men dat 'nabij' maken. Het moet 'binnen handbereik' zijn. Het zegt veel over de mens die moeite heeft om het absolute absoluut te laten."

Een ramp van dergelijke omvang confronteert een mens natuurlijk met zijn limieten. Daarbij zijn twee houdingen mogelijk. Ofwel zeg je: dit is iets onvermijdelijks, we moeten ons daarbij neerleggen. Ofwel ga je in die ramp een straf zien van God. En in feite is dat een makkelijkere houding. Want daardoor maak je de ramp weer beheersbaar. Er is een verklarende kracht voor gevonden. Maar het is tegelijk een onvolwassen manier om tegen de zaak aan te kijken.

In religieuze kringen bestaan de twee houdingen. De meer verlichte geesten hebben de straffende God achter zich gelaten. Na een ramp zijn ze vooral begaan met de hulp die gegeven moet worden. "Religie biedt geen sluitende verklaring voor een ramp, wel de inspiratie om op de verschrikkingen te reageren", zegt Diana Eck, hoogleraar vergelijkende godsdienstwetenschappen in Harvard, aan Trouw.

De Belgische bisdommen zijn er bij calamiteiten inderdaad meestal snel bij om met financiële hulp over de brug te komen. Ook Rowan Williams, de aartsbisschop van Canterbury, verwoordde het zo: "De kern van de zaak is niet dat we ons afvragen 'waarom slechte dingen gebeuren', maar we moeten kijken wat we kunnen doen om te helpen." Toch legde ook hij een link met God door te stellen dat gebeurtenissen als de tsunami geloven moeilijk maakt.

In traditioneel gelovige kringen is het idee van de straffende God echter nog springlevend Een Baptistische kerk in Kansas zag een verband tussen de vele Zweedse vermisten en de tolerantie van Zweden tegen homo's en lesbiennnes. "We hopen dan ook dat de 1.900 vermiste Zweden dood verklaard worden", schreven ze op hun website.

Op het internet zijn websites die in de tsunami een aanwijzing zien van het einde der tijden, legio. Bill Koenig, een Amerikaans evangelisch journalist en predikant, wijst er op zijn webstek watch.org op dat vier van de grootste aardbevingen op katholieke feestdagen gebeurden. De aardbeving die Lissabon in 1755 van de kaart veegde, vond plaats op Allerheiligen. In 1964 beefde in Alaska de aarde met een kracht van 9,2 op de schaal van Richter. Dat gebeurde op Goede Vrijdag. En dan waren er de twee aardbevingen op Tweede kerstdag, in Bam in 2003 en in Azië drie weken geleden.

Dat rampen en religies blijven samengaan, is volgens Torfs niet zo verwonderlijk. "Religies houden zich in de eerste plaats bezig met de vragen over leven en dood."

Voor de Belgische vrijzinnigen nemen de religies - en in België blijft dat toch nog altijd de katholieke kerk - zelfs zodanig het voortouw in de liefdadigheidsacties dat ze een boze e-mail rondstuurden onder de titel: "Pijn kan niet exclusief geclaimd worden door een Kerk." Daarin hekelden ze het feit dat de herdenkingsplechtigheid die volgende week zaterdag wordt gehouden een "louter christelijk eerbetoon" wordt. "Tja," zegt Torfs, "ik heb er geen bezwaren tegen dat ze een principiële vraag stellen. Toch ben ik geen voorstander van herdenkingsvieringen die een absolute neutraliteit nastreven. En tot nader order hebben religies meer traditie in die soort rituelen."

Dominique Minten, De Standaard, 8 januari 2005

Verwerkingsvragen:

  1. Welke verschillende visies op God en het lijden kunnen uit dit artikel afgeleid worden?
  2. Waarom is het thema van het einde van de wereld voor mensen relevant zeker in deze context?
  3. Wat zou je eigen kijk zijn op de verhouding tussen God en het lijden in deze context?

Zie ook:

5.2. Zeebeving Azië: Hoe kan God dit toelaten?

Aardse tranendal

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureright/_medium/tranendal.jpg

Hoe kan de almachtige God het immense leed van zoveel mensen toestaan? Die vraag dateert al van bijbelse tijden. De ramp in Zuidoost-Azië maakt de kwestie voor de zoveelste keer in de geschiedenis van dit aardse tranendal, weer pijnlijk actueel. Waar was God op Tweede Kerstdag toen de zee beefde en tienduizenden verzwolg en miljoenen in bittere ellende stortte? Katholieknederland.nl legt de vraag voor aan de Nijmeegse theoloog prof. dr. Hermann Häring. Hij schreef in 1999 het boek: Das Böse in der Welt. Gottes Macht oder Ohnmacht? ('Het kwaad in de wereld. Gods macht of onmacht?').

Geen theorievorming

Häring: "Als ik naar die vreselijke televisiebeelden kijk, dan verbied ik mijzelf om als theoloog hierover een theorie te vormen. Geen enkel gedachtespinsel kan die vreselijke werkelijkheid namelijk milder maken. En God? Ik kan alleen maar denken aan de woorden van Jezus aan het kruis: God mijn God, waarom hebt gij mij verlaten?"

Schreeuw

Of de almacht van God te rijmen valt met het kwaad, die vraag beantwoordt Häring niet. Maar de vraag zelf is niet goed, zegt hij. "Als je start met de idee van een almachtig wezen om die vervolgens te confronteren met het leed van onschuldige mensen, dan begrijp je niet hoe godsdiensten zijn ontstaan. Precies het omgekeerde is het geval. Godsdienst ontstaat juist vanuit een positie van ellende en verwarring. Het begint als een schreeuw. Vervolgens groeit tegen de verdrukking in het besef dat het kwaad niet het laatste woord mag hebben." Is geloven in God dan wishfull thinking? "Ja, maar als men daarop een levenspraktijk bouwt kan dat heel verantwoord zijn. Je leven lang je laten leiden door hoop, is een vorm van praktische rationaliteit."

Ingrijpen in fysische wetten

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureleft/_medium/straf.jpg

Belijden dat God almachtig is, kan volgens Häring gevaarlijk zijn. "Als we in het Credo belijden dat God almachtig is, moeten we wel beseffen dat het hier om een liturgische formule gaat. Het is een lied en geen feitelijke vaststelling." Nog steeds heerst er volgens Häring bij veel christenen een verkeerd idee van almacht. "Alsof God alles kan; alsof hij overal en altijd willekeurig kan ingrijpen in de natuur. Het is maar goed dat God de autonome wetten van de fysica ongemoeid laat. Wij vertrouwen er immers zelf ook op, anders zou er geen vliegtuig meer opstijgen. Diezelfde fysische wetten doen overigens ook een tsunami ontstaan."

Fysiek kwaad

De RK-Kerk maakt in haar doctrine een onderscheid tussen fysiek en moreel kwaad. Het morele kwaad wordt berokkend door wezens met een vrije wil en is dus verwijtbaar. Fysiek kwaad is het leed dat wordt veroorzaakt door onder andere aardbevingen, tsunami's en vulkaanuitbarstingen. Daarover zegt de wereldcatechismus (KKK, nrs 310) het volgende. "Waarom heeft God geen wereld geschapen die zo volmaakt is dat er geen kwaad in kan bestaan? Overeenkomstig zijn oneindige macht zou God te allen tijde iets beters kunnen scheppen. Toch heeft Hij in zijn oneindige wijsheid en goedheid uit vrije wil een wereld willen scheppen 'in staat van op-weg-zijn' naar haar uiteindelijke volmaaktheid. Dit wordend karakter brengt in Gods heilsplan met zich mee dat met het verschijnen van bepaalde wezens het verdwijnen van andere gepaard gaat, met het volmaaktere ook het minder volmaakte en met de opbouw in de natuur tevens afbraak. Met het fysieke goed is derhalve ook het fysieke kwaad gegeven, zolang de schepping niet haar voltooiing bereikt heeft."

Naar boven schreeuwen

De gigantische tragedie in Zuidoost-Azië confronteert de mensheid met machteloosheid. "Het afschuwelijke gevoel van machteloosheid moeten we niet proberen weg te redeneren. Als christenen mogen we de werkelijkheid van het kruis niet verdringen. Dat deed Christus ook niet. Ook Hij wist geen antwoord op het leed van de wereld, maar Hij onderging het wel. Als theoloog ben ik gewend om antwoorden te zoeken. Maar nu kan ik net als Jezus slechts naar boven schreeuwen."

Datum: 30 december 2004 Tekst: Christian van der Heijden

Kan je deze vragen ook aan de leerlingen van je klas voorleggen?
Ga je dit ter sprake brengen? Wat kan je ermee bereiken?

5.3. Bibliodrama Job

Bibliodrama Job

afbeelding-tsunami_child4.jpg

tsunami_child4.jpg

afbeelding-wereldfotos5.jpg

wereldfotos5.jpg

afbeelding-wereldfotos.jpg

wereldfotos.jpg

afbeelding-tsunami10.jpg

tsunami10.jpg

afbeelding-tsunami8.jpg

tsunami8.jpg

Bij wijze van inleiding:

  • Welke gevoelens roepen de t.v. beelden bij jullie op?
  • Welke gevoelens roepen het radio-spotje of de foto's bij jullie op?
  • Enkele mogelijke antwoorden: kwaadheid, verdriet, pijn, onschuld, hysterie, ...

De onderliggende vraag hier is:

Waarom worden goede mensen getroffen door slechte dingen?

Of: waarom laat God toe dat mensen zoiets overkomt? Er is veel onrechtvaardigheid in de wereld, zoals bv. natuurrampen die onschuldige mensen treffen. Zowel de islam als het christendom en het jodendom leren dat God heel goed en machtig is. Maar als God zo goed is, waarom is er dan zoveel kwaad en onrecht?

Verschillende antwoorden zijn mogelijk:

  • Het kwaad is onze eigen schuld

    Een causale verklaring van het kwaad. Kwaad wordt hier gezien als het verdiende loon voor de zaken die we verkeerd hebben gedaan. Goede mensen worden beloond, slechte mensen overkomt kwaad. Het kwaad dat iemand overkomt heeft hij zichzelf dus aangedaan. 'Boontje komt om zijn loontje' of 'eigen schuld dikke bult', zegt de volkswijsheid.

    Ofwel gaat het om een straf rechtstreeks aan de dader toegekend. (Job 8, 5-6)
    Ofwel wordt men gestraft omwille van de zonde van de kinderen. (Job 8, 4)

    Het is echter moeilijk om te geloven dat alle kwaad dat ons overkomt, onze verdiende loon is. Dit is zeker zo als het om een natuurramp gaat.

  • Het kwaad is niemands schuld

    Dat het kwaad ook onschuldige mensen treft, leidt vaak tot de redenering dat het kwaad niet te wijten kan zijn aan iemands schuld. Er moet in de wereld 'iets' zijn waardoor slechte dingen gebeuren. Mensen kunnen moeilijk aanvaarden dat het kwaad zomaar uit het niets vandaan komt. Het gaat hier om een soort universele schuld. (Job 4, 17-19)

    Daarom wordt wel eens gezegd dat het kwaad de schuld is van de duivel of van slechte geesten. In de bijbel lezen we over satan, Lucifer of Beëlzebub. De aanhangers van Zarathoestra noemen de slechte geest 'angra mainyu'. Hindoes spreken over 'sjiva'.

    Elke godsdienst die zegt dat het kwaad echt is, leert ook dat het goede veel sterker is dan het kwaad.

  • Het kwaad zijn gaten in de schepping

    God zou dan de gaten in de wereld gemaakt hebben zodat wij iets zouden hebben om op te lossen en te herstellen. Het is de taak van de mensen om de wereld beter te maken daarom heeft God hem niet perfect geschapen. Het is niet de schuld van de mensen dat er gaten zijn. Het is wel de verantwoordelijkheid van de mens om die zoveel mogelijk te dichten. God heeft de mens dus geschapen met een verantwoordelijkheid.

Deze stellingen vinden we ook terug in het boek JOB.

Job is een rechtschapen, gelovig en goed man. Wat Job overkomt, roept dus vragen op!
Job verliest eerst zijn bezittingen, daarna zijn gezin en uiteindelijk zijn gezondheid. Hoe kan dat?
Als God rechtvaardig en almachtig is, moet Job toch een zondaar zijn.
Als Job goed is en als alles van God komt, ook het lijden, is God niet rechtvaardig.
En als Job beter verdiend had en God niet diegene is die dat lijden gezonden heeft, dan is Hij niet zo almachtig!
De vrienden van Job proberen hem te troosten met argumenten zoals lijden is een straf (God als rechter), we maken deel uit van Gods ondoorgrondelijk wereldplan en daarom moeten we aanvaarden en geloven dat God almachtig is, lijden leidt tot persoonlijke verrijking en is waardevol op zich, niet het hier (hiernumaals) is belangrijk maar in het hiernamaals zullen we dubbel beloond worden.
De aanwezigheid van de vrienden en hun luisteren werkt positief bij Job maar hij vindt van zichzelf dat hij een goed mens is en gaat de discussie met God zelf aan.
Is de God van het boek Job zo machtig dat hij niet rechtvaardig moet zijn?
De auteur van het O.T. kiest voor een God die graag zou zien dat de mensen in het leven krijgen wat ze verdienen maar Hij kan het niet altijd zo regelen!
De vrienden van Job geloven in eerste instantie dat Job iets misdaan heeft en dus gestraft of getest wordt door God. Het idee van causale schuld wordt door de vrienden verwoord maar verder in het verhaal komt ook de idee van een universele schuld.
JOB zelf blijft geloven in de goedheid van God.
Job wijst alle persoonlijke schuld van zich af. (Job 6, 29) In de loop van het verhaal wordt het voor Job steeds duidelijker dat God hem niet wil straffen.
Job maakt komaf met de idee dat God straft omwille van zonden. De visie op het lijden als een straf voor begane zonden is niet langer houdbaar, Job verwerpt de gangbare vergeldingsleer.

Rollen voor het bibliodrama spel:

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureleft/_medium/job(1).jpg

Job, Elifaz, Bildad, Sofar, God.

Door de leerlingen het verhaal van Job te laten spelen, zullen de verschillende ideeën aan bod komen en door de leerlingen zelf verder uitgediept worden.

Het is niet nodig het hele verhaal met de leerlingen te lezen. Het kan voldoende zijn om enkele sterke passages te lezen. Of enkele verzen die duidelijk de visie van de vrienden en Job weergeven.

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureright/_medium/god_kwaad.jpg
  • H. Kushner, Als het kwaad goede mensen treft,
  • Rabbi Marc Gelleman & Monsignor Thomas Hartman, Hoe spel je God? De grote levensvragen en de antwoorden van de godsdiensten, Averbode/Ten Have, 1995.
  • Roger Burggraeve, De Bijbel geeft te denken, Acco, 1994.

Enkele verzen bij wijze van suggestie:

Job 8, 1 – 8

Toen nam Bildad uit Suach het woord:

"Hoe lang blijf je deze dingen nog verkondigen?
Al die woorden van je – ze zijn niets dan wind.

Is God dan onrechtvaardig?
Zou de Ontzagwekkende het recht verdraaien?

Als je kinderen tegen hem gezondigd hebben,
gingen zij te gronde aan wat zij zelf misdeden

Als jij je zelf tot God zult wenden
en de Ontzagwekkende om genade smeekt

Als je rein bent, en rechtschapen –
dan zal hij het voor je opnemen
en zal de gerechtigheid weer wonen in je huis.

En al was je verleden onbeduidend,
je toekomst zal des te grootser zijn.

Ga bij eerdere geslachten te rade,
bouw voort op de wijsheid van je voorouders."

Job 9,1- 2; 20 – 24

Hierop antwoordde Job:

"Zeker, ik weet dat het zo is,
hoe kan een mens in zijn recht staan tegenover God?

Ook al heb ik geen schuld,
mijn eigen mond zal me veroordelen.
Ook al ben ik onschuldig,
hij zal mij schuldig verklaren. 

Ik ben rechtschapen – maar mijn leven telt niet meer,
ik veracht mijn bestaan.

Hij maakt geen onderscheid, en daarom zeg ik:
'Onschuldige of goddeloze, beiden vernietigt hij'.

Als plotseling een ramp verderf zaait,
spot hij met de wanhoop van onschuldigen.

De aarde wordt gegeven aan de goddelozen,
het gezicht van haar rechters wordt bedekt.

De aarde wordt gegeven aan de goddelozen,
het gezicht van haar rechters wordt bedekt.
Als niet hij dit doet, wie dan?"

Links, blogs & foto's

afbeelding-/thomas/cms2/uploads/image/pictureleft/_medium/vsko.jpg

Bekijk de oproep van het VSKO aan de scholen:

Hoe plaatsen kinderen en jongeren de ramp in Azië in hun beleven. Het VVKBuO werkte een leidraad uit om met de leerlingen daaraan te werken. De tekst wil vooral voorkomen dat "gedreven door emoties" de solidariteit zou opflakkeren en verdwijnen als een strovuurtje. Op de website van het VSKO is dit "buitengewoon werk" ruimer verwerkt in een ruimer aanbod van inspirerend materiaal rond deze ramp.

SOS Zuidoost-Azië

Nieuwsberichten

Nog enkele eerder losse suggesties

Laat leerlingen in groepjes naar discussiefora zoeken vanuit het trefwoord 'God tsunami' op google.
Laat hen zoeken naar drie verschillende stellingnamen.
Laat hen voor elke positie de hoofdstelling in één zin samenvatten.
Geef hen de opdracht telkens het godsbeeld van de auteur te verduidelijken.
Geef hen vervolgens de opdracht hun eigen positie te formuleren in dit debat en laat hen per twee hierover discussieëren.
Vervolgens kan aan een aantal leerlingen gevraagd worden om de resultaten van het groepswerk en de eigen stellingname voor te stellen aan de rest van de klas.
Op basis hiervan kan een inventaris gemaakt worden van verschillende godsbeelden en kan inhoudelijk worden ingegaan op het probleem van de theodicee.

Bekijk ook op dit discussieforum de vraag: Was The Asian Earthquake/Tsunami God's judgement?

Duiding bij de gevolgen van de Tsunami

Eén van de clichés die wereldwijd herhaald werden, was dat het destructieve geweld van de oceaan geen onderscheid maakt tussen mensen op basis van geloof, klasse of kaste. Dat klopt natuurlijk niet helemaal. De Nigeriaanse schrijver Cameron Duodu reageert in de Britse krant The Independent. Als de hulp niet zorgvuldig georganiseerd wordt, vreest socioloog en priester Dhabi dat landhaaien de hulpeloze vrouwen en kinderen zullen meesleuren in een heel nieuwe golf van marginalisering. Dhabi verwijst ook naar het probleem dat het opruimen van de slachtoffers overgelaten wordt aan kastelozen, die dat vaak voor nauwelijks één euro per dag en zonder bescherming doen. In het weekblad Outlook India klagen de vissers er trouwens over dat het aan hun lage kaste-achtergrond ligt dat vissers zo slecht beschermd en ook zo traag geholpen worden.

Ook héél erg kwetsbaar zijn de oorspronkelijke volkeren op de Nicobar en Andaman-eilanden, die dicht bij het epicentrum van de zeebeving lagen. Volgens antropologen werden deze volkeren echter gespaard dankzij een natuurlijk afweersysteem: de koraalriffen en het dichte woud op de westkust van Andaman. De verschillende stammen uit dit gebied zijn vaak nomaden of semi-nomaden die zich niet vaak aan de kust wagen, tenzij om te vissen. Het meest getroffen zijn de inwoners van Nicobar, zij hebben het ongeluk te wonen op een relatief vlak eiland met weinig natuurlijke bescherming.

En dan zijn er nog de ecologische sites, die bijzondere aandacht hebben voor de samenhang tussen kwetsbaarheid en milieuschade.

E-zine Wereldscan (2/01/2005 tot 7/01/2005)

Banners

afbeelding-tsunami.jpg

tsunami.jpg

afbeelding-tsunami2.jpg

tsunami2.jpg

afbeelding-tsunami3.jpg

tsunami3.jpg

^ bovenkant pagina

Over Thomas

Thomas is een interactief platform voor actieve samenwerking tussen alle leerkrachten (r.-k.) godsdienst van alle onderwijs- netten in Vlaanderen.

Partners

IDKG VSKO Faculteit Theologie en Religiewetenschappen logo

session