2 april 2002

Soulster Mary J. Blige, queen of hiphop soul overleefde drugsverslaving en een gewelddadige relatie. Interview in De Morgen van maandag 8 april 2002, p. 29 & 33: onder de titel 'Ik ben door de hel gegaan.'
Bungeespringen strenger gecontroleerd, in De Morgen, donderdag 11 april 2002, p.7
Letterlijk
vertaald betekent het woord 'kick': schop, trap. Een kick is dus een gevoel
dat zo sterk is dat het lijkt alsof men een slag in het gezicht krijgt; het
shockeert. Maar het vreemde is dat die schok behaagt. Men zou het een 'lustvolle
schokervaring'
kunnen noemen.
In de kick komt men vaak tot een 'roes'. Daarmee bedoelt men het moment waarop
men zichzelf kwijt raakt in een wereld die niet de echte wereld is.
Of men gaat in 'extase'; men verliest de controle over zichzelf, stijgt uit
de wereld van zichzelf.
Deze twee omschrijvende metaforen duiden eigenlijk op hetzelfde; men maakt een
'onwereldse' ondervinding mee die de ondervindende persoon als het ware opslorpt.
En dat geeft een lange, genoeglijke schok.
Vandaag verbindt men de kickcultuur al te dikwijls met jongerencultuur, alhoewel
er ook volwassenen zijn die verslaafd zijn aan slaappillen, kalmeermiddelen,
alcohol, ... en slechts een minderheid van de jongeren regelmatige bezoekers
zijn van megadancings en op een ongezonde manier omgaan met alcohol en andere
soorten drugs.
Misschien besteedt men zoveel aandacht aan die 'jongerenkicks' omdat vooral
deze bestaan uit extreme kicks: drugs, joyriding, bungeespringen
en dé ultieme kick: zelfmoord. Ook al sterven er elke dag volwassenen
aan ziektes die veroorzaakt worden door roken of alcoholmisbruik, het lijkt
erop dat de jongeren die kicken de dood veel vaker rechtstreeks in het gezicht
kijken.
Dit betekent nog niet dat de wereld van de kick ontstaan is uit de jongerencultuur.
Eerder maakt de jongerenwereld deel uit van een wereld waar iedereen in leeft.
Het is een algemeen menselijk verschijnsel dat men op zoek gaat naar spannende
ervaringen, avontuur, afwisseling. Er zijn enorm veel voorbeelden te vinden
die aantonen dat een kick helemaal niet typisch westers is. Overal drinkt men
koffie, Chinezen roken opium en in Latijns Amerika kauwt men op colabladeren.
Veel straatkinderen uit Peru nemen drugs, of iets dat ongeveer hetzelfde effect
heeft, om de pijn en de honger niet meer te voelen.
En in de ontwikkelingslanden rookt ongeveer de helft van de mannen. Daar stijgen
de verkoopscijfers van tabak jaarlijks met 3,4 procent.
Toch is het fenomeen kick complexer dan de uiting van een universele menselijke
behoefte. De cultuur waarin de mens leeft, promoot bepaalde vormen van kicks
of perkt ze in. Bij wat onze cultuur doet, hoeven we waarschijnlijk geen tekeningetje
te maken. Toch wil deze 'in de kijker' hier een aantal levensbeschouwelijke
vraagtekens bij formuleren.
Helft studenten gebruikt Cannabis in De Standaard 15/03/2002.
ANTWERPEN -- Bijna de helft van de studenten gebruikt naar eigen zeggen cannabis. Dat blijkt uit een enquête onder studenten door de website StudentStart.
Zowat 1.500 studenten vulden de internetenquête in. 54,6 procent van de jongens aan universiteiten en hogescholen geeft toe cannabis te gebruiken. Bij de meisjesstudenten ligt dat lager: 33 procent. 19 procent rookt meermaals per week, 10 procent één keer per jaar. Maar 38 procent van de studenten die de enquête invulden, heeft nooit cannabis gebruikt.
StudentStart verkoopt de enquête niet als een wetenschappelijke peiling -- studenten konden zelf kiezen of ze invulden of niet. De bevraging toont wel aan hoezeer cannabis aanvaard is in studentenkringen, zeker bij jongens.
In de enquête werd ook gepeild naar een reactie op de drugsnota. Bijna 60 procent vond dat die nota niet ver genoeg gaat en dat cannabis -- onder enkele voorwaarden -- moet worden gelegaliseerd. Slechts 22 procent was absoluut tegen legalisering. Dat alcohol legaal is en cannabis niet, vindt bijna 70 procent onlogisch.
Nieuwe
adrenaline-kick op winterspelen - 11/02/2002
Tegen een snelheid van 140 per uur op een soort hi-tech plateau over de sneeuw sjezen. Dat is hoe sommigen hun kick halen. Het heet Skeleton, en het bestaat eigenlijk al eeuwenlang.
Dit jaar behoort het tot de Olympische disciplines. Bij Wired kan u lezen hoe belangrijk de hi-tech is bij die simpel uitziende plateaus. En op de site van de Olympische Spelen vindt u alles over deze sport. Zoef!
1. Spreken over een cultuur van de kick bij jongeren kan bij hen op weerstanden
stoten. Vaak wordt dit spreken immers gedragen door een reeks negatieve
vooronderstellingen over de hedendaagse jongerencultuur in het algemeen.
Hier zullen vragen en meningsverschillen rijzen: Is de kickcultuur wel
representatief voor de beleving van 'de' jongeren vandaag? Is de kickcultuur
typisch voor jongeren? Of nemen de jongeren slechts over wat in de volwassenencultuur
bestaat? Zijn kicks wel typisch voor onze tijd en voor onze westerse cultuur?
2. Zijn kicks wel (altijd) slecht? Moet niet aandacht besteed worden aan waarden en onwaarden in de kickcultuur? Moet geen onderscheid gemaakt worden tussen verschillende soorten van kicks (bijvoorbeeld: 'leegtekicks', 'oppervlaktekicks' en 'dieptekicks')? Moeten jongeren die naar kicks streven niet aan het woord gelaten worden? Steken in kicks ook geen waardevolle aspecten zoals de klemtoon op 'beleving', 'intensiteit', 'lichamelijkheid', 'horizonten verleggen', 'spel' als opvoedingsmetafoor, etc.
3. Wat zijn de drijfveren van de hedendaagse kickcultuur? Hier moeten zowel sociologische, psychologische als biologische verklaringsmodellen bij elkaar gebracht worden. Worden mensen in hun kickzucht niet gemanipuleerd door economische en ideologische factoren?
4. Hoe verhouden zich kickervaringen en ervaringen van geluk? Wat is het
verschil tussen een kick en een zingevingsmoment? Is er een verband tussen
de kick en de religieuze ervaring? En over welke religieuze ervaring gaat
het dan? Kan een opeenvolging van kicks een volwaardig alternatief vormen
voor een geïntegreerde uitbouw van een omvattend, persoonlijk of
in gemeenschap beleefd zingevingsproject? Zijn kicks een surrogaat of
een alternatief voor een meer omvattend zingevingsverhaal (waarin synchrone
en diachrone samenhang centraal staan)? Hoe het verschil uitleggen tussen
kicks en zinervaringen?
Enkele voorbeelden:
En toch: is dit geen te zwart-wit voorstelling? Hebben religies en andere levensbeschouwelijke systemen vandaag niet minder aantrekkingskracht precies omdat ze mensen zo weinig 'opkikkeren'?
5. Wie kan kicks betalen? Leiden kicks niet tot nieuwe vormen van discriminatie
(in een klasgroep: wie kan bepaalde gadgets, kledij, cd's, etc. betalen
en wie niet)? Mag een school wel inspelen op dergelijke hypes (wie kan/mag
van thuis meegaan op een kicksportdag en wie niet)?
Aan de andere kant zijn er kicks die niet 'duur' zijn: roddelen, pesten,
agressie, etc.: hoe gaat de school daar mee om?
6. Hoe vinden jongeren dat hun op kicks beluste vrienden het best kunnen benaderd worden?: stimulerend ('doe maar, je leeft maar één keer'), tolererend ('doe maar, als je maar de andere en jezelf geen schade aandoet'), kritisch-constructief ('ik veroordeel je niet, maar ik geloof niet dat je daar je heil in zult vinden'), moraliserend ('je bent oppervlakkig bezig'), weerbaar makend ('laat je daardoor toch niet opslorpen'), een alternatief aanbiedend ('ik zou een grens stellen aan het geld dat ik daaraan maandelijks uitgeef, dan heb ik nog iets over voor iets anders', 'met onze school zouden we dit jaar een anderssoortige klasuitstap kunnen maken'), etc.?
Met deze thematiek kan aangeknoopt worden bij verschillende specifieke plaatsen in het leerplan:
1b en bvl
1 DE BEGINSITUATIE VAN 1B EN BVL - 1.2 De leerling als persoon (in de diepte)
in de 7e paragraaf, die begint op p. 62:
"Wat hen bijeenbrengt zijn vaak gedeelde interesses en gemeenschappelijke kicks."1 IEMAND ZIJN, IEMAND WORDEN - Beginsituatie
in de 1e paragraaf, die begint op p. 72:
"Het gaat om gevoelens van intens leven, kick, doorkruist met gevoelens van verdriet, afgunst, angst, e.a. ..."
2e jaar van de 1e graad
3 INNERLIJKHEID - Ingrediënten
in de 3e paragraaf, die begint op p. 96:
"diepte-ervaringen van het leven bij zichzelf en anderen. Zoals bv. gewetenservaring, esthetische ervaring, ontmoeting, verwondering om het leven, spanning tussen leven en dood, e.a."3 INNERLIJKHEID - Wenken
in de 1e paragraaf, die begint op p. 6 (Bijlage wenken):
"Kunst als uitnodiging naar 'binnen' of als expressie van 'binnen' en als 'diepte-ervaring' benaderen."
1e jaar 2e graad ASO
2 BRONNEN VAN LEVEN - Wenken
in de 1e paragraaf, die begint op p. 7 (Bijlage wenken):
"Bij doel 1 kan een stilstaan bij vriendschap, kick-cultuur, sport, muziek, jeugdbeweging, jeugdculturen, wereldorganisaties (Greenpeace, WWF, ...), sleutelfiguren."1 JEZELF WORDEN - Ingrediënten
in de 6e paragraaf, die begint op p. 104:
"appèl uitgaande van transcendentie-ervaringen en diepte-ervaringen (de sociale, culturele, religieuze ...)."
1e jaar van de 2e graad TSO/KSO
2 BRONNEN VAN LEVEN - Wenken
in de 1e paragraaf, die begint op p. 15 (Bijlage wenken):
"Transcendente bronnen van leven onderscheiden: diepte-ervaringen, religieuze ervaringen, Godservaringen."
1e jaar van de 3e graad BSO
3 WAT ERVAAR IK AAN GRENZEN IN HET SAMEN-LEVEN? (Grens en eindigheid) - terreinomschrijving
in de 2e paragraaf, die begint op p. 145:
"Ook tegenover lijden en dood reageert men verschillend (confrontatie, vlucht, taboe, kick, worstelen, overgave)."
2e en 3e graad TSO/KSO
1 SURFING AROUND
in de 1e paragraaf, die begint op p. 151:
"Naar jongeren kijken van op afstand, 'van achter glas', werkt ontnuchterend: zij kijken erg veel tv, zappend van de ene pretzender naar de andere; muziek maakt een groot deel van hun leefwereld uit, het weekend is bepaald door uitgaan en (soms) weekendwerk, door het zoeken naar avontuurlijke 'kicks'."3 JONGEREN EN GELOVEN - 3.2 Religieus, gelovig, christelijk?
in de 1e paragraaf, die begint op p. 152:
"Het verlangen naar kicks, het zoeken van welbehagen in muziek, de interesse voor paranormale verschijnselen, spiritisme, horoscopen ... het zijn slechts de in het oog springende uitingen van een authentiek zoeken naar heling van gebrokenheid, naar vervulling van zin-leegte."
2e jaar van de 3e graad TSO/KSO
1 GRONDERVARINGEN EN GELOOF - Doelen
in de 3e paragraaf, die begint op p. 173:
"3. in levensgetuigenissen de diepte-ervaring van Aanwezigheid of Afwezigheid aanduiden en bespreken;"1 LIEFDE EN VRIENDSCHAP - Beginsituatie
in de 1e paragraaf, die begint op p. 175:
"Jongeren hechten belang aan authenticiteit in de relatie."
3e jaar van de 3e graad en 4e graad
2 GROEIEND PERSOONLIJK ENGAGEMENT: waar sta ik? (inkeer), wat doe ik? (inzet) - Ingrediënten - Spoor 2 : Beginnend engagement (inzet)
in de 1e paragraaf, die begint op p. 190:
"enkele grondhoudingen: o.m. trouw, waarachtigheid, authenticiteit, eerlijkheid, waakzaamheid, ...;"2 GROEIEND PERSOONLIJK ENGAGEMENT: waar sta ik? (inkeer), wat doe ik? (inzet) - Wenken
in de 1e paragraaf, die begint op p. 19 (Bijlage wenken):
"Via getuigenissen en levensverhalen authenticiteit op het spoor komen."
Doorzoek zelf
het leerplan op trefwoorden
Aansluitende sleutelwoorden uit het leerplan
Door
op een trefwoord te klikken, komt u op het resultatenvenster van de zoekopdracht
in het leerplan met de bijhorende zoekterm.
ROGGE, L., Alive
and kicking. Kicks vanuit fenomenologisch, psychologisch, sociologisch en
theologisch perspectief. Onuitgegeven scriptie in de Godgeleerdheid
en de godsdienstwetenschappen, Leuven, 2002.
Verschillende stukken van deze in de kijker werden
in samenspraak met de auteur overgenomen uit deze scriptie.
APOSTEL, L. & J. WALRY, Hopeloos gelukkig. Leven in de postmoderne tijd, Amsterdam, 1997.
BAHR, S.J. & S. L. MAUGHAN et al., Family, Religiosity, and the Risk of Adolescent Drug Use, in Journal of Marriage and the Family 60 (1998) 979-990.
"Ook al beweert 'de maatschappij' bij hoog en laag het tegendeel: jonge mensen genieten nog volop van ervaringen die henzelf te boven gaan. Het in kaart brengen van deze ervaringen roept echter vele vragen op. Kunnen we spreken van transcendentie-ervaringen? Hebben ze een religieuze waarde? Sluiten ze nog enigszins aan bij die van volwassenen?"
"De
kick lijkt inderdaad de postmoderne ervaringswijze geworden te zijn, met
het elastiekspringen als voorbeeld bij uitnemendheid. 'Kick' betekent trap,
schop, stoot; hier: sensatie, prikkel, verhevigde schokbeleving, de als
aangenaam ervaren shock. De postmoderne mens lijkt verslaafd aan kicks,
aan prikkels. In zijn/haar ervaringshonger is hij/zij steeds op zoek naar
meer, sneller, sterker. Het is alsof de opeenstapeling van kicks aan het
individu de verzekering moet geven dat hij/zij niet zal ondergaan in de
stroom van de gebeurtenissen, dat hij/ zij niet gewoon 'meer van hetzelfde'
maar 'anders' is. De kick levert een verheviging van het ik-bewustzijn,
een soort verdichting van het nu-moment. Het is voor het onzekere 'ik' een
momentane bevestiging van het 'ik ben hier', 'ik ga niet ten onder in de
onoverzichtelijke brij van veelheid en oriënteringsloosheid'. Bij dergelijke
verheviging van het ik-bewustzijn is de fascinatie van de grens(-verschrijding),
het spelen met de grens essentieel. Dit zet een proces in werking van steeds
verdergaande grensoverschrijding, een zoektocht naar een steeds grotere
excessiviteit; want een grens die frequent overschreden wordt, verlegt zich,
als uitnodiging voor een volgende, nieuwe overschrijding."
"Waarom deze zoektocht naar een opeenstapeling van kicks? Waarom dit krampachtige verlangen naar grensoverschrijding? Wat leert de kick over de hedendaagse mens? Vooreerst wellicht dat in de postmoderniteit door de overvloed aan prikkels, en mede door het wegvallen van de integrerende verhalen, geen echte ervaring meer mogelijk is. Echte ervaring veronderstelt een verhaal, een herinnering, een bedding die toelaat de ervaring te duiden, een plaats te geven. De kick is dan ook wezenlijk pseudo-ervaring, non-ervaring, en het opeenstapelen van kicks een poging om de afwezigheid van het verhaal te doen vergeten. En deze poging tot vergeten brengt ons bij het tweede punt: de vlucht in de kicks is de keerzijde van het menselijke verlangen naar geluk."
"Wie zijn/haar oor te luisteren legt bij diegenen die de postmoderne cultuur bestuderen, gaat op zijn minst twijfelen bij het herleiden van de postmoderne grenservaring (transcendentie-ervaring) tot de kick. De actuele ervaringen van transcendentie waartoe de postmoderne cultuur kansen biedt, zouden niet zozeer zelfbevestigings-, zekerheids-, onmiddellijke identiteitservaringen ('Ik ben er'), maar wel alteriteitservaringen zijn. Dit zijn ervaringen van het andere dat naar het eigene, naar het ik, toekomt; ervaringen van het weggeroepen worden uit de opgebouwde evidenties en zekerheden van het eigen verhaal, ervaringen van het doorbroken worden van het bestaande eigen veilige verhaal. De postmoderne val van de moderne grote verhalen kan blijkbaar op twee totaal verschillende manieren beoordeeld worden."
BOOMKENS, R., Kritische massa. Over massa, moderne ervaring en popcultuur, Amsterdam, 1994.
BOUVERNE-DE BIE, M., De jeugdperiode als risico en als kans. Maatschappelijk kwetsbare jongeren, in Tijdschrift voor geestelijk leven 3 (1994) 231-240.
BURGGRAEVE, R., Eigen-wijze liefde. Fragmenten van bijbels denken, Leuven, 2000.
BURGGRAEVE, R., Ethiek en passie. Over de radicaliteit van christelijk engagement, Tielt, 2000.
BURGGRAEVE, R., Zinvol seksueel leven onderweg. Concrete probleemvelden en belevingswijzen, Leuven, 1996.
DE CAUTER, L., Archeologie van de kick. Verhalen over moderniteit en ervaring, Amsterdam, 1995.
DE DIJN, H., Geluksmachines in context. Filosofische essays, Kapellen, 2001.
DE DIJN, H., Hoe overleven we de vrijheid? Modernisme, postmodernisme en het mystiek lichaam, Kapellen, 1993.
DOBBELAERE, K. & L. VOYÉ , Religie en kerkbetrokkenheid. Ambivalentie en vervreemding, in K. DOBBELAERE et al. (ed.), Verloren zekerheid. De Belgen en hun waarden, overtuigingen en houdingen, Tielt, 2000, p. 117-150.
DRAULANS, D., De schrik zit erin, in Knack 23 (2001)104-110.
EIGENTIJDSE JEUGD, Waar ik van droom. Leven: een geestig avontuur, Leuven, 1994.
ELCHARDUS, M., J.-M. CHAUMONT & S. LAUWERS, Morele onzekerheid en nieuwe degelijkheid, in K. DOBBELAERE et al. (ed.), Verloren zekerheid. De Belgen en hun waarden, overtuigingen en houdingen, Tielt, 2000, p. 153-191.
GEERAERT, A., Jonge mensen en de zin van het seksueel gedrag in een moderne maatschappij, in Tijdschrift voor sociologie 10 (1989) 427-453.
GOODYER, P., Jongeren en drugs. Een realistische gids voor ouders, Aartselaar, 1998.
HALEWIJN, A.J.M., Liefde: lusten en lasten. Aantekeningen over preventie, in Tijdschrift voor geestelijk leven 2 (1995) 177-187.
KERKHOFS, J., Gezin en relaties. Stabiliteit en groeiende verscheidenheid, in K. DOBBELAERE et al. (ed.), De Belgen en hun waarden, overtuigingen en houdingen. Verloren zekerheid, Tielt, 2000, p. 55-76.
KUITERT, H.M., Over religie. Aan de liefhebbers onder haar beoefenaars, Baarn, 2000.
MARIEN, J., Vertrouwen en toevertrouwen. Spiritualiteit van de begeleider, in Tijdschrift voor geestelijk leven 3 (1994) 309-324.
MEEUWSSEN, G., Bambi wordt Rambo, in Knack 31 (2001) 52-57.
MEEUWSSEN, G., Verslavende prikkels, in Knack 31 (2001) 55.
N. N., Call of the Wild, in Alquin 8 (1999) 18-19.
N. N., Cannabis heel normaal, in Knack 8 (2001) 10.
N. N., Het ligt niet aan het milieu, in Knack 30 (2001) 18.
OverLeven:
Leven met risico. (Uitzending op Canvas op 10 juni 2001 om 21
u 15.)
PEUTEMAN, A., De vruchtbare jaren, in Knack 31 (2001) 18-24.
RAES, K., Het moeilijke ontmoeten. Verhalen van alledaagse zedelijkheid, Brussel, 1997.
REITSMA, R., Meer moppen voor iedereen, Schoten, 1982.
REYNEBEAU, L., Aan een draadje, in Knack 31 (2001) 56-57.
SCHILLEBEECKX, E., Gerechtigheid en liefde. Genade en bevrijding, Brugge, 1977.
SELS, F., Enkele verworvenheden en nieuwe uitdagingen, in Tijdschrift voor geestelijk leven 2 (1993) 122-126.
SEYMUS, H., Aansluitend bij een groot verlangen. Opvoeden tot realiteitszin, in Tijdschrift voor geestelijk leven 2 (1995) 139-144.
URQUHART, S., How my Family Died for a Cigarette, in Alquin 9 (2000) 12-13.
VAN TILT, E., Is de achterdeur op slot? Pleidooi voor een cultuur van de ontmoeting, Kapellen, 1995.
VERCAIGNE , C. & L. WALGRAVE, Jeugd tussen (sub)cultuur en business. Een onderzoek naar megadancings, house en de last van de recreatie, Leuven, 1995.
VERSTEYLEN, L. & D. PEETERMANS, Om te genieten moet je betalen, Leuven, 1991.
VETTENBURG, N., Mechanismen van maatschappelijke kwetsbaarheid. Onderzoek naar de invloed van de school, in Tijdschrift voor geestelijk leven 3 (1994) 241-254.
VOIGHT, C., Orfie, Rotterdam, 1992.
WELLENS, W., Afstand en nabijheid. Tips voor begeleiding, in Tijdschrift voor geestelijk leven 3 (1994) 299-308.
WEYNS, W., Gemankeerde ontmoetingen, in Tijdschrift voor geestelijk leven 1 (1997) 7-19.
WOLF, H. et al., Drugs en gebruik. Duidelijke antwoorden op uw vragen, Antwerpen, 1998.
1. Fenomenologie van de kick
2. Socio-psychologische verklaringen voor kicks
3. Theologisch perspectief op de kickcultuur
4. (Preventieve) omgang met het fenomeen
Deze impulsen zijn een verwerking van de scriptie van Liesbeth
Rogge (zie onder achtergrond)
De teksten kunnen gebruikt worden als werk- en studiemateriaal voor de leerlingen.
De zee is verdronken
De zon is verbrand
Ik lig hier, beschonken
Mijn voeten lopen hand in hand
Peter Van Dijck
1. Categorisatie van de kicks
Als men ontdekt dat de buurjongen aan de drugs zit, kan men ervan schrikken,
omdat de kick dichter zit dan men gedacht had. Maar waar men dikwijls niet aan
denkt is dat dat schrikken ook een kick is. Op die manier is de kick nog dichterbij.
En het besef daarvan kan op zich weer een kick geven.
Eigenlijk
is de kick overal aanwezig, men beleeft elke dag kicks. Maar een kick kan een
speldenprikje zijn of een molenslag, een kick kan vernietigend zijn of helend,
een kick kan gezocht zijn of helemaal onverwacht komen, ... Het lijkt ons daarom
nuttig dat hele gamma aan kicks onder te verdelen in verschillende soorten.
Uiteraard is het soms moeilijk om duidelijk lijnen af te bakenen. En bovendien
zijn er ook meerdere manieren waarop men de onderverdeling kan maken, afhankelijk
van de invalshoek waarmee men werkt.
Men kan het vanuit biologisch standpunt bekijken, bijvoorbeeld. Zo spreekt de
fysioloog Romain Meeusen over fysieke kicks en cognitieve kicks. Een fysieke
kick wordt opgewekt wanneer men lijfelijk participeert aan een gebeurtenis die
bijzonder opwindend of beangstigend is. Cognitieve kicks kan men meemaken bij
het kijken naar een horrorfilm, het lezen van 'artikels' in schoonheidsmagazines,
Die kicks beleeft men als men zelf buiten de situatie staat en er als
het ware in binnen kijkt. Dit is niet alleen het geval bij film, maar ook bij
een live bokswedstrijd en bij voyeurisme.
Maar kicks kunnen ook opgewekt worden door iets dat veel eenvoudiger is: het
lezen van een ontroerend gedicht, het terugzien van een goede vriend waar men
lange tijd geen contact meer mee heeft gehad, het maken van een schilderij,
Hier is het gevoel meer dan het gevoel alleen. Dat komt omdat er een
betekenis is die het gevoel opwekt, er is een zin. De kick is hier dus meer
dan de kick. Je zou kunnen spreken van een dieptekick.
Wat daarentegen veel gebeurt, is dat men kicks artificieel gaat opwekken. Dit
houdt in dat ze niet veroorzaakt worden door iets van buitenaf dat een dieper
liggende betekenis in zich draagt, maar door bepaalde 'methodes' die men toepast
op het lichamelijk of geestelijk systeem zodat er emoties losgeweekt worden.
Zo komt het dat men gevoel ervaart waaraan eigenlijk geen betekenis verbonden
is; een gevoel dat op zich staat. Deze soort zou men daarom lege kicks kunnen
noemen.
Hét voorbeeld daarvan is natuurlijk drugs; er is haast niets artificiëler
dat kickgevoelens veroorzaakt. Wat men ervaart als men drugs neemt, is dus in
feite niet echt, maar zelfbedrog. Ook over de meeste andere lege kicks kan men
in feite hetzelfde zeggen. Als men de bioscoop uitgaat, weet men dat er weinig
kans is dat men een monster uit Jurassic Park tegen het lijf zal lopen. Ook
bergbeklimmen is een risico dat kleiner is dan het lijkt; want men is meestal
echt goed beveiligd en geoefend.
Men weet dus in beide gevallen heel goed dat men zichzelf eigenlijk iets wijs
maakt.
In plaats van dieptekicks en lege kicks kan men ook spreken over grensverleggende
kicks en grensoverschrijdende kicks. De eerste soort is tamelijk onschuldig.
Men ervaart een schok, men is geëmotioneerd of geschrokken. Het gaat om
zingen voor een nokvolle zaal, verliefdheid, wakker worden en merken dat het
sneeuwt,
Het meest plastische voorbeeld misschien is humor; denkende aan
wat het lichaam doet als men lacht
Hier heeft de kick geen schadelijke gevolgen voor zichzelf of voor de omgeving.
Maar toch voelt men zich anders dan normaal, treedt men even uit 'de sleur'
van het leven. Zo verlegt men de grens een beetje, wordt het leven groter en
mooier dan het is. Men verlegt ook zijn eigen grenzen. Elke dag zit vol met
zo'n grensverleggende kicks, het komt erop aan er een gezonde gevoeligheid voor
te ontwikkelen.
Schadelijk voor zichzelf en zijn omgeving zijn drugs bijvoorbeeld. Ook aan honderd
zestig kilometer per uur op de autosnelweg rondrijden is zo'n grensoverschrijdende
kick, zelfs als niemand gewond of gedood raakt. Want het gaat om het nemen van
risico's die in feite niet verantwoord zijn. Men neemt die risico's niet noodgedwongen;
niet omdat men er nu eenmaal niet naast kan. Maar men doet het voor het risico
zelf, voor de kick. Hierbij verlegt men de grenzen niet, maar men breekt ze.
Er zijn ook situaties in het leven waarin men voelt dat er een grens gebroken
wordt, zonder dat men dit eigenlijk zelf bedoeld of gezocht heeft. De ervaringen
in de concentratiekampen zijn hiervan een voorbeeld. Hier kan men echter niet
over kicks spreken; er zijn shocks, maar men geniet er geenszins van. (Dit alles
neemt natuurlijk niet weg dat buitenstaanders wel leedvermaak kunnen hebben;
dat men de concentratiekampengruwel kan gebruiken om op te kicken.)
Het is soms heel moeilijk af te bakenen waar die grens nu precies ligt. Is seks
met iemand waar men niet van houdt (de beruchte one night stand is hiervan het
voorbeeld bij uitstek) grensoverschrijdend? "We gebruiken pil en condoom."
Zou men kunnen zeggen. "Er is dus geen enkel risico aan." Maar neemt
men niet het risico, ook al is er wederzijdse toestemming, zichzelf en de ander
in zijn/haar waardigheid te schenden wanneer men hem/haar herleidt tot puur
lustobject? Liefdeloze seks is in deze opdeling een lege, grensoverschrijdende
kick.
Deze 'in de kijker' legt zich alleen toe op fysische, lege en grensoverschrijdende
kicks. Dat is ook de manier waarop men het woord 'kick' vandaag begrijpt. Als
we dus over kick spreken, bedoelen we enkel de fenomenen zoals joyriding, vandalisme,
druggebruik, bandeloze seks, kicksporten,
2. Types kicks
Welke verschillende manieren van 'kicken' zijn er. Onderstaande lijst is echter niet exhaustief.
Drugs:
Als men aan het woord kick denkt, is één van de eerste verbindingswoorden
meestal drugs. Er zijn enorm veel verschillende soorten. Klassiek worden drie
groepen onderscheiden: hallucinogene drugs, oppeppende drugs en narcotische
drugs.
Van elke soort sommen we een aantal voorbeelden op.
LSD of trips en softdrugs zoals marihuana, hasj en cannabis zijn bekende voorbeelden
van hallucinogenen. De ervaringen die men met LSD meemaakt kunnen heel speciaal
zijn en zalig aanvoelen, maar kunnen ook omslaan in heuse nachtmerries. Bovendien
kan men, na enkele dagen of zelfs weken na het nemen van LSD, van het ene
op het andere moment weer high zijn, zonder iets genomen te hebben.
Als men op dat moment bijvoorbeeld midden in het zwembad zit, kan men wel
problemen krijgen.
LSD is ook één van de zeldzame drugs waaraan men niet verslaafd
kan worden.
Cocaïne is het voorbeeld van oppeppende drugs. Deze stof kan een enorm
gevoel van energie en durf geven, maar als men regelmatig of teveel gebruikt
ligt het resultaat net andersom. Men voelt zich verschrikkelijk; men kan niet
meer normaal denken en is voortdurend bang. Men vermagert zienderogen, het
kan zijn dat men begint te beven of zelf stuiptrekkingen krijgt, men kan geplaagd
worden door diarree,
Na de uitwerking van het middel is men volledig
leeg. Zo leeg dat zelfmoord het gevolg kan zijn. Een heel gelijkaardig middel
is speed; een drug die ongelofelijk goed oppept. Het vervelende echter
is dat men zich verschrikkelijk voelt als het eenmaal uitgewerkt is. Dagelijkse
voorbeelden van oppeppers zijn nicotine en cafeïne; minder gevaarlijk,
maar toch niet te onderschatten.
Verdovende middelen (zoals opium, heroïne, morfine, slaappillen, alcohol,
) zijn die soorten drugs die men als roesmiddelen kan omschrijven: ze
brengen de persoon in een toestand die tussen het slapen en het waken ligt,
in een wereld die anders is dan deze wereld.
Heroïne is een heel verslavende en gevaarlijke drug. De ontwenningsverschijnselen
zijn niet meteen de aangenaamste. Men wordt er ziek en misselijk van, men
moet braken en men heeft last van buikloop. Daarbovenop is men enorm zenuwachtig
en lijdt men aan een ziekelijke angst. Drugs bijnemen is dan aangenamer dan
afkicken. Maar als men er teveel van neemt, kan een coma of de dood het gevolg
zijn. Een overdosis heroïne kan de ademhaling namelijk stil leggen; men
stikt dus gewoon.
Omdat
XTC zo bekend is willen we er graag ook nog wat aandacht aan besteden. Deze
drug is zowel hallucinogeen als oppeppend. Men kan er de hele nacht van doordansen.
(En zonder men het zelf voelt, leidt dit tot uitputting.) De drug zorgt ervoor
dat men zich heel speciaal voelt en dat alle anderen ook plots veel mooier
lijken.
Een venijnig trekje van XTC echter is dat het de gemoedstoestand waarin men
is, versterkt. Op een fuif wordt men er natuurlijk heel uitgelaten van. Maar
als men bijvoorbeeld XTC zou nemen als men liefdesverdriet heeft, zouden de
effecten helemaal anders liggen.
Omdat muziek zoals house de werking van de drug versterkt, heerst de
opvatting dat XTC heel populair in het discotheekmilieu zou zijn. Maar uit
een onderzoek van Koster bij 41 regelmatige discotheekbezoekers, is gebleken
dat bij de vierenvijftig procent onder hen die andere drugs dan tabak en alcohol
gebruiken, slechts eenenveertig procent van die drugs uit extasy-gebruik bestaat.
Uiteraard wordt drugs ook niet alleen in het housemilieu geconsumeerd. En
de groep die harddrugs gebruikt is trouwens een minderheid. Maar de resultaten
van een enquête van het AZ Middelheim kunnen misschien wel ontstellend
zijn. Van de 1600 Antwerpse schoolgaande jongeren die zij onderzochten had
een grote helft al minstens één keer illegale softdrugs gebruikt.
Men moet eigenlijk opletten met die terminologie van soft- en harddrugs. Sociaal
gezien is alcohol een softdrug terwijl het van de medische kant gezien beslist
een harddrug is. De verschijnselen die optreden bij alcoholverslaving zijn
namelijk niet te onderschatten. Meer mensen die alcohol gebruiken, gaan later
ook sneller zware drugs gebruiken dan mensen die bijvoorbeeld cannabis gebruiken.
Anderzijds is een beetje alcohol per dag volgens medische rapporten
echt wel gezond; goed voor het hart, de bloedsomloop en zelfs voor de ogen,
de oren en tegen nier - en galstenen.
Roken (van zowel tabak als andere drugs) is uiteraard niet meteen aan te raden
voor de gezondheid. Het staat overigens vast dat negentig procent van de kankers
aan de luchtwegen door roken veroorzaakt worden.
Niet enkel de verslaafde zal lijden onder zijn druggebruik, maar ook zijn/haar
omgeving. Hij/zij moet zich voortdurend bezighouden met het verzamelen van
geld voor drugs. Tegelijk spint hij/zij een heel web van verzinsels rondom
zich terwijl hij/zij voor zijn medemensen doet alsof er niets aan de hand
is. In veel gevallen zal hij/zij ook niet twijfelen immorele dingen te doen
om aan die drugs te geraken.Vriendschapsrelaties worden hierdoor aangetast
en ook de familie krijgt een zware last te dragen. En uiteraard zal het op
school ook niet meer zo best gaan.
Kicksporten:
Bungeejumping,
parachutespringen, op overlevingstocht gaan, bergbeklimmen, base-jumping,
in een bootje op een wilde rivier varen,
Men noemt dit sport, maar
waarschijnlijk is het hier meer om de kick dan om de sport te doen. Men wil
grenzen verleggen, buiten zichzelf treden. Men wil iets meemaken dat niet
bestaat in de dagelijkse werkelijkheid.
Het gevoel van de kick wordt hier net zoals bij drugs zelf gezocht en opgewekt.
Doordat men zich in een netelige situatie - die men zichzelf eigenlijk aandoet
- bevindt, komen er hormonen vrij zoals adrenaline, noradrenaline, dopamine
en het stresshormoon cortisol. Deze stoffen zorgen ervoor dat de oplettendheid
en het vermogen om te reageren vergroten. De hartslag en de ademhaling versnellen
en zo stijgt de opname van zuurstof. Men krijgt er ook dat beklemmend gevoel
van angst door. (Zo kunnen deze stoffen zeker ook vrijkomen als men bijvoorbeeld
naar een horrorfilm kijkt.)
Net zoals bij drugs treedt er bij deze soorten kicks ook gewenning op. Wetenschappers
zijn het erover eens dat als men veel blootstaat aan stress, het op de duur
went; men wordt er hard in. Dat zou kunnen betekenen dat de bergbeklimmer
niet meer dezelfde kick zal ervaren als in het begin en dus iets anders, iets
dat nog beangstigender en dus gevaarlijker is, moet vinden als hij nog dezelfde
sensatie wil beleven.
Het grootste nadeel aan deze manier van kicken is uiteraard dat men het risico
loopt gevaarlijk gewond te raken of zelfs het leven te verliezen. Soms gebeuren
er nu eenmaal dingen die niemand kon voorzien: het weer slaat plotseling om,
het blijkt dat er een productiefout zit in het materiaal, ...
Maar ongelukken liggen niet alleen daaraan. Er bestaat nauwelijks iets van
reglementering voor bedrijven die zo'n sporten organiseren. Een verzekering
is niet verplicht en de juiste verzekering is bovendien heel moeilijk te vinden.
Een specifiek diploma lijkt er ook niet voor nodig te zijn. Uiteraard moet
men wel rekening houden met de wetten omtrent arbeids-, milieu-, sport- en
reisreglementering. Maar de meerderheid van de kicksportbedrijven lijkt zelfs
dat niet eens te doen. Hier zouden dus specifieke wetten rond moeten komen.
Vooral de veiligheidsvoorwaarden zouden eens bekeken moeten worden. Nu is
de ondernemer volledig vrij in wat hij voor de veiligheid doet.
Deze sporten zijn heel erg in en worden dan ook erg gepromoot. Men probeert
ze bijvoorbeeld zo aantrekkelijk mogelijke namen te geven. De term sky
diving is daar een goed voorbeeld van. Als men op het internet gaat zoeken
wat deze sport precies inhoudt, merkt men dat het eigenlijk om niets anders
gaat dan parachutespringen.
Maar 'parachutespringen' spreekt uiteraard niet zo tot de verbeelding als
het meer poëtische sky diving.
Afstotelijkheid als kick:
In
het genre van de horrorfilm gebruikt men bepaalde 'trucs' om mensen schrik
aan te jagen, hen een kick te bezorgen waarvoor ze toch massaal naar de bioscoop
gaan. Een bekend voorbeeld zijn de schrikeffecten van Wes Craven in "Nightmare
on Elm Street". Een vreselijke man die plots opduikt voor het hoofdpersonage,
een hand die plots boven water in het bad komt,
Hier bestaat de kick
uit de schrik: namelijk dat korte moment dat men zich een bult schrikt. Dit
noemt men ook wel eens soft horror.
Een andere manier is veel ruwer. De bedoeling is te shockeren door de gruwelijkheid
van hetgeen men toont: de sadistische manier waarop iemand vermoord wordt,
verminkte lijken, degoutante close-ups, veel bloed en etter,
Aan de lopende band vindt men in de filmwereld gedrochten uit die niet de
aarde zullen verwoesten en niet het heelal willen veroveren, maar in werkelijkheid
alleen maar dienen om door hun nooit geziene afstotelijkheid het publiek de
kick van hun leven te bezorgen.
Steeds zoekt men naar monsters die nog lelijker en walgelijker zijn, naar
scenario's die nog gruwelijker zijn. Of men varieert oeverloos op scènes
uit kaskrakers. Aan de gebrekkige originaliteit van het verhaal echter, lijkt
geen enkele horrorfan zich te storen. Het mag voorspelbaar zijn, als het maar
een kick geeft.
Schoonheid als kick:
Het staat gewoon vast dat schoonheid gevoelens bij mensen opwekt.
De media werkt daar handig op in. Met allerlei middeltjes (make-up,
lichtinval, omgeving, computers,
) probeert men iemand zo mooi mogelijk
te maken. Men moet niet gewoon leuk om te zien zijn, maar men moet de blik
van iedereen kunnen vasthouden. Dat kan men als men shockeert. Daarom probeert
men iets te creëren dat de natuur ver te boven gaat; een schoonheid die
men nooit op straat zal tegenkomen, iets dat het normale leven ver te boven
gaat dus. En dat is een kick, een gevoel van sensatie. Het houdt de blik vast,
men wordt opgeslorpt op in een wereld die niet bestaat. Men beleeft een roes.
Seksuele
gemeenschap als kick:
Jonge mensen hebben steeds vroeger de eerste seksuele gemeenschap.
Gemiddeld ligt de leeftijd op 15,4 jaar. Jongeren uit het beroepsonderwijs
halen zelfs een gemiddelde van 14, 6 jaar. Maar veel van die jongeren weten
niet goed hoe met anticonceptiva om te gaan; zowel technisch als psychologisch
zijn er belemmeringen. In vele Europese landen is er daarom een stijging van
het aantal tienerzwangerschappen.
Daarnaast vormen ook SOA en AIDS belangrijke risico's die vanzelfsprekend
groter zijn bij de groep die frequent een andere vriend/in heeft. Bij de 15-jarigen
met een relatie maakt deze risicogroep zelfs 72% uit. Uit onderzoek van Geeraert
blijkt bovendien dat jongeren seksueel contact meer en meer gaan zien als
middel om te genieten dan als uitdrukking van een diepe en oprechte liefde.
Wat men vooral wil in een relatie is dat men er zich zelf goed bij voelt.
Hier wordt seksualiteit losgemaakt van zijn diepere betekenis en verlaagd
Jongmens: "Ik protesteer tegen de huidige maatschappij die niet toestaat wat ik wil."
"Wat wil je dan?"
Jongmens: "Niets".
J. Reitsma
INLEIDING
Hier worden een aantal oorzaken bijeengezet die een verklaring kunnen bieden voor het 'succes' van de fysische, lege, grensoverschrijdende kicks.
SOCIOLOGISCHE VERKLARINGEN
Onze maatschappij is te veilig:
De tijd dat men in grotten leefde en af en toe op de loop moest gaan voor
wilde dieren, is voor de westerse mens althans voorgoed voorbij. Langzaam
heeft de mens geleerd hoe hij zich moest beschermen tegen de woeste natuur.
De wetenschap en de techniek zorgen er bovendien voor dat deze wereld alsmaar
veiliger wordt. Sommige mensen voelen zich daar goed bij, anderen vinden het
behoorlijk saai. Zij hebben het wrevelige gevoel dat de maatschappij veel
te betuttelend doet. Om zich los te maken van dat 'juk' gaan zij dan bijvoorbeeld
hun heil zoeken in het extreme risico: aan 200 per uur over de autosnelweg
scheuren, aan een elastiekje van een brug springen,
Het
milieu, sociale druk:
Veel mensen roken omdat vrienden roken en hen ertoe aangespoord
hebben. Vooral als men 'flauw' en 'laf' genoemd wordt, zal men vlugger de
neiging te voelen het toch eens te proberen. Jongeren die op zoek zijn naar
een veilige peer-group, zullen zich ook vlugger laten overhalen.
Maar het gaat ook verder: mensen die nog geen coïtuservaring gehad hebben,
worden in de groep soms niet als vol aanzien. Ook dit oefent uiteraard grote
druk uit.
Er is aangetoond dat dit sociaal aanzien vooral voor de jongste en mannelijke
adolescenten belangrijk is.
Of men dan ook echt van die kick geniet en die echt 'nodig' heeft, is natuurlijk
een andere zaak.
Individualisme en postmoderniteit:
Het individualisme zou het gevolg zijn van de ontgoocheling op het
einde van de moderniteit; toen men inzag dat het niet mogelijk was op basis
van rationele beginselen een bepaald waardestelsel te ontwerpen dat algemeen
zou zijn voor de mensheid. Vandaar dat men verviel in individualisme: iedereen
moest maar zelf en voor zichzelf uitzoeken wat waar en zinvol is. De enige
waarde die niet relatief werd, was verdraagzaamheid: men mocht doen wat men
wou, zolang niemand anders daar schade van ondervond.
Het duidelijkst ziet men deze ideologie vandaag weerspiegeld in de seksualiteitsmoraal:
men mag een relatie aangaan met om het even wie en om het even hoe, zolang
die ander er niet toe gedwongen wordt.
Ook de steeds grotere klemtoon op zelfbeschikking is een uiting van het individualisme;
men mag doen wat men wil met het eigen lichaam, zolang men anderen maar geen
kwaad berokkent. Dit werkt zich uit in een grotere tolerantie tegenover abortus,
zelfmoord, etc. Al deze houdingen ten opzichte van het lichaam zijn een gunstige
kweekbodem voor kicks.
Volgens de socioloog Laermans is het individualisme in hoofdzaak een betwisten
van alle waarden die nog 'ouderwets' zijn.
Natuurlijk ontstaat er dan een enorme twijfel op vlak van waarden. Als uiting
van opstandigheid tegen de resten van de oude maatschappij, maar zeker ook
uit radeloosheid, kan men dan beginnen flirten met grenzen.
Maar in een wereld waar zoveel taboes al gebroken zijn, moet men steeds extremere
dingen doen, vooral op vlak van seksualiteit, om nog echt de kick te voelen
dat men iets doet dat verboden is. Het kickgevoel zelf roept dan nog voortdurend
op tot meer en heviger.
Een laatste kenmerk van de postmoderniteit dat zijn invloed kan hebben op
het kickgedrag, is de idee en de wil alles te kunnen controleren; het eigen
leven, de toekomst, het geluk,
Want wat is er meer te controleren dan een kick die men oproept wanneer en
hoe sterk men maar wil?
Media:
Een tak van de media die op een groot deel van de bevolking een niet te onderschatten
invloed uitoefent, is uiteraard de reclame. Reclame heeft meer invloed dan
we op het eerste zicht zouden denken. Er zijn namelijk steeds meer kinderen
die opgevoed worden door de TV in plaats van door hun ouders. Reclameslogans
worden dan in feite de spreekwoorden waar zij hun waardestelsel op funderen.
Vooral op jonge leeftijd werkt de herhaling niet alleen op de zenuwen, maar
heeft het ook een zeker indoctrinerend effect.
Om een product aan de man te kunnen brengen, stelt reclame het voor alsof
men alleen maar gelukkig kan zijn als men het koopt. Zo creëert men niet
alleen een gemis, maar ontstaat langzaam maar zeker het onderhuidse principe
dat alles wat het leven mooi maakt te koop is. Om het gevoel te krijgen dat
men gelukkig is, bedelft men zichzelf onder een uiterlijke welvaart die bij
momenten echt de ogen uitsteekt. In feite is dat ongebreideld verzamelen van
goederen en luxe al een kick; een verslavende en lege kick. Die geïnterioriseerde
bezitsdrang maakt personen namelijk tot consumeerslaafjes en zorgt dat men
met een leegte achterblijft; een pijnlijk verlangen. Een nieuwe kick biedt
zich dan aan als 'uitweg' uit die leegte. Kicks passen perfect in de consumptiecultuur:
ze zijn stuk voor stuk betaalbaar.
De meeste zijn ook bijzonder duur; maar dat lijkt niet te hinderen, want iets
dat goed is, moet gewoon duur zijn. Dit onderhuids principe lijkt zelfs te
heersen in de illegale kickwereld.
Niet alleen de reclame oefent een invloed uit, maar de hele media; vooral
dan de televisie. Ook hier speelt de invloed van het postmodernisme mee; postmodernisten
geloven niet in de kracht van woorden, kunst die een boodschap heeft,
omdat iedereen het toch anders begrijpt. Daarom verheft men de oppervlakkigheid
tot een ideaal.
En in oppervlakkigheid kan de media inderdaad uitblinken. Om enige diepgang
te voorkomen en het toch boeiend te houden, richten heel veel programma's
zich op het aanwakkeren van de sensatielust van hun kijkers. "Big Brother"
en "The Jerry Springer Show" (en heel recent "Temptation
Island") zijn hiervan de boegbeelden.
Tenslotte bepalen media ook mee wat in en niet in is. Het zal niemand verbazen
als we zeggen dat een duurzame, diepgaande relatie niet echt tot norm verheven
wordt op televisie. Vrijheid en genieten lijken voorop te staan.
Een relatie wordt een consumptieproduct, zelfs een wegwerpproduct; als men
het beu is, gooit men het weg.
Het is ook in de media dat de drang naar het afschaffen van alle taboes heel
sterk gemanifesteerd wordt. Dat is zo sterk dat er bijna een druk van uitgaat:
"het handhaven van taboes wordt het nieuwe taboe".
Frustraties:
Onderzoek heeft uitgewezen dat de Vlaamse jongeren meer gezondheidsklachten
hebben dan vroeger. Daarmee samenhangend is er ook veel meer sprake van overspannenheid
en faalangst.
Het onderwijs promoot de ideeën die leven in deze maatschappij: 'om iemand
te zijn, moet je iets kunnen.' Dat brengt natuurlijk een enorme druk teweeg.
Voortdurend moet men zich inspannen om beter en slimmer te worden. Op school
is er dan nog vaak geen plaats voor echte hartelijkheid.
Vooral leerlingen die niet zo gemakkelijk kunnen volgen of in een lage graad
van opleiding zitten, krijgen te kampen met ontgoocheling en ontmoediging.
Men voelt dat men afgewezen wordt, dat men als nutteloos en dom beschouwd
wordt. Een afschuw voor het instituut school is vaak het gevolg.
Zo'n jongeren die de zin niet inzien van het schoollopen, zullen gemakkelijker
drugs nemen.
Maar ook hoger geschoolde jongeren blijven niet buiten schot. Zij zijn dan
weer gevoeliger voor postmodernistische tendensen zoals de idee van zelfbeschikking
en de vertwijfeling op vlak van waarden.
Allochtone jongeren op hun beurt krijgen te maken met discriminatie en allerlei
vormen van uitsluiting, wat zich in Antwerpen bijvoorbeeld uit in straatcriminaliteit.
Sommigen verklaren zelf dat ze het voor de kick doen.
En
dan is er nog het nieuws dat de wreedheden waartoe mensen in staat zijn verhaalt,
milieuvervuiling, corruptie en hypocrisie in de politiek,
De kick is de ideale manier om allerlei frustraties, verschillende vormen
van stress en angst af te reageren; even kan men alles vergeten en lijkt het
alsof men zich los gemaakt heeft van alle zorgen. Deze extreme vorm van gedrag
kan zeker ook een manier zijn om tegen de maatschappij te reageren. Door te
shockeren wil men tonen dat het zo niet meer verder gaat.
Gezin en sociale factoren:
Het feit dat ouders hun kinderen wat in de gaten houden en hen duidelijk normen
en verboden stellen, heeft een negatieve invloed op de keuze om drugs te gaan
nemen. Van veel belangrijker waarde is de duurzaamheid van de band die de
adolescent met zijn/haar ouders heeft. Ook religiositeit heeft een behoorlijk
effect op het afzien van drugs. Tenslotte kan het verrassend zijn hoe belangrijk
de rol van de leeftijdsgenoten is. Als een familielid drugs gebruikt of er
als er geweld in de familie is, dan zal een jongere vlugger drugs gebruiken
net omdat hij daardoor vlugger bevriend zal raken met druggebruikende leeftijdsgenoten.
Het
niet kunnen omgaan met de dood:
De mens is vandaag nog maar geboren of morgen is hij al dood. Dat besef van
eindigheid is niet enkel iets van vandaag. (Alhoewel vaak beweerd wordt dat
het nog versterkt wordt door onze razendsnel evoluerende maatschappij waarin
wat gisteren nieuw was vandaag al afgeschreven is. Maar het kan uiteraard
ook zijn dat de snelheid waarmee onze maatschappij vooruitgaat een uitdrukking
is van die angst voor de dood.) Het is alleszins een feit dat er een soort
van postmodern taboe over de dood hangt. Dat drukt zich bijvoorbeeld uit in
de geneeskunde. Men focust zich krampachtig op de vraag hoe te genezen, en
zo wordt de vraag hoe men de dood moet aanvaarden in feite verdrongen.
Wat we hier beschrijven is heel reëel, want 63 % van de Belgen gelooft
dat het leven stopt bij de dood.
Voor velen onder hen is het niet gemakkelijk met die gedachte voor ogen te
leven. Zo kan de opvatting ontstaan dat men volop van het leven moet profiteren;
vlug en intens, want de dood kan heel onverwacht komen. De kick die een enorme
concentratie van leven in één moment lijkt te zijn, biedt zich
dan aan als de manier om alles uit het leven te halen dat erin zit. Bovendien
kan men zo opgaan in dat ene moment dat men die deprimerende gedachte aan
de dood even kwijt raakt.
Het niet kunnen omgaan met de tijd:
Onze maatschappij gaat als een trein vooruit. Iedereen weet dat een beetje
stress best gezond kan zijn en het leven boeiend maakt. Maar steeds meer mensen
werken te hard en te veel, en tegelijkertijd vinden steeds minder mensen voldoening
in hun werk. Omdat ze zoveel werken of studeren, nemen ze bovendien niet eens
de tijd voor iets waar ze wel zin in zien.
De steden die bulken van de informatie versterken dat gevoel van leegte nog
meer. De hele dag lang vliegen allerlei indrukken langs. Maar men kan nooit
dieper in de beelden doordringen omdat ze al weg zijn voordat men ze helemaal
heeft kunnen zien. Op die manier bereikt men nooit enige diepgang, krijgt
men het gevoel dat alles aan zich ontsnapt. Verdovingsmiddelen bieden daarvoor
een vluchtweg. Zij werken heel ontspannend en doen elk besef van de verder
tikkende tijd verliezen. In plaats van als een gek achter de tijd aan te lopen,
wordt men er nu door opgenomen en drijft men er in alle zaligheid op mee.
Ook de sensatievolle kick biedt een 'oplossing': deze kick is een heel intense
samenballing van gevoelens, en zo ook van het besef dat men hier is, dat men
er nu is.
PSYCHOLOGISCHE VERKLARINGEN
Puberteit:
Er gaat nu eenmaal een grote verleidingskracht uit van taboesferen.
Gebieden zoals drugs en seks liggen te wachten als een onbekende wereld die
schreeuwt om ontdekt te worden. Men kan de onweerstaanbare drang voelen op
onderzoek uit te gaan, te experimenteren. Want men leeft tenslotte maar één
keer. En voortdurend is er dat knagende gevoel dat men iets mist als men het
niet meegemaakt heeft.
Naast die sterke ontdekkingsdrang manifesteert zich in de puberteit ook een
sterk verlangen te zoeken naar wegen om de eigenheid te ontdekken of te affirmeren.
Vandaag wordt deze zoektocht steeds noodzakelijker, omdat identiteit in de
postmoderne maatschappij steeds minder verbonden wordt met traditionele rollenpatronen.
Men komt dus eigenlijk in een soort identiteitsleegte terecht, alhoewel dit
ook niet totaal is. Daarenboven wordt men nog eens voortdurend aangespoord
zelfstandig op zoek te gaan naar een eigen identiteit, die zelf te construeren.
Dat is uiteraard een moeizaam proces. Enerzijds wil men wel aanvaard en gewaardeerd
worden door de groep (vandaar dat de groepsdruk ook zo'n invloed kan uitoefenen),
maar anderzijds wil men zich onderscheiden van de groep.
Of zoals Van Tilt het zegt: "Meer dan ooit is de modale mens verslaafd
geraakt aan de vrijheid om ongelijk te worden aan de andere."
Men wil niet opgaan in de massa, men wil anders zijn, uniek. De kick die iets
bijzonders doet ervaren, geeft ook de indruk dat men bijzonder is.
(Vooral dan als men bewonderende reacties krijgt van vrienden.)
De
puberteit maakt jongeren ook extra gevoelig voor depressies; men kan zichzelf
echt haten. Vanuit dat gevoel kan men een kick opzoeken om zichzelf in te
vergeten, te verliezen. Freud zegt dat elke drift een uiting is van het verlangen
terug te gaan naar waar men vandaan komt. Men wil terug naar de plaats waar
men was voor men verwekt werd; naar het niet-zijn; naar het niet-bestaan.
Zo kan men zich ook in de kick storten in de hoop zijn eigen ik te kunnen
vermoorden en er niet meer te zijn. Een kick kan dus bedoeld zijn als een
kleine zelfmoordpoging.
De gepijnigde ziel:
Het is algemeen geweten dat alcohol een verdovende werking heeft;
zowel geestelijk als lichamelijk. Alcohol zorgt ervoor dat men opeens heel
gelaten staat tegenover de eigen gevoelens,
men voelt het verdriet minder en ook de angst.
Zo verdooft heroïne ook verdriet, angst, honger (om terug te komen op
de straatkinderen van Peru) en verveling.
Kicks worden hoofdzakelijk gezocht om problemen te vergeten. Mensen die een
trauma opgelopen hebben, worden bijvoorbeeld vlugger drugsverslaafd. Bovendien
kan niet iedereen even goed zijn pijn verdragen. Dat hangt af van het karakter,
van het feit of men veel of weinig steun krijgt van de omgeving en zeker ook
van de opvoeding. Sommige ouders nemen een overbeschermende houding aan tegenover
hun kinderen waardoor deze minder vlug zullen leren hoe ze voor zichzelf moeten
opkomen en zich door problemen moeten worstelen. Als jongeren worden zij dikwijls
veel minder weerbaar ten opzichte van kicks.
Ook de verwenning heeft zijn invloed. Verwennen houdt in dat ouders hun kinderen
alles geven wat ze vragen op materieel vlak en hen tegelijkertijd op emotioneel
vlak helemaal tekort doen, meestal door gebrek aan tijd. (Wat dan weer een
maatschappelijk probleem is.) Dat tekort aan liefde, maar ook aan duidelijke
regels maakt iemand 'bedorven', zoals men het in het dialect zou zeggen.
Het zijn dikwijls net de jongeren die 'nooit iets tekort gehad hebben' die
zich wenden tot druggebruik, joyriding, vandalisme,
Het verlangen naar religiositeit:
De joodse psychiater Frankl is ervan overtuigd dat "de mens
uiteindelijk niet zozeer verlangt naar het gelukkig-zijn op zichzelf, maar
naar een reden om gelukkig te zijn."
Een mens verlangt dus veel dieper naar een zin in het leven, dan naar het
gevoel dat hij gelukkig is. Dat gevoel dat hij gelukkig is, vloeit dan natuurlijk
wel voort uit dat ervaren van zin. Maar men kan niet oprecht gelukkig zijn
als men de reden daartoe niet heeft. Mensen die om de één of
andere reden die reden niet kunnen vinden, proberen toch het gevoel op te
wekken dat ze wel gelukkig zijn. Dat kan door middel van drugs, alcohol, ongebonden
seks,
Hier is de kick een deel van het verdringingsmechanisme geworden;
het helpt het gevoel dat men iets mist in het leven te verhullen. Maar dat
gemis blijft natuurlijk wel aanwezig.
Volgens De Dijn is het individualisme een postmoderne formulering van het
universele zoeken naar zin. De postmoderne maatschappij moedigt het aan op
zoek te gaan naar boeiende activiteiten en bezigheden waar het enkel belangrijk
is dat het individu er zich goed bij voelt.
Jongeren, die zelf nog op zoek zijn welke kant ze met hun leven uit willen,
zijn daar uiteraard heel gevoelig voor.
De Dijn beweert verder nog dat een mens niet enkel naar zin streeft, maar
ook naar contact, het voelen met iets Hogers. Gezien de crisis waarin het
christendom zich bevindt, moet men dus op zoek gaan naar andere vormen. Op
die manier kan er een kickreligie ontstaan; die door het doorbreken van grenzen
en taboes mensen op het spoor doet komen van die Hogere Grens.
BIOLOGISCHE VERKLARINGEN
MAO:
Wetenschappelijk onderzoek heeft uitgewezen dat mensen met weinig MAO (mono-amine-oxidase)
in het bloed er veel meer behoefte aan hebben risico's te nemen. Mensen die
er heel veel hebben daarentegen, durven haast niets. Niet alleen de dapperheid
zou dus gedeeltelijk te verklaren zijn door de stoffen die in het lichaam
aanwezig zijn, maar ook de behoefte aan risicovolle ondernemingen.
De genen:
Over erfelijkheid en drugsverslaving is nog heel weinig geweten.
Toch is het is al bewezen dat het ook aan de genen ligt of men gemakkelijk
aan alcohol verslaafd wordt of niet.
Niet alleen of men de kick zoekt, maar ook of men hem blijft zoeken is gedeeltelijk
biologisch bepaald.
Ook het geslacht kan een verschil maken. Uit het onderzoek van Vercaigne bleek
dat er van de mannelijke geïnterviewden circa 1/10de meer was dat al
eens dronken geweest was dan van de vrouwelijke. Hetzelfde gold voor het nemen
van weed, hasj en marihuana.
TOEVALSFACTOR
Toeval speelt een heel belangrijke rol in het vinden van kicks. Het in
contact komen met drugs is meestal niet zelf gezocht, maar gebeurt via vrienden.
Ook al raakt men niet met om het even wie bevriend, vrienden ontmoet men meestal
heel toevallig en dus is het contact met drugs deels toevallig. Met welke soort
drugs men dan in contact komt, is ook toeval. De ene soort is uiteraard veel
gevaarlijker dan de andere. Maar de ene mens reageert ook anders op drugs dan
andere. Het moet natuurlijk heel toevallig zijn dat men net die drugs in handen
krijgt, waar men bijzonder gemakkelijk aan verslaafd raakt. Maar het gebeurt.
Het meest toevallig nog is de combinatie van al deze factoren. Deze kunnen allemaal
erg verschillend van aard zijn, maar kunnen elkaar bijzonder versterken.
Het donkerte kraakt en buigt
het wil mij maken zwart
Kom, lokt zwart
verdwijnen is vergeten
Ik weet dit gelogen
Als ik ben opgelost
pijnt mijn wezen door.
Carla Banning
WAT IS EEN DIEPTE-ERVARING?
Toen een zestienjarige jongen zei dat gevoelens toch alleen maar bestonden
uit chemische reacties in de hersenen, stelde een jonge zuster hem de vraag:
"En wat is het dan dat die reacties veroorzaakt?" Hij kon geen antwoord
geven. Voor deze jongen waren gevoelens niets meer dan een kick. En aan de manier
waarop hij zijn vaststelling uitsprak, kon je horen dat hij het eigenlijk allemaal
een saaie boel vond. Een kick, hoe opwindend ook, is in wezen saai, doods,
artificieel. De zuster echter bekeek gevoelens als diepte-ervaringen; zij erkende
het mysterie dat eraan vast hangt. Zij vond ze boeiend, diep en zinvol.
Hier wordt nagegaan wat nu precies de verschillen zijn tussen de lege grensoverschrijdende
kick en de diepte-ervaring, eventueel in religieus perspectief. De gelijkenis
is al duidelijk: het gaat om een intense gevoelsbeleving. Bij de
categorisatie hebben we de diepte-ervaring ondergebracht bij de kick door
ze een diepe grensverleggende kick te noemen. Dit is geen onproblematische voorstelling
van zaken. Immers, deze zou de indruk kunnen wekken dat een diepte-ervaring
enkel bestaat uit een kick.Wat is een diepte-ervaring en waarin verschilt ze
van een kick?
Ervaring:
Elke ervaring hangt samen met de vorige ervaringen. Tijdens het
ervaren zelf duidt men eigenlijk al wat het ervarene voor zichzelf betekent.
Maar de manier waarop men die ervaring aanvoelt en begrijpt, hangt niet alleen
af van het karakter, maar ook van wat men al allemaal meegemaakt heeft in
zijn leven. Ervaring kan niet los gezien worden van het individuele én
het culturele verleden.
Om
deze reden kan men een ervaring ook een 'ontmoeting' noemen. Ook een ontmoeting
doet beroep op de traditie in het hoofd. Een ontmoeting duurt bovendien langer
dan het contact tussen twee mensen; ze doet een blijvende betekenis in het
leven komen waarop men voortdurend terug zal grijpen. Nieuwe ervaringen zullen
de betekenis die gegeven wordt aan de vorige ervaringen, namelijk beïnvloeden.
Tegelijkertijd zal die ervaring ook een grond zijn om nieuwe ervaringen mee
te interpreteren. Een kick echter duurt zolang ze duurt; ze vormt geen grond
om nieuwe kicks te interpreteren. Men kan natuurlijk wel een geschiedenis
opbouwen van kicks waarin men zich bijvoorbeeld herinnert dat de eerste roes
toch anders, specialer was dan de rest. Toch zal het een lege geschiedenis
zijn; aangezien er geen diepere betekenis doorheen geweven is.
Diepte:
Het woord 'diepte' hangt onlosmakelijk samen met ervaring. Een diepte-ervaring
is "The shaking of foundations."
Men ervaart dat de diepste kern van het zijn aangeraakt worden. Men is verwonderd,
van zijn stuk gebracht. Toch duidt het woord 'diepte' niet zozeer op de sterkte
van het gevoel, maar op de volheid van betekenis die de ervaring oproept.
Het gaat niet zozeer om een diepe ervaring, maar om een ervaring van diepte.
Dat mag één van de belangrijkste tegenstellingen met de kick
zijn.
Ten tweede brengt de diepte-ervaring ook een verandering teweeg. De kennis
die men door de ervaring opgedaan heeft, is dus performatieve kennis. Men
gaat anders leven, de wereld anders bekijken.
DE KLOOF TUSSEN DE DIEPTE-ERVARING EN DE LEEGTEKICK
Grenzen
en taboes:
Een leegtekick ontstaat doordat men ruw de grens doorbreekt. Men
breekt het taboe open en probeert het op die manier stuk te maken.
Dat komt omdat men geen plaats laat voor andersheid van het andere; het gaat
enkel om het ervaren van de eigen grenzen. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de
manier waarop men mensen aanspoort aan kicksporten te gaan doen: "You
don't know your own limits till you reach for them."
Een diepte-ervaring daarentegen heeft alles te maken met authenticiteit en
tederheid. Ze laat het tapu (het heilige, het sacrale)
aanwezig komen. Wat men voelt is een oneindig respect voor de waardevolle
wereld die zich opent. Men grijpt niet naar de grens, maar het is de grens
die even heel dicht komt. De grens verlegt zichzelf; het leven zal nooit meer
hetzelfde zijn als daarvoor. Dit aanvoelen van de grens kan positief, maar
ook negatief zijn. Men kan een diepte-ervaring beleven als men een kindje
ziet dat net geboren is of als men hoort dat één van de beste
vrienden plots gestorven is.
Het andere, het onverwachte:
Een diepte-ervaring is fundamenteel het ervaren van, het in aanraking
komen met de andere.
Het feit dat men een diepte-ervaring kan omschrijven als een ontmoeting, drukt
dit al uit. Maar het gaat niet altijd om ontmoeting met mensen. Volgens Kuitert
bijvoorbeeld is de kern van de diepte-ervaring het bewustzijn dat men zijn
leven en zijn dood niet in eigen handen heeft; dat men er evengoed niet had
kunnen zijn. Dat bewustzijn is altijd latent aanwezig, maar in de diepte-ervaring
komt het in alle sterkte naar boven. Men ervaart een hogere macht waarvan
men zich afhankelijk voelt.
Bij een kick echter gaat het enkel om het ervaren van zichzelf: het voelen
van de eigen grenzen, het ten volle bewust worden van zichzelf of net het
willen verliezen van zichzelf. Daarom willen we een kick ook geen ervaring
noemen: als er geen openheid naar het andere is, is er namelijk geen ervaring.
Zoals het woord het al zegt, is de (of het) andere telkens opnieuw anders,
anders dan je denkt of wilt.
Men weet nooit op voorhand wat men zal ervaren en welke betekenissen die ervaring
zal oproepen.
Die andersheid in de ervaring biedt zich bovendien steeds onverwacht aan.
Kuitert drukt dit uit als hij de diepte-ervaring beschrijft als "Macht
die overrompelt."
Het is net de dimensie van de/het a/Andere die het zo overrompelend maakt.
Een kick overrompelt inderdaad ook wel, maar dan alleen op zintuiglijk vlak.
Op het vlak van echte ervaring blijft het leeg. Een kick roept men trouwens
zelf op, wanneer men het maar wil. Ook al is het gevoel dus heel intens en
overdonderend, een kick blijft in wezen voorspelbaar.
Ten derde is er ook een verschil in de relatie tussen het eigene en het andere.
Een diepte-ervaring laat ruimte voor wie men is. Men mag actief interpreteren
terwijl men ervaart, er is een gezonde wisselwerking tussen zichzelf en het
andere. Aan de ene kant is er de onverwachte realiteit die zich in al haar
andersheid aanbiedt en zo veel van de menselijke vanzelfsprekendheden in vraag
stelt. Omwille van deze realiteit wordt men telkens opnieuw aangezet tot reflecteren.
Aan de andere kant is er ook het eigene in de mens die met de eigen achtergrond
die realiteit tegemoet gaat en probeert te begrijpen. Men kan haar nu eenmaal
niet anders begrijpen dan op de eigen persoonlijke manier.
In
een kick daarentegen is er geen enkele sprake van een relatie. Men heeft er
de andere ook niet voor nodig. Kicks worden stuk voor stuk alleen beleefd
(ook al 'doet' men het met twee of meer); in een eigen wereld waarin de realiteit
met haar vervelende andersheid verdrongen wordt. Daardoor zakt men natuurlijk
nog verder in de eenzaamheid. Men keert naar binnen, men krimpt in feite.
Maar niet alleen de ander kan er niet zijn in de kick, ook de eigenheid wordt
helemaal buiten spel gezet. Men wordt volledig opgeslorpt door de snelheid
en de intensiteit van de gevoelens zodat men ontdaan wordt van de kritische
denkkracht. In de kick komt men dus niet alleen in een scheefgetrokken relatie
te staan tegenover de ander, maar ook tegenover zichzelf.
Het woord als het andere:
De religieuze ervaring is zo groot en ongrijpbaar dat er nooit voldoende
en passende woorden voor gevonden zullen worden. Dit kan men eigenlijk ook
zeggen over de kick: ook een kick kan men niet onder woorden brengen. Maar
terwijl een kick puur gericht is op het gevoel, zoekt een diepte-ervaring
naar het waarom achter het gevoel; de betekenis.
Er is nog meer: een diepte-ervaring houdt "een appel, een oproep, een
roeping" in.
De ervaring zelf vraagt een boodschap uit te dragen;
men wordt dus niet alleen geroepen, maar men wordt zelf ook een roepende.
Men probeert mensen te verhalen van wat men ervoer en hen te overtuigen van
de nieuwe zin die men ontdekt heeft.
De diepere betekenis in de ervaring heeft er dus nood aan verwoord en uitgedragen
te worden. Nu is het niet alleen zo dat het ervarene woorden oproept, maar
ook dat men de ervaring ervaart zoals men ze ervaart, net omdat men woorden
heeft. Met andere woorden: men ervaart op een talige manier omdat men talige
concepten in het hoofd heeft. De taal kleurt de ervaring.
Dat maakt dat men de werkelijkheid eigenlijk nooit kan zien zoals ze is.
Sommige mensen denken dat de oplossing in het nemen van drugs ligt. Want in
de roes wordt men volledig één met alle dingen die men ziet,
zonder dat de taal tussen zichzelf en de dingen staat.
Zo lijkt het alsof men rechtstreeks in contact komt met de werkelijkheid an
sich. Bij deze manier om de waarheid te ontdekken, kan men heel wat bedenkingen
maken.
Vooreerst kan men zich de vraag stellen of de zin van het leven bestaat uit
het bereiken van de waarheid. De roeswaarheid kàn trouwens geen zin
hebben. Pogingen om het beleefde te communiceren hebben namelijk altijd als
gevolg dat de taal weer belet de waarheid op zich te benaderen. Zonder taal
echter kan men geen levensfilosofie maken, geen inzichten ontwikkelen die
ervoor zorgen dat men anders gaat leven. Men heeft niets meer dan het gevoel
dat men nu alles weet. En wat is men met de waarheid als men er niets mee
kan doen in het leven?
Is deze poging om de waarheid te bereiken bovendien iets anders dan hoogheidwaanzin?
Is het overstijgen van het menselijk onvermogen alles te kunnen, niet het
enige doel dat achter het zoeken naar de werkelijkheid op zich steekt? Maar
de werkelijkheid, de waarheid, het echte zijn gegevens die in feite bodemloos
zijn.
Wat men ook probeert, het zal nooit lukken alles te weten, te voelen, mee
te maken,
Zelfs in de kick lukt dit niet; men voelt zich slechts één
met de voorwerpen die men ziet in een beperkte ruimte en een beperkte tijd.
Of in de lijn van wat Schillebeeckx schreef: "De werkelijkheid is altijd
anders en meer dan zij gedacht wordt."
Een laatste bedenking houdt in dat men in de kick niet zozeer terecht komt
in de echte wereld, maar in een droomwereld. In de woorden van iemand die
zijn base-jumpbelevenis beschrijft, kan men dit tussen de regels lezen:
"Je komt los van de echte wereld, informatie buiten en rond je verdwijnt
en de tijd staat stil."
Men komt terecht in een wereld waarin woorden weggewist worden; woorden die
altijd dingen zeggen die men niet wil horen, woorden die oproepen, confronteren,
provoceren en het dus niet meteen gemakkelijk maken.
In de kick is er geen plaats voor eigenheid en andersheid. Hoe kan men dan
tot waarheid komen als men dit verdringt? Eigenheid en andersheid zijn ook
realiteiten.
De verbeelding:
Om een kick te ervaren misbruikt men eigenlijk het vermogen tot
verbeelding en inleving; men speelt er bewust mee. De voorbeelden werden reeds
gegeven van "Jurassic Park" en het bergbeklimmen. Men buit
de fantasie uit om een kick te krijgen.
Maar de verbeelding is er eigenlijk niet om ons een eigen privaat wereldje
op te bouwen waar we ons kunnen afsluiten van de rest. De verbeelding dient
om zich te kunnen inleven in de wereld van anderen en de Ander die wij op
het spoor komen in de diepte-ervaring. Als men de verbeelding op zo'n manier
gaat gebruiken, puur voor het eigen genot, haalt men haar eigen waarde eigenlijk
naar beneden.
Verslaving:
Mensen
die kicks opzoeken doen dat dikwijls omdat ze ongelukkig zijn, omdat ze geen
zin meer zien en het gevoel hebben dat niets echt waardevol is. Kicks kunnen
inderdaad tijdelijk het gevoel geven dat men gelukkig is. Maar dat dit alles
maar schijn is, bewijst het fenomeen van de verslaving: hoe meer krampachtig
men zoekt naar het geluk, hoe meer het verdwijnt.
De zoektocht naar kicks is dus eigenlijk een "sysifusarbeid";
als men de piekervaring bereikt heeft, rolt de gemoedstoestand weer naar beneden
en mag men opnieuw iets verzinnen om die steen terug naar omhoog te krijgen
en liefst zo snel mogelijk. Verslaving houdt bovendien in dat de eigen identiteit
langzaam afgebroken wordt. Men wordt slechts nog een schaduw van wie men ooit
geweest is. Want men wordt een slaafje van de kick; willoos en kritiekloos.
Uiteraard zijn er gradaties in de verslaving en er zijn heel veel verschillende
soorten. Een verliefd koppel dat zichzelf volledig isoleert van de buitenwereld
raakt bijvoorbeeld ook verslaafd aan elkaar.
Terwijl de leegtekick verslavend werkt, is de diepte-ervaring bevrijdend.
Een diepte-ervaring maakt bewust dat men in relatie staat tot iets dat groter
is dan zichzelf; dat men zichzelf niet gemaakt heeft. Maar tegelijkertijd
voelt men dat men ten volle zichzelf kan zijn bij die hogere macht, dat men
zelfs zonder dat grotere de mogelijkheid niet heeft er te zijn in alle eigenheid.
Wat voor idioten zijn dat,
als ze denken dat het leven nooit pijn zal doen?
Als ze denken dat ze ongedeerd kunnen blijven
en nooit pijn hebben en toch kunnen leven?
C. Voight
INLEIDING
De vraag is hier wat men binnen een vak godsdienst kan doen als
men merkt dat één van de leerlingen in de problemen zit; met drugs,
alcohol of in een spiraal van vandalisme verzeild is geraakt. We kunnen hier
uiteraard geen kant en klare oplossingen aanbieden. Het enige wat we kunnen
doen, is een paar tips en aandachtspunten bespreken.
Vooreerst kan de schoolcontext natuurlijk niet alles doen. Uit vele sociologische
studies blijkt hoe onmiskenbaar belangrijk de ouders zijn in het groeiproces
van hun kinderen. Een klas of school kan wel een belangrijke hulp zijn, maar
hij/zij kan nooit een substituut vormen voor (gemiste) nestwarmte. Daarom is
het ook belangrijk, zoals in elke vorm van hulpverlening, dat als men geconfronteerd
wordt met een probleem, men toch minstens overweegt of het mogelijk en wenselijk
is er de ouders van de leerling bij te betrekken.
Toch zou men er anderzijds van kunnen schrikken hoe groot de invloed van de
school is op jeugdcriminaliteit. Dat komt vooral omdat leerkrachten van groot
belang zijn voor de zelfwaardering bij hun leerlingen. Dit kan men bevorderen
door leerlingen niet voortdurend te zeggen waar ze fouten maken, maar ze ook
te prijzen om wat ze goed doen en goed kunnen. Maar men doet eigenlijk nog veel
te weinig aan positief stimuleren in het onderwijs. Het ligt nochtans in heel
eenvoudige, maar heel belangrijke dingen. Als men de lessen zo richt dat ze
jongeren aanspreken, als men veel ruimte laat voor interactie en hun ideeën,
voelen de leerlingen dat ze gewaardeerd worden.
Het komt er dus op aan zich los te maken van de idee dat de school enkel een
instituut is waar kennis doorgegeven wordt. Voor het vak godsdienst in het bijzonder
ligt hier niet alleen een taak in een openheid voor het andere en de Andere
te ontwikkelen, maar ook de leerlingen vrij, zelfstandig en verbonden te maken;
hen te helpen op weg naar weerbaarheid, verantwoordelijkheid en een kritische
ingesteldheid.
PREVENTIE
Een sfeer van openheid:
Een school moet een plaats worden voor ontmoeting. Ieder mens kwijnt weg als
hij geen ontmoeting meer heeft. Maar er is meer; het is enkel door de ontmoeting
met anderen dat wij onze eigen andersheid kunnen ontdekken én ontwikkelen.
Enkel de ander kan ons in onze geaardheid bevestigen en stimuleren door ons
te erkennen en aanvaarden zoals we zijn.
De school als plaats van ontmoeting maken, betekent bijvoorbeeld dat men in
de refter ruim de tijd laat om te eten, zodat er ook de mogelijkheid is voor
gesprek. Het betekent dat culturele en sociale activiteiten aangemoedigd worden
en binnengebracht worden in de school. En uiteraard past de stijl van lesgeven
die we hierboven beschreven hebben er ook heel goed in.
Het kan ook altijd voorvallen dat er iets ergs gebeurd is waardoor iemand
echt niet in staat is les te volgen. Of die persoon zit in een erge crisis
en wil graag met iemand praten. In dat geval is het helemaal niet verkeerd
daar tijdens de schooluren ruimte voor te maken. Als die persoon dat vraagt,
mag er zelfs een vriend/in uit de klas geroepen worden om met hem/haar te
praten.
Het is dus belangrijk een algemene sfeer van openheid en bereidheid tot gesprek
te ontwikkelen. Zo is het goed in de les ook plaats te laten voor gevoelens;
het praten erover, het uiten ervan. Dit alles maakt de drempel te praten over
problemen, lager. Bij kicks echter is er een moeilijkheid. Een kick is een
middel om te ontkennen dat men een probleem heeft. Men zal dus ook zo gauw
niet naar de leerkracht gaan om om hulp te vragen. Openheid betekent dus niet
enkel dat de leerkracht klaar staat om te luisteren, maar ook dat die een
soort van zesde zintuig ontwikkelt voor mensen die het moeilijk hebben.
Een vak als godsdienst is wel net de plaats die de meeste kansen heeft te
ontdekken dat er iets mis is. In dit vak bestaat de grootste kans te ontdekken
wat de opvattingen zijn van de leerlingen over seksualiteit, vandalisme en
kicks in het algemeen. Het is dus zeker belangrijk deze onderwerpen voldoende
aan bod te brengen in de les en op bezinningsdagen en dergelijke.
De strijd:
Men kan natuurlijk een fervent tegenstander worden van drugs: men
kan acties voeren tegen legalisering van drugs en tegen megadancings. Maar
bij deze methode kan men tegenwerpen dat men het probleem niet bij de wortels
aanpakt. Drugsmisbruik is niet alleen een probleem, maar vooral een symptoom
van een probleem. Zolang men de wortels niet onder handen neemt, zal drugsmisbruik
blijven bestaan.
Men kan denken aan de moraliserende antirookcampagnes die nauwelijks effect
hebben en aan het grote plakkaat met "Roken is avontuurLIJK" bij
een bushalte waar middelbare scholieren 's morgens demonstratief hun sigaretje
stonden te roken. Het bestrijden van de symptomen alleen is niet voldoende.
Anderzijds
kan men terecht beweren dat de legalisering van cannabis wel eens desastreuze
gevolgen zou kunnen hebben. De producten alcohol en tabak, kennen - net door
hun legaliteit - een grote verspreiding. Het gevolg is dat er veel meer mensen
zijn die daar problemen mee krijgen dan er mensen problemen krijgen met illegale
soorten drugs.
Als cannabis gelegaliseerd zou worden, zouden er hoogstwaarschijnlijk meer
mensen te kampen krijgen met verslaving én met hun gezondheid. De kans
op kanker is bij het roken van cannabis namelijk nog hoger dan bij gewone
tabak.
Drugs is dus eigenlijk niet enkel een symptoom en een probleem, maar ook een
verleiding. Het is dus zeker goed drugs op zich te bestrijden, als men tegelijkertijd
ook de aanleidingen ertoe probeert te bestrijden. Men kan bijvoorbeeld ingaan
tegen het consumptieve in de maatschappij en de pervertering in de reclame
en/of een kritische attitude proberen te ontwikkelen bij de leerlingen tegenover
deze maatschappelijke tendensen die maken dat drugs aan aantrekkingskracht
winnen.
Ondanks het feit dat drugspreventie; in de vorm van informatie, getuigenis,
voordracht, heel nuttig kan zijn omdat het jongeren blijft bewust maken welke
de grote nadelen zijn, moet men er toch erg mee opletten. Als men voortdurend
benadrukt welke gevaren er aan drugs zitten, zouden sommige leerlingen ze
nog eens heel interessant kunnen beginnen vinden.
Daarom is er meer nodig:
Weerbaarheid:
De Sleutel is een organisatie van de Broeders van Liefde waaraan
verschillende hulpverlenende centra en preventieve acties verbonden zijn.
Zij beginnen al in het lager met projecten tegen drugs. Deze bestaan uit lessenpakketten
die de weerbaarheid bij de kinderen moeten vergroten. Het is inderdaad heel
wijs mensen al in hun vroegste levensjaren te vormen om sterk te staan tegen
allerlei verleidingen. De vorming van de persoonlijkheid is namelijk dan al
bezig. Uiteraard moet er daar in het middelbaar verder op in gegaan worden;
en dit al vanaf het eerste jaar.
Het is ook zeker aangewezen de ouders hierbij te betrekken. Ouderavonden vanuit
preventieve invalshoek moeten er eveneens niet enkel op gericht zijn informatie
te verschaffen over de soorten drugs en hun bijwerkingen, maar ook ouders
tips te geven hoe hun kinderen sterk te maken tegenover drugs.
Weerbaar leren zijn houdt in dat men respect leert hebben voor zichzelf: het
lichaam, de geest, de waardigheid. Maar het is ook het aanleren van respect
voor de ander: weerstaan aan het individualisme. Het is inderdaad wel mijn
lichaam, mijn leven, mijn verantwoordelijkheid, maar het is niet alleen mijn
vriendschap, niet alleen mijn verdriet, en dus eigenlijk ook niet alleen mijn
leven. Een mens is verbonden met andere mensen en leeft niet voor zichzelf
alleen; als hij zichzelf kapot maakt, kwetst hij ook de mensen die van hem
houden en in extenso de hele mensheid.
Als men daar in de les over bezig is, is belangrijk niet alleen te vertellen,
maar de leerlingen ook aan het woord te laten; niet zomaar een eigen filosofie
op te dringen, maar luisteren, te zoeken waar de remmingen en problemen zitten
om hen van daaruit te helpen zoeken naar een oplossing. Het is belangrijk
hen te begeleiden, niet te leiden. Alleen zo kunnen jongeren zelfstandig en
weerbaar worden.
Zingeving:
Op vlak van seksuele voorlichting is het cruciaal niet alleen op het vlak
van het fysieke (anti-conceptie, AIDS, SOA) te blijven steken.
Het
is uiteraard belangrijk dat jongeren op de hoogte zijn over de praktische
zaken, maar ook dat ze leren hoe ze kunnen bouwen aan relaties én hun
seksualiteit en hoe daarbij seksualiteit als teken van verbondenheid seksualiteit
als kick in kracht en betekenis ver overschrijdt. Relatie en seksualiteit
komen niet vanzelf. Daarom is het totaal niet aangewezen fouten van jongeren
zomaar te veroordelen. Jongeren zijn in groei; zij proberen. Veel jongeren
kunnen bijvoorbeeld nog geen relatie aan omdat ze alle moeite hebben te houden
van zichzelf en hun lichaam. Zij zitten naast die zelfcomplexen ook vast in
schuldgevoelens in verband met seksualiteit. Het is goed hen daarvan los te
maken, zonder meteen een extreem narcistisch-libertijnse houding aan te nemen.
In klasgesprekken merkt men wel dat vele jongeren verlangen naar zinvolle
seksuele relaties.
Bovendien kunnen sommige onderzoeken, naast de onderzoeken die op groeiende
individualisering wijzen, verrassende uitspraken doen over de jeugd van tegenwoordig.
Zo blijkt bijvoorbeeld dat volwassenen tussen de 35 en de 45 jaar zelfs een
beetje toleranter zijn als het gaat om seksualiteit dan jongeren van 18 tot
26 jaar.
Het komt er dus op aan dat verlangen naar zin bij jongeren aan te moedigen
en het los te maken van eventueel individualisme. Want die twee zijn gewoon
niet combineerbaar. In het individualisme zoekt men naar het geluk op zich.
Met deze ingesteldheid kunnen relaties alleen maar stuk lopen of gaan ze tenminste
toch scheef lopen.
Liefde is een reden om gelukkig te zijn, om het met Frankls woorden te zeggen.
Maar liefde maakt je ook kwetsbaar en heel gevoelig voor spanningen. Een mens
die eigenlijk alleen op zoek is naar het geluk, haakt dus gauw af als het
over liefde gaat en gaat op zoek naar een nieuwe gelukzalige verliefdheid.
Toch zijn er ook heel wat mensen die toch kiezen voor de liefde, ook al is
zij niet enkel reden voor het geluk. Men gaat dus niet op zoek naar de liefde
OMDAT zij gelukkig maakt (dan zou men enkel op zoek zijn naar het geluk en
bijgevolg niet naar de liefde), maar men heeft lief voor de liefde zelf, voor
wat die is en nog zal worden.
Frankls principe heerst in alle relaties; vriendschap, liefde en de relatie
met God.
CONCRETE HULP
Als men dan met een drugsprobleem geconfronteerd wordt, moet men vooreerst
kunnen uitmaken wanneer het nodig is hulp van derden in te roepen. Het is niet
nodig direct te gaan problematiseren en alle middelen in te roepen die maar
mogelijk zijn. Men gaat beter na of het mogelijk is het probleem samen op te
lossen. Als dat niet mogelijk is, kan men zich, indien wenselijk in overleg
met de ouders, wenden tot binnenschoolse hulp en pas als het echt noodzakelijk
is, tot hulpdiensten buiten de school.
In geval van vandalisme op school bijvoorbeeld is het gevaarlijk voortdurend
maar te straffen en er politie bij te halen. Dan vergeet men weer te kijken
wat de oorzaken van het symptoom zouden kunnen zijn. Alternatieve straffen kunnen
soms wel heel zinvol zijn omdat het gevoel een opdracht toevertrouwd te krijgen
echt bevorderend kan zijn voor de zelfwaardering. Het is zeker ook niet overbodig
cursussen te volgen om te leren om te gaan met conflicten, moeilijke leerlingen
en leerlingen met problemen.
De school is meer dan een plaats waar kennis overgedragen wordt.
Liefde:
In alles is het belangrijk jongeren te laten voelen dat ze aanvaard
worden zoals ze zijn. Jongeren die opgroeien in een prestatiemaatschappij
zijn het haast gewend alleen erkenning te krijgen als ze er iets van terecht
brengen. Het gaat hier om de enorme uitdaging te houden van iemand in al zijn/haar
aspecten en niet zomaar te houden van iemand hoewel die ook slechte kanten
heeft. Men is enkel oprecht als men de hele persoon aanvaardt; als men de
persoon in zijn geheel de moeite waard vindt. Het gaat ook om zelfoverstijging:
houden van iemand, ook al begrijpt men die niet helemaal; kunnen houden van
iemand ondanks zijn andersheid.
Christelijk verwoord betekent dit dat elke mens moet beschouwd worden als
beeld van God.
Maar
om de jongere te kunnen aanvaarden en hem tot zelfrespect laten komen, moet
men uiteraard ook zichzelf aanvaard hebben en kunnen houden van zichzelf.
Het houdt in dat men weet waar de eigen zwaktes en grenzen liggen en dat men
ze kan accepteren.
Alleen zo staat men sterk genoeg in de schoenen om de jongere te betreden
en te begeleiden.
Begeleiden betekent dat men iemand vertrouwen schenkt. Dit kan men laten blijken
door de persoon open en onbevooroordeeld te benaderen. Kickgedrag is niet
altijd een symptoom van een immoreel karakter; het kan ook een middel zijn
om pijn te ontvluchten. Als men deze houding van eerbied mist, bestaat niet
alleen het gevaar dat men stenen werpt terwijl men zelf niet zonder zonden
is, maar dat men iemand al gaat stenigen voordat men iets van zijn/haar zonden
afweet.
Ook de ouders moet men onbevooroordeeld benaderen. Niet iedereen die drugs
neemt, doet dat omdat zijn ouders hem/haar nooit genoeg liefde gegeven hebben.
Het is ook niet omdat de ouders het nooit gemerkt hebben, dat ze nooit genoeg
aandacht aan hun kind besteed hebben. Als men niets weet over drugs, zal men
het ook niet zo gauw herkennen.
Veel ouders worden trouwens soms wel eens verblind door de liefde voor hun
kind: "Mijn kind doet zoiets niet."
Niet alles zelf doen:
Dikwijls is de weg naar de hel geplaveid met de beste bedoelingen. Als men
bijvoorbeeld veel te enthousiast is om te helpen, begint men soms al het probleem
op te lossen, zonder dat men weet waarover het gaat. Er moet dus zeker een
hoop tijd en geduld om te luisteren.
Het is beter een hele tijd stil te zijn en echt te luisteren naar jongeren,
non-verbaal te tonen dat men hen begrijpt dan hun zin aan te vullen voor ze
hem kunnen beëindigen.
Zij hebben er echt nood aan te vertellen, hun verhaal te doen.
Als men in gesprek gaat met jongeren moet men ook altijd voor ogen houden
dat men met de beste intenties soms toch helemaal verkeerd kan overkomen.
Daarom is het belangrijk niet alleen goed te luisteren, maar ook de persoon
echt te leren kennen zodat men kan weten hoe men zo exact mogelijk kan tonen
en zeggen wat men bedoelt zonder dat er meteen misverstanden rijzen.
Bij jongeren met problemen is dit uiteraard heel moeilijk omdat zij vaak een
houding aannemen van fundamenteel wantrouwen. Dit komt dikwijls omdat men
niet wil erkennen dat men in de problemen zit. Het is dan ook enorm belangrijk
de jongere, met de nodige zachtheid en liefde, zover te krijgen dat hij beseft
dat er een probleem is en dat er iets aan gedaan moet worden. Toch mag de
liefde niet verstikken; het is bijzonder gevaarlijk zichzelf voor te stellen
als degene die het allemaal voor hen zal oplossen. Hulp moet erin bestaan
jongeren weerbaar te maken zodat ze zelfstandig hun problemen tegemoet kunnen
gaan. Dit kan door hen bewust te maken van hun sterke kanten en hen duidelijk
te maken dat ze die moeten inzetten in de 'strijd' tegen het probleem.
Het gesprek moet dus op een verandering ogen; men moet proberen redelijke
afspraken te maken met de jongere.
Daarbij moet men zoveel mogelijk de vrijheid
van de jongere in acht nemen; hij/zij moet akkoord gaan omdat hij/zij beseft
dat het beter is zo, en niet omdat de leerkracht het zegt.
Toch
is gezag ook enorm belangrijk. Als hulpverlener moet men natuurlijk menselijk
en medevoelend zijn, maar men mag ook niet vergeten dat drugverslaafden gewiekste
personen kunnen zijn. Dikwijls proberen ze dan ook iemand die wil helpen om
de tuin te leiden. Dat is het gemakkelijkst voor hen, want ze weten ook wel
dat afkicken heel zwaar is. Anderzijds is het niet echt constitutief iemand
te benaderen met een fundamentele wantrouw. Men moet vertrouwen tonen in het
kunnen van die persoon; men moet laten merken dat men gelooft dat deze jongere
beter kan gaan leven. Men moet dus hard zijn tegenover de leugens van die
persoon, zonder hem/haar daarvoor te laten vallen. Men moet goed zijn, maar
niet naïef.
Beluister dit nummer:
Met een trage internetverbinding
Met een snelle internetverbinding
Take a parachute and jump
you can't stay here forever
when everyone else is gone
you almost seem that clever
Take a parachute and go
There is gonna have to be some danger
Take a parachute and jump
your gonna have to take a flight
refr.
If the wind don't catch you, I will, I will
If the wind 's not there, I'm here
Don't
look out before you, you know it's a long way down
I'll make it safer for you
Your parachute won't let you down
Take a parachute and go, maybe come back tomorrow
Take a parachute, I am
Stop, you ever getting sorrow
Cause the wind is not changed and the wind's minds mind blow over you
And the wind's minds mind cut you in two
Last we have: get a raincoat
Take a parachute and go, wait to me as you are falling
Take your parachute and jump, you hear a sound that's just be calling
It's a beautiful day for jumping, there's nothing here to kick you back
I'll make it safer for you, your parachute is on your back
Cause the wind's not changed
And the wind's not changed
Take a parachute, a parachute, a parachute, I am (4x)
And jump - Your wish will come and catch you
And jump - Before you hit the ground
(2x)
Beluister dit nummer:
Met een trage internetverbinding
Met een snelle internetverbinding
Breathe it in and breathe it out
And pass it on, it's almost out
We're so creative, so much more
We're high above but on the floor
It's not a habit, it's cool, I feel alive
If you don't have it you're on the other side
The deeper you stick it in your vein
The deeper the thoughts, there's no more pain
I'm in heaven, I'm a god
I'm everywhere, I feel so hot
It's not a habit, it's cool, I feel alive
If you don't have it you're on the other side
I'm not an addict (maybe that's a lie)
It's over now, I'm cold, alone
I'm just a person on my own
Nothing means a thing to me
(Nothing means a thing to me)
It's not a habit, it's cool, I feel alive
If you don't have it you're on the other side
I'm not an addict (maybe that's a lie)
Free me, leave me
Watch me as I'm going down
Free me, see me
Look at me, I'm falling and I'm falling.
It is not a habit, it is cool I feel alive I feel...
It is not a habit, it is cool I feel alive
It's not a habit, it's cool, I feel alive
If you don't have it you're on the other side
I'm not an addict (maybe that's a lie)
I'm not an addict...
Adem het in en adem het uit
en geef het door, het is bijna uit
We zijn zo creatief, zoveel meer
We zijn in de wolken maar op de grond
Het is geen gewoonte, 't is aantrekkelijk, ik voel me leven
Als je 't niet hebt, sta je aan de andere kant
Hoe dieper je 't in je ader steekt
des te dieper zijn de gedachten, er is geen pijn meer
ik ben in de hemel, ik ben een god,
ik ben overal, ik heb het zo warm
Het is geen gewoonte, 't is aantrekkelijk, ik voel me leven
Als je 't niet hebt, sta je aan de andere kant
ik ben geen verslaafde (misschien is dat een leugen)
Nu is het voorbij, ik heb het koud, ben alleen
ik ben maar een persoon op mijn eentje
NIets heeft enige betekenis voor mij
(Niets heeft enige betekenis voor mij)
Het is geen gewoonte, 't is aantrekkelijk, ik voel me leven
Als je 't niet hebt, sta je aan de ander kant
Ik ben geen verslaafde (misschien is dat een leugen)
Bevrijd me, laat me achter
kijk naar me terwijl ik ten onder ga
Bevrijd me, zie me
kijk naar me, ik val, ik val...
Het is geen gewoonte, 't is aantrekkelijk,
ik voel me leven, ik voel...
Het is geen gewoonte, 't is aantrekkelijk, ik voel me leven
Als je 't niet hebt, sta je aan de andere kant
Ik ben geen verslaafde (misschien is dat een leugen)
Ik ben geen verslaafde.
Toelichting voor wie deze song wil gebruiken in een les over kicks
De
eerste confrontatie met deze song is schokkend. Terwijl men in een song met
didactische kwaliteiten als jongere en als volwassene onmiddellijk een duidelijk
waarschuwende toon tegenover drugs zou verwachten, klinkt hier begrip en zelfs
positieve appreciatie van drugs door. 'Het is aantrekkelijk'. 'Ik voel me leven'.
Maar precies daarin ligt ook de kracht van de song. In plaats van direct van
buitenaf te veroordelen, probeert de zangeres zich in te leven in het standpunt
van de druggebruiker. Drugs zijn hemels, geven warmte, doen me zweven. Ze lijken
haast op een religieuze ervaring: ik sta aan de andere kant, ik voel me als
het ware god. De aantrekkelijkheid van drugs wordt niet verstopt, maar daarentegen
onderkend en ter sprake gebracht. Maar tegelijk wordt subtiel deze aantrekkelijkheid
van de drugskick ook ontmaskerd. Er staat wel 'ik ben geen verslaafde', maar
door de toegevoegde zin 'maar misschien is dat een leugen' wordt die uitspraak
'ik ben geen verslaafde' ontmaskerd als niets anders dan zelfbedrog. De drugverslaafde
bedriegt zichzelf. Hij maakt zichzelf wijs dat hij een bevrijd mens is, maar
eigenlijk wordt hij slaaf van de kick en de drug. En het is de druggebruiker
zelf die het opmerkt, het wordt niet gepreekt van buitenaf, het wordt toegegeven,
amper, slechts tussen haakjes, maar het wordt gezegd en de luisteraar kan er
niet langs. De song krijgt op die manier iets pijnlijks. De druggebruiker wordt
een tragische figuur die tegelijk zichzelf iets aan doet en het slachtoffer
wordt van zijn eigen leugens. En hoe bevredigend de drugskick ook, deze is maar
van korte duur. Een behoefte is tijdelijk bevredigd, maar een dieper verlangen
schreeuwt des te harder en dieper wanneer de kick voorbij is. De song legt dat
stapje voor stapje bloot: 'Nu is het voorbij, ik heb het koud, ben alleen, ik
ben maar een persoon op mijn eentje. Niets heeft enige betekenis voor mij'.
De kick werpt het individu terug op zichzelf, de egotrip laat hem of haar eenzaam
en verlaten achter, hongerend naar èchte verbondenheid. Uiteindelijk
duikt hier een diepere menselijke vraag op: 'Bevrijd me, laat me achter. kijk
naar me terwijl ik ten onder ga. Bevrijd me, zie me. Kijk naar me, ik val, ik
val...'. En doorheen heel deze beweging wordt in de song zelf het refrein 'Het
is aantrekkelijk, ik voel me leven, ik ben geen verslaafde' ontmaskerd als een
grove leugen die niet leidt naar het leven, maar naar de ondergang en
de dood, en meer nog, naar de vraag: wie of wat betekent èchte bevrijding
voor mij, wie verlost me van mijn eenzaamheid zonder mij te vernietigen...
Verdrijving uit de tuin van Eden - Gen. 3,1 - 3, 24
1 Van alle dieren, die de HEER God gemaakt had, was er geen zo sluw als de
slang. Ze zei tegen de vrouw: 'Heeft God werkelijk gezegd dat je van geen enkele
boom in de tuin mag eten?' 2 De vrouw zei tegen de slang: 'Wij mogen wel eten
van de vruchten van de bomen in de tuin. 3 God heeft alleen gezegd: "Van de
vruchten van de boom die midden in de tuin staat mag je niet eten; je mag haar
zelfs niet aanraken; anders zul je sterven.'' ' 4 Maar de slang zei tegen de
vrouw: 'Je zult helemaal niet sterven! 5 God weet dat je ogen open zullen gaan
als je van die boom eet, en dat je dan gelijk zult worden aan God, door de kennis
van goed en kwaad.' 6 Toen zag de vrouw dat het goed eten was van die boom,
en dat hij een lust was voor het oog, en hoe aantrekkelijk het was er inzicht
door te krijgen. Zij plukte dus een vrucht en zij at ervan; zij gaf er ook van
aan haar man, die bij haar stond, en ook hij at ervan.
7
Nu gingen hun beiden de ogen open en zij ontdekten dat ze naakt waren. Daarom
hechtten ze vijgenbladeren aaneen en maakten daar lendenschorten van. 8 Toen
zij bij het opkomen van de middagwind de HEER God in de tuin hoorden naderen,
verborgen de mens en zijn vrouw zich voor de HEER God tussen de bomen van de
tuin.
9 Maar de HEER God riep de mens en vroeg hem: 'Waar ben je?' 10 Hij antwoordde:
'Ik hoorde U in de tuin, en toen werd ik bang omdat ik naakt ben; daarom heb
ik mij verborgen.' 11 Maar Hij zei: 'Wie heeft je verteld dat je naakt bent?
Heb je soms gegeten van de boom die Ik verboden heb?' 12 De mens antwoordde:
'De vrouw die U mij als gezellin gegeven hebt, heeft mij van die boom gegeven,
en toen heb ik gegeten.' 13 Daarop vroeg de HEER God aan de vrouw: 'Hoe heb
je dat kunnen doen?' De vrouw zei: 'De slang heeft mij verleid, en toen heb
ik gegeten.' 14 De HEER God zei toen tegen de slang:
'Omdat je dit gedaan hebt,
ben je vervloekt, onder alle tamme dieren en onder alle wilde beesten!
Op je buik zul je kruipen en stof zul je eten, alle dagen van je leven!
15 Vijandschap sticht Ik tussen jou en de vrouw, tussen jouw kroost en het
hare.
Het zal jouw kop bedreigen, en jij zijn hiel!'
16 En tegen de vrouw heeft Hij gezegd:
'Ik zal de lasten van jouw zwangerschap zeer zwaar maken:
met pijn zul je kinderen baren.
Naar je man zal je begeerte uitgaan,
hoewel hij over je heerst.'
17 En tegen de man heeft Hij gezegd:
'Omdat je hebt geluisterd naar je vrouw en hebt gegeten van de boom die Ik
je had verboden,
zal de grond vervloekt zijn omwille van jou!
Zwoegend zul je van hem eten,
alle dagen van je leven.
18 Distels en doorns zal hij voortbrengen,
met veldgewas moet jij je voeden.
19 In het zweet zul je werken voor je brood,
tot je terugkeert naar de grond,
waaruit je bent genomen: je bent stof,
en tot stof keer je terug.'
20 De mens noemde zijn vrouw Eva, omdat zij de moeder is geworden van alle
levenden. 21 En de HEER God maakte kleren van huiden voor de mens en zijn vrouw
en kleedde hen ermee.
22 De HEER God zei: 'Nu de mens in de kennis van goed en kwaad als een van Ons
is geworden, wil Ik voorkomen dat hij zijn hand uitstrekt en ook van de boom
van het leven plukt. Door daarvan te eten, zou hij eeuwig blijven leven!' 23
Daarom verwees de HEER God hem uit de tuin van Eden, en moest hij de grond gaan
bebouwen waaruit hij was genomen. 24 Hij verjoeg dus de mens uit de tuin, en
aan de oostkant van de tuin van Eden plaatste Hij de kerubs en de vlam van het
wentelend zwaard, om de weg naar de boom van het leven te bewaken.
De verloren zoon - Lc 15, 11-32
11
Hij zei: 'Iemand had twee zonen. 12 De jongste zei tegen zijn vader: "Vader,
geef mij mijn deel van de erfenis.'' En hij verdeelde zijn vermogen onder hen.
13 Niet lang daarna vertrok de jongste zoon met al zijn bezit naar een ver land,
waar hij het verkwistte in een losbandig leven. 14 Toen hij alles opgemaakt
had, kwam er een zware hongersnood over dat land en ook hij begon gebrek te
lijden. 15 Hij zwierf rond tot hij in dienst trad bij een van de inwoners van
dat land; die stuurde hem het veld in om varkens te hoeden. 16 Graag had hij
zijn honger gestild met het voer dat de varkens aten, maar niemand gaf hem wat.
17 Toen kwam hij tot zichzelf en zei: "Zoveel dagloners van mijn vader hebben
brood in overvloed, en ik verga hier van de honger! 18 Ik ga terug naar mijn
vader. Ik zal hem zeggen: Vader, ik heb gezondigd tegen de hemel en tegen u;
19 ik ben het niet meer waard om uw zoon te heten, behandel me als een van uw
dagloners.'' 20 En hij ging terug naar zijn vader. Toen hij nog ver van huis
was, zag zijn vader hem al en werd ontroerd; snel liep hij op hem toe, viel
hem om de hals en kuste hem. 21 "Vader,'' zei de zoon tegen hem, "ik heb gezondigd
tegen de hemel en tegen u; ik ben het niet meer waard om uw zoon te heten.''
22 Maar de vader zei tegen zijn slaven: "Haal vlug de mooiste kleren en trek
ze hem aan, doe een ring aan zijn vinger en schoenen aan zijn voeten. 23 Haal
het gemeste kalf en slacht het; laten we eten en feestvieren, 24 want mijn zoon
hier was dood en is weer levend geworden, hij was verloren en is teruggevonden.''
En het feest begon.
25 Maar zijn oudste zoon was nog op het land. Toen hij naar huis kwam, hoorde
hij muziek en dans. 26 Hij riep een van de knechten en vroeg wat er te doen
was. 27 Die antwoordde: "Uw broer is thuisgekomen en uw vader heeft het gemeste
kalf geslacht, omdat hij hem gezond en wel terug heeft.'' 28 Toen werd hij kwaad
en hij wilde niet binnenkomen. Daarop kwam zijn vader naar buiten en probeerde
hem tot andere gedachten te brengen. 29 Maar hij gaf zijn vader ten antwoord:
"Ik dien u nu al zoveel jaren en nooit heb ik een gebod van u overtreden, maar
mij hebt u nog nooit een bokje gegeven om met mijn vrienden feest te vieren.
30 Maar nu die zoon van u is thuisgekomen, die uw vermogen met hoeren heeft
verbrast, hebt u voor hem het gemeste kalf geslacht.'' 31 Maar hij zei : "Jongen,
jij bent altijd bij me en alles wat ik heb is van jou. 32 We moeten feestvieren
en blij zijn, want die broer van je was dood en is weer levend geworden, hij
was verloren en is teruggevonden."
Vele jaren geleden, leefde er in een groot bos een oude bramenplukker. Op een avond klopte er een ontdekkingsreiziger aan de deur.
"Mag ik hier overnachten, ik heb alleen maar een bed en wat eten nodig,"
zei de man aan de bramenplukker.
"Meer heb ik niet nodig. En ik zal je
betalen met een goudstukje," voegde hij eraan toe.
"Mijnheer", zei de bramenplukker: "Ik heb je goudstukje niet
nodig, want ik heb al zoveel diamanten."
Het woordje 'diamanten' klonk voor de handelsreiziger al muziek in de oren.
"En wat heb je nog zo allemaal van rijkdom?" vroeg hij nieuwsgierig.
En de braamplukker begon op te noemen. Een paar duizend spiegels, en een paleis
met zuilen en een prachtig groen plafond. En heel de dag, mooie, prachtige muziek
van honderden muzikanten. De handelsreiziger, kon zijn verbaasde oren niet geloven.
En in plaats van daar te overnachten ging hij weg om dat grote nieuws aan iedereen
door te vertellen.
Eens in de stad aangekomen, ging hij op het balkon van het stadhuis staan, en
riep alle mensen samen. De mensen wisten niet wat ze hoorden, en vroegen of
zij misschien ook een mee mochten naar dat fantastisch kasteel. Nog diezelfde
nacht, verzamelden ze zich, en volgden vol verwachting de handelsreiziger die
hen de weg zou tonen.
-Zo kwamen ze bij het huisje van de bramenplukker aan. "Hier zijn we,"
riepen de mensen:" We komen je diamanten halen, in je paleis wonen en naar
je prachtige muziek luisteren. Oh, ja en die spiegels willen we ook wel hebben."
"Jullie zijn allemaal van hart welkom," zei de verbaasde bramenplukker.
"Morgenochtend laat ik jullie alles zien. Gaan jullie maar terug slapen,
we hebben tijd."
De volgende morgen lagen de velden te glinsteren en te schitteren onder de hemel
die door de opkomende zon helemaal roze scheen. En aan elke grashalm hingen
prachtige zilverkleurige dauwdruppels als diamanten te bengelen. En toen de
zon helemaal was opgekomen, leken ze wel op grote saffieren en opalen en nog
duizenden andere edelstenen. Intussen waren de mensen uit de stad reeds wakker
en kwamen ze naar de bramenplukker, vol ongeduld om zijn rijkdommen te kunnen
zien en om er ook wat van mee te nemen.
"Jullie treffen het," zei de bramenplukker met een breed gebaar. "Zoveel
parels liggen er niet altijd."
Verbaasd en ontgoocheld keken de mensen rond. "Dat zijn geen parels, maar
gewone dauwdruppels" schreeuwden ze woedend.
"Voor mij wel," zei de bramenplukker. "Ik hou er evenveel van
als waren het echte parels en saffieren, robijnen en smaragden".
Hij wees naar de bomen van het bos, en vertelde hen, dat deze de zuilen waren
zijn prachtig paleis. En die spiegels, dat waren de vijvertjes en de plassen
en de beekjes die in het grote bos lagen.
"Je bent een bedrieger," riepen de mensen woedend: "Leugenaar
die je bent!"
Sommigen wierpen met een steen en anderen met modder. En daarna vertrokken ze,
wit heet van woede.
Toen iedereen weg was zat de oude bramenplukker voor zijn huisje, verder te genieten van de opkomende zon. "Maar ik heb ze toch precies verteld zoals het is! Iets mooier ken ik niet" mompelde de oude man. Wat kunnen domme mensen toch hebberig zijn.
Kick of unieke gelukservaring?
uit Toon Tellegen, Misschien wisten
zij alles. 313 verhalen over de eekhoorn en de andere dieren, Amsterdam-Antwerpen, 2001, 359.
Zie ook onder hermeneutische knooppunten, nr 4.
Vroeg in de ochtend, toen de eekhoorn nog in bed lag, werd er op zijn deur
geklopt.
Wie is daar?, vroeg hij
Ik ben het, zei een stem, de olifant.
Even was het stil. Toen vroeg de olifant: wil je dansen?
Dansen?, vroeg de eekhoorn 'Nu?'
Is dat raar?, vroeg de olifant
Nou...raar..., zei de eekhoorn, het is nog heel vroeg
Dus je wilt het niet?, vroeg de olifant
De eekhoorn dacht even na en vroeg: waar wil je dansen?
Bijvoorbeeld hier, voor je deur, zei de olifant
Maar daar is helemaal geen plaats!
Dan dansen we niet te ver uit elkaar, zei de olifant
Dan vallen we zeker naar beneden
O, zei de olifant, dus je wilt niet dansen
De eekhoorn stapte uit zijn bed
Even later legde hij zijn ene arm op de schouder van de olifant en sloeg zijn
andere arm om zijn middel. De olifant zei dat hij tot drie zou tellen, schraapte
zijn keel en telde tot drie.
Toen maakten zij één danspas, verstapten zich en vielen naar
beneden. Versuft lagen zij naast elkaar in het natte gras onder de beuk.
Vond je het een slecht idee, eekhoorn?, vroeg de olifant
Nee hoor, zei de eekhoorn, hij wreef over de buil op zijn hoofd en dacht aan die ene pas die echt een hele mooie danspas was geweest.
Meer info over deze spelen: Centrum Informatieve Spelen
TV-kijken, eten, roken, drinken, computerspelletjes spelen,...
Voor je het weet, besteed je er meer tijd (of geld) aan dan je lief is,
dan goed voor je is.
In Verslingerd ontdekken de spelers wat het betekent verslaafd
te zijn en hoe ze zich er tegen kunnen wapenen. Inzicht in zichzelf, er
naar handelen en de hulp van anderen, staan daarbij centraal.
Cold Turkey is een spel rond vier verschillende vormen van verslaving:
drugs, tabak, alcohol en medicijnen.
De bedoeling van het spel is om via juiste informatie en opdrachten de
jongeren een eigen mening te laten vormen over verslaving en het gebruik
van drugs in de brede zin van het woord. De spelers leren ook aanvoelen
dat verslaving niet alleen iets persoonlijk is, maar gesitueerd moet worden
binnen een ruimere maatschappelijke context: groepsdruk, de druk vanuit
de reclamewereld en de maatschappelijke druk.
De spelers doorlopen een spelbord met hier en daar speciale vakjes. Ze
testen hun kennis over drugs zoals alcohol, geneesmiddelen, soft drugs
en hard drugs. Daarna wordt er van gedachten gewisseld over drugs als
sociaal verschijnsel en als persoonlijke uitdaging om er aan te weerstaan.
R. L. STEVENSON, De zonderlinge geschiedenis van Dr. Jekyll and Mr. Hyde, Amsterdam, 1975
De klassieker: "Dr. Jekyll and Mr. Hyde" van Stevenson wordt af en toe wel eens verbonden met druggebruik. En wie het boek leest, zal merken dat de gelijkenissen inderdaad frappant zijn. Dr. Jekyll is er bijzonder door geïntrigeerd dat er twee kanten aan hem zijn die hij gewoon niet kan harmoniëren: zijn goede en zijn kwade kant. Zijn hele leven al heeft hij die kwade kant verdrongen en de goede zoveel mogelijk naar buiten gebracht. Aangezien deze twee kanten niet te samen kunnen leven, zet hij een experiment op om ze van elkaar te scheiden. Als hij drinkt van een zelf gebrouwde mengsel, valt zijn goede kant weg en wordt hij Mr. Hyde. (Hyde betekent verbergen, het duidt dus op zijn verborgen kant.) Deze persoon blijkt enorm kwaadaardig te zijn, maar dat geeft hem zo'n gevoel van sensatie dat hij het blijft doen. Want het zorgt ervoor dat hij meer durft, dat hij meer uit zichzelf komt.
Een kick kan de ideale manier zijn waarop het kwade in een mens zich kan
uitleven. Soms (!) kan men het schema van de drie verleidingen aan Jezus van
de satan erop toepassen (zie Mt 4 en Lc 4). Nemen we als voorbeeld hierbij
joyriding.
Joyriding wakkert de hebzucht aan. Het is mijn leven, mijn lichaam, dus ik
doe ermee wat ik wil. Of het ook mijn auto en mijn weg is laten we dan maar
even terzijde. Feit is dat het hier gaat om de consumptiedroom ten top gedreven.
Ook de eerzucht beleeft zijn hoogdagen in de kick. Men voelt zich groot worden,
men voelt zich een held omdat men alles aandurft. In deze maatschappij, waar
iedereen braaf in het rijtje loopt, is men anders. Men is speciaal, men is
een individu, een rebel, een revolutionair.
En zeker ook de heerszucht vindt hier zijn gading. Men heeft een eindeloos
gevoel van macht; de kick wordt zelf opgewekt, wanneer men maar wil en hoe
hevig men maar wil. Men weet precies wat men zal voelen, het lijkt alsof men
er volledig vat op heeft.
VOIGHT, C., Orfie, Rotterdam, 1992
Dit boek vertaalt het verhaal van Orfeus (Orfie) en Euridyce (Yurie) naar de moderne tijd. Zoals Euridyce naar de onderwereld gaat door het gif van een slang, verdwijnt Yurie langzaam in de onderwereld door zijn verslaving aan drugs. Die onderwereld wordt heel treffend gesymboliseerd door het huis waar de verslaafden in wonen. Niemand raakt daar binnen en niemand wil daar ook binnen. Want het is daar dood. Maar Orfie slaagt er wel in het huis binnen te komen, omdat de inwoners van het huis haar gitaarmuziek graag horen. Heel even bloeit de hoop dat Orfie Yurie uit die wereld kan meenemen, maar het mag niet baten.
Werkt(e) u met dit thema in uw les? Heeft u bij deze impuls bijkomende
opmerkingen of suggesties?
Geef dan feedback (ervaringen en aanvullende suggesties)
voor andere godsdienstleerkrachten. De reacties van alle bezoekers worden hieronder
gebundeld.
Alle reacties, geschreven in een constructieve en collegiale geest zijn welkom! Reacties waarin leerkrachten elkaar aanvallen, worden niet opgenomen.
Voor opmerkingen en vragen bij deze in de kijker kan u ook mailen naar Liesbeth Rogge, auteur van de scriptie waaruit heel wat materiaal is verwerkt in deze in de kijker.
De ingezonden reacties tot nu toe:
24-06-2004
anoniem
Geïnteresseerde
Ik kom zelf uit nederland en blow al een aantal jaren dagelijks. Ik ben er verslaafd aan en ik heb er zelf geen problemen mee... Hoewel ik het soms doe tegen problemen in mijn hoofd doe ik het vooral uit plezier.
30-08-2002
Marc Dejan
Leerkracht secundair onderwijs
Waarom geen bijbelverhaal erin verwerkt dat aantoont dat een diepte-ervaring niet voor iedereen weggelegd is?
De rijke jongeling, genezing van de tien melaatsen of een ander?
Ik weet wel dat je kunt antwoorden: het is maar een onderdeel van een groter thema, maar de religieuze dimensie zou naar mijn bescheiden mening niet misstaan. Ik heb het geheel herwerkt en zal je weten te vertellen hoe het mee of tegen gevallen is. Succes alvast.
Noot van het Thomas-team:
Erg goeie suggestie, bedankt!
We zijn zeker benieuwd naar uw herwerking van het geheel.
Vul onderstaande velden in (de identificatievelden zijn niet verplicht in te vullen) en klik op verzenden. Uw feedback wordt dan op deze pagina opgenomen.