|
VESALIUSONLINE |
.......................... |
|||||||||||||||
|
000-0401870-96 'Ontwikkelingshulp Geneesheren en Apothekers Alumni Leuven Stortingen van minimum 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar |
||||||||||||||||
|
||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||
|
Dr. Thérèse Biselele en Dr. Gertrude Luyeye zijn de eerste Congolese artsen die in aanmerking kwamen voor een UNIFOS doctoraatsbeurs. UNIFOS staat voor Universitair Fonds Ontwikkelingssamenwerking en beoogt de capaciteitsopbouw van universiteiten in ontwikkelingslanden. De beurzen werden voor het eerst toegekend in 2010 en gaan tijdens de eerste vijf jaren naar jonge stafleden van Congolese universiteiten. Hierdoor wenst het Fonds bij te dragen tot de relève académique, het hoofdprobleem van alle Congolese universiteiten op dit ogenblik. De voorkeur gaat uit naar korte onderzoeksverblijven die plaatsvinden in het kader van een lokaal doctoraat of van een joint doctorate. De uitwerking van selectiecriteria gebeurt onder toezicht van de Universitaire Raad voor Ontwikkelingssamenwerking (IRO). In 2006 werd een
gelijkaardig initiatief genomen door professor Jan Dequeker
met de oprichting van het fonds ‘Chaires
scientifiques pour jeunes académiques congolais’.
Dit fonds deelde dezelfde bezorgdheid als UNIFOS nu,
en had als doel onderzoeksmogelijkheden te creëren voor
jonge beloftevolle onderzoekers. Omwille van dezelfde
doelstelling werd het fonds Prof. Dequeker opgenomen in
UNIFOS. Het sluit ook aan bij de inspanningen van de
de vzw |
||||||||||||||||
|
||||||||||||||||
|
Een belangrijk onderdeel van
het Alumni Congoproject is de organisatie van
vervolmakingstages inUZ Leuven. Op dit ogenblik werken
een tiental Congolese artsen aan een doctoraat, sommigen
ingeschreven als doctoraal student in Leuven, anderen aan
een Congolese universiteit, telkens met een Leuvense
promotor of copromotor. Allen zijn gestart met een
Alumni beurs; sommigen konden daarna overstappen op
doctoraatsbeurzen van VLIR-UOS, de Belgische Coöperatie
of een onderzoeksfonds. Deze beurzen zijn van het
gemengde type, d.w.z. 3-4 maanden per jaar werken in Leuven,
de rest van het jaar in Congo. |
||||||||||||||||
|
||||||||||||||||
|
Zo waren Dr. Luyeye (2007, 2009) en Dr. Biselele (2009, 2010) begunstigden van een Alumnibeurs. Tijdens hun laatste verblijf werd een doctoraal plan uitgewerkt, dat in januari 2010 ingediend werd bij UNIFOS voor het bekomen van een gemengde doctorale beurs van 4 jaar. Beiden werden ingeschreven als doctoraal student van de faculteit geneeskunde. Hierbij zullen klinische parameters vergeleken worden met gegevens van hersenonderzoek bekomen met Cerebral Function Monitoring (CFM, via een vereenvoudigd portabel EEG apparaat). Uit dit onderzoek zullen guidelines opgesteld worden voor het verbeteren van de aanpak van hersenischemie en zuurstoftekort van pasgeborenen in Congo als onderdeel van een breder plan ter voorkoming van neonatale sterfte en pathologie. Cerebrale hypoxie is een frequente oorzaak van overlijden van pasgeborenen, en betekent bij de overlevenden dikwijls een blijvende mentale handicap en mentale achterstand. Dit betekent niet enkel een zware belasting voor het kind zelf maar legt tevens een enorme sociale last op de familie. Dikwijls zijn deze kinderen ook slachtoffer van sociale uitsluiting en marginalisatie als vermeende onheilbrengers in het kader van zeer verbreide praktijken van sorcellerie. Voor het klinisch onderzoek
zal samengewerkt worden met professor Nicola Robertson van
het University College of London. Zij voert een
gelijklopend onderzoek in Kampala, Oeganda. Dr. Thérèse
Biselele is reeds gestart met het epidemiologisch aspect van
de studie sinds haar eerste verblijf in 2009. Haar
doctoraatsopleiding begint in september 2010. Deze dienst
werd sindsdien op initiatief van Dr. Luyeye gerenoveerd en
functioneert nu met autonome financiering binnen het kader
van het Hôpital Général. Het
digitaliseringproces werd partieel gefinancierd met eigen
middelen en gedeeltelijk met steun van LUMOS. De
dienst kreeg beschikking over nieuwe radiologieapparatuur,
inclusief een mammografie-uitrusting, met steun van de
Belgische coöperatie. Via Chinese ondersteuning
kon dit jaar een CT-scan geïnstalleerd worden. Het doctoraatsonderwerp van
Dr. Luyeye is een studie over de epidemiologie en screening
van borstkanker in Kinshasa. Borstkanker is, na
baarmoederhalskanker, de meest frequente kanker bij
Congolese vrouwen; de prevalentie is stijgend, vooral op
jongere leeftijd. Op gebied van oncologie ontbreken
zowat alle gegevens, er wordt niet systematisch gescreend,
en patiënten komen pas in het ziekenhuis in een
laattijdig stadium. Het werk van Dr. Luyeye zal erin
bestaan om binnen de Congolese context screening, guidelines
en strategieën te ontwikkelen om vrouwen in een
vroegtijdiger stadium in therapie te krijgen. Ze is al
gestart met een bewustwordingsproces via radio en TV en
hoopt hierbij ook de kerken in te schakelen. Haar
Leuvense promotoren zijn de professoren Guy Marchal en Erik
Van Limbergen. Het anatomopathologisch aspect van de
studie wordt gerealiseerd in samenwerking met de
universiteit van Gent (prof. Marleen Praet). Onze vereniging beoogt met dit type samenwerking bij te dragen tot de moeizame heropbouw van competentiecentra rond persoonsgebonden initiatieven. Dit is een grote uitdaging vermits het moet gebeuren in een omgeving met zwakke instituten en totale afwezigheid van de staat. Zelden is deze vorm van samenwerking onderwerp van NGO initiatieven omdat succes op korte termijn niet gegarandeerd is. Toch menen wij dat vorming en opleiding, op alle gebied, de enige duurzame manier van ontwikkelingssamenwerking betekent. Ook in moeilijke omstandigheden blijven mensen geloven in de toekomst en biedt elke generatie nieuwe kansen tot beterschap. Die kansen willen we maximaal ondersteunen. Fons Verdonck ("A. Vesalius" tijdschrift nr. 3 - juli 2010 - pag. 125-127) |
||||||||||||||||
|
. Prof. Dr. Jan Dequeker krijgt een eredoctoraat van de universiteit van Kinshasa |
||||||||||||||||
|
||||||||||||||||
|
.
|
||||||||||||||||
|
De tweejaarlijkse
prijs prof. Jozef Vandepitte ter waarde van 2.500
euro beloont een initiatief op gebied van onderwijs
en opleiding in een ontwikkelingsland. De
Prijs ontstond als eerbetoon aan prof. Jozef
Vandepitte voor zijn jarenlange inzet voor de
vorming van medisch personeel in Congo. |
||||||||||||||||
|
||||||||||||||||
|
Van 1992 tot 2002 volgde hij
de gezondheidsprogramma’s op van Oxfam Solidariteit
België in Centraal Amerika. In El Salvador werd
een programma opgestart in verband met essentiële
medicatie, in Guatemala een programma voor de ontwikkeling
van een dorpsgezondheidszorg. In 1997 richtte hij in
Nicaragua de lokale NGO Prosalud op die moet waken over de
continuïteit en overname van gezondheidsprogramma’s
opgestart via Oxfam Solidariteit België. Vanaf 2002 is hij medisch
coördinator van de projecten van de Damiaanactie in
Nicaragua, Guatemala, Panama, en Brazilië. Deze
projecten zijn voornamelijk gericht op de controle van
tuberculose en leishmaniasis en sluiten aan bij bestaande
nationale programma’s. Hiervoor worden nationale
‘guidelines’ uitgewerkt die verspreid worden via
handleidingen, brochures en posters ten gerieve van
gezondheidswerkers en de lokale bevolking. De
Damiaanactie draagt actief bij tot de redactie en publicatie
van dit educatief materiaal. |
||||||||||||||||
|
||||||||||||||||
|
De basis van deze multipele activiteiten is het streven naar een meer sociale en rechtvaardige gezondheidszorg voor iedereen met promotie van de eerstelijnsgezondheidszorg. Daarom was de actie van in het begin gericht op gezondheidszorg op niveau van het dorp met participatie van lokale gezondheidspromotoren. Bij al deze initiatieven staan informatieoverdracht en opbouw van ‘local capacity building’ centraal. |
||||||||||||||||
|
||||||||||||||||
|
.
|
||||||||||||||||
|
In april 2009 gingen in Kinshasa drie symposia door: één over de introductie van digitale medische beeldvorming, een tweede over screening en preventie van baarmoederhalskanker en een derde over de behandeling van diabetesvoet. Telkens was onze vereniging ‘Ontwikkelingssamenwerking Geneesheren en Apothekers-Alumni K.U.Leuven’ hierbij prominent aanwezig. Naast het scheppen van een band tussen alumni wereldwijd ondersteunt onze vereniging eigen projecten in Congo. Zij focust zich hierbij op voortgezette opleiding van Congolese artsen en stimuleert de ontwikkeling van duurzame samenwerkingsverbanden tussen klinische diensten van UZ Leuven en onze Faculteit Geneeskunde met medische faculteiten en ziekenhuizen in Congo. Hierbij spelen we de rol van initiator en activator van projecten tussen K.U.Leuven, andere Vlaamse universiteiten (o.a. Universiteit Gent, Universiteit Hasselt) en de Vlaamse en Belgische overheid (VLIR-Universitaire Ontwikkelingssamenwerking, VLIR-UOS, en de Belgisch Technische Coöperatie, BTC). We mikken hierbij op de uitbouw van lokale expertise en voldoende kritische massa als basis van een duurzame ontwikkeling.
|
||||||||||||||||
|
‘Digitale Medische Beeldvorming’. |
||||||||||||||||
|
Op 7 en 8 april werd een symposium georganiseerd in het Hôpital Général de Référence de Kinshasa (HGRK, vroegere Mama Yemo) over ‘Digitale Medische Beeldvorming’. Naar aanleiding van een studieverblijf van dr. Gertrude Luyeye (Alumnibeurs 2007) en Jean-Claude Mbete (Alumnibeurs 2008) in de dienst Medische Beeldvorming van UZ Leuven werd onder promotorschap van prof. Guy Marchal een plan uitgewerkt voor de introductie van Digitale Beeldvorming in de dienst Radiologie van het Mama Yemo ziekenhuis in Kinshasa. De apparatuur werd gedeeltelijk gefinancierd door LUMOS en de Belgische Technische Coöperatie, en door de dienst Medische Beeldvorming van Mama Yemo zelf. Aandacht werd hierbij gegeven aan een correcte installatie (uitgevoerd door Jan Leemans en Herman Pauwels van UZ Leuven, en technici van Agfa-Gevaert) en uitwerken van een deugdelijk onderhoudscontract. |
||||||||||||||||
|
||||||||||||||||
|
Het symposium was de
aanleiding om het nieuwe systeem voor te stellen aan artsen
van Kinshasa, NGO’s en leden van de Belgische
Coöperatie. Een 200-tal artsen woonden het
symposium bij. Technisch was de introductie van het
digitaal systeem een groot succes. Hierdoor kon de
prijs per radiografie zakken wat onmiddellijk resulteerde in
een verdubbeling van het aantal opnames. Dit pilootexperiment moet ons informatie geven over de vraag hoe nieuwe, betaalbare en duurzame technologieën invoeren voor een betere diagnostiek, preventie en therapie voor een doodarme bevolking in de context van Kinshasa en Congo. De informatie die we met dit experiment bekomen moet ons in staat stellen ook in andere hospitalen gelijkaardige systemen in te voeren. Dit is o.a. al gepland in het St. Luc Hospitaal in Kisantu, dit in het kader van een breed opgezet gezondheidsproject van de Belgisch Technische Coöperatie, waarbij gebruik zal gemaakt worden van de expertise opgedaan in het Mama Yemo ziekenhuis. Ook hier draagt onze vereniging bij door ondersteuning in de opleiding van medisch personeel. Deze activiteiten in het Mama Yemo ziekenhuis gingen niet onopgemerkt voorbij. In een reportage van Peter Verlinden op de VRT werd dit initiatief als voorbeeld genomen van een langlopende succesvolle samenwerking tussen klinische diensten, in schril contrast met tal van foutieve investeringen die mank lopen of mislukken door verkeerde keuzes van materiaal, installatieproblemen, vroegtijdige pannes en het niet voorzien van onderhoudscontracten. Naast het technische succes viel vooral het enthousiasme op in de dienst Radiologie van het Mama Yemo ziekenhuis waar nu opnieuw kan gewerkt worden met een perspectief op de toekomst. Ook was de keuze van Mama Yemo een goede keuze: het is het grootste ziekenhuis van Kinshasa, met een goede bezetting, die vooral de armere bevolking aanspreekt, maar met een totaal gebrek aan ondersteuning en middelen. Hopelijk kan dit initiatief uitdeinen naar andere diensten in Mama Yemo, maar ook andere diensten in UZ Leuven motiveren om een gelijkaardige ‘jumelage’ tussen diensten te ontwikkelen. |
||||||||||||||||
|
. |
||||||||||||||||
|
Een tweede initiatief betrof een werkatelier over ‘Screening en Preventieve Behandeling van Baarmoederhalskanker in Kinshasa’. Dit werkatelier ging eveneens door in het Mama Yemo ziekenhuis, op 23-25 april. Baarmoederhalskanker is de voornaamste kanker bij Congolese vrouwen, en gaat borstkanker vooraf. Vrouwen komen meestal in een (te) laat stadium bij de gynaecoloog terecht. Er bestaat geen screeningsprogramma en geen preventieve behandeling van precancereuse letsels. De enige therapie is hysterectomie. Het thema is onderdeel van
een VLIR-UOS project waarvan prof. Marleen Praet van de
Universiteit van Gent promotor is. Het project was een
vervolg op twee studieverblijven van dr. Cathy Ali-Risasi in
Leuven en Gent, beide gefinancierd door onze vereniging.
Deze verblijven resulteerden in een
specialisatieverhandeling over hetzelfde thema in 2007.
In het daaropvolgend VLIR-UOS project werd voorzien in
lokale opleiding van gynaecologen. Onze vereniging
heeft een belangrijke bijdrage geleverd in de logistieke
ondersteuning en aanschaf van materiaal. Via de dienst
gynaecologie van UZ Leuven werd een colposcoop
verkregen. |
||||||||||||||||
|
||||||||||||||||
|
Het was een hele onderneming om in ‘real time’ en ‘visual inspection’ colposcopische beelden op afstand te tonen, en even later, na kleuring, de cytopathologie geprojecteerd te zien. Dit was een primeur voor Kinshasa. De derde dag van het werkatelier handelde over strategieën van netwerkvorming voor diagnostiek en behandeling tussen vijf pilootziekenhuizen in Kinshasa (Universitair Ziekenhuis, Hôpital St. Joseph, Bondeko, Centre Hospitalier Monkole, HGRK). Lokale coördinator van het project is dr. Cathy Ali-Risasi. Beide activiteiten gingen door in het Mama Yemo ziekenhuis, beide onder impuls van Alumni bursalen. Beide kunnen aan de basis liggen van een eerste, preliminair netwerk voor screening op de twee voornaamste kankers bij de Congolese vrouw. Hierbij wordt gedacht aan de oprichting van een expertisecentrum rond preventie en behandeling van baarmoederhals- en borstkanker in Kinshasa. Dank zij een andere Alumnibeurs kan dr. Léon Mbala zijn doctoraatsthesis in de loop van 2009 finaliseren (promotor prof. Patrick Neven, UZ Leuven) over de hormoongevoeligheid van borsttumoren in Kinshasa. Belangrijke bevinding hierbij is dat 80% van de borsttumoren van het hormoongevoelige type zijn. Alumni stelt ook een reisbeurs ter beschikking voor een supplementaire opleiding van dr. V. Lokomba (Universitair Ziekenhuis Kinshasa) in de dienst van prof. L. Denny in Kaapstad. |
||||||||||||||||
|
. Preventie en behandeling van diabetesvoet |
||||||||||||||||
|
Het derde werkatelier betrof een pathologie die sterk in opmars is in Congo, zelfs bijna epidemische vormen aanneemt: diabetes. Het atelier ging specifiek over de 'preventie en behandeling van diabetesvoet'. Het werd gevolgd door 10 ploegen van telkens 3 personen, afkomstig van verschillende ziekenhuizen uit de provincie en uit Kinshasa. Het symposium sluit een VLIR-UOS project i.v.m. diabetes in Congo af (promotor: prof. Erik Muls, UZ Leuven). |
||||||||||||||||
|
||||||||||||||||
|
Het werd eveneens gesteund
door de World Diabetes Foundation. Alumni speelde een
rol bij de opleiding van een multidisciplinaire ploeg artsen
van Mama Yemo, die in UZ Leuven een vervolmakingstage
volgden: dr. Mimi Mukwamu, dermatologe; dr. Joseph Kensese,
algemeen arts gespecialiseerd in diabetes, dr. André
Kapia, orthopedisch chirurg. In hetzelfde kader van
diabetes werd recent een beurs gegeven aan dr. Wivine
Kimenyembo, oftalmologe van de Université de
Kinshasa. Zij schrijft een specialisatieverhandeling
over diabetische retinopathie in Kinshasa. De
diabetesexpertise werd eveneens uitgebreid naar het
Hôpital St. Luc door het toekennen van
vervolmakingbeurzen aan dr. Damien Makiadi, algemeen
arts-traumatoloog en directeur van het ziekenhuis, en aan
zuster Nicole Beya, diensthoofd nursing. Beiden
volgden tijdens hun studieverblijf de diabetesvoetkliniek in
UZ Leuven. Hierdoor ondersteunen we de activiteiten
van LUMOS (Leuvense Universitaire Medische
Ontwikkelingssamenwerking en Solidariteit, UZ Leuven) die
het St. Luc hospitaal als prioritaire partner in haar Congo
projecten uitgekozen heeft.
Dankzij kansen en contacten, gecreëerd door Alumnibeurzen, werken op dit ogenblik 14 Congolese artsen aan een doctoraatsthesis, in samenwerking met een promotor van K.U.Leuven, UGent of UCL. Negen konden, na de Alumnibeurs, een andere, langdurige PhD. beurs bekomen (VLIR-UOS, BTC of UCL). Deze verschillende activiteiten illustreren hoe Alumni met karige middelen maar goed gefocusseerde projecten een duurzaam ontwikkelingsproces in Congo op gang tracht te brengen. De samenwerkingsverbanden die hierbij door de Alumnivereniging nagestreefd wordt tussen diensten in UZ Leuven, Faculteit, andere Vlaamse Universiteiten en overheid moeten hierbij dienen om een multiplicatie-effect op gang te brengen. Veel NGO’s zijn actief in de medische sector, weinige houden zich bezig met medische opleiding en opbouw van expertise en know-how. Voor hen is de termijn te lang en te onzeker. Wij geloven nochtans dat dit de enige weg is die tot duurzame ontwikkeling leidt: verantwoordelijkheid in eigen handen geven en perspectieven voor een langdurige samenwerking creëren. _______________________________________________________ |
||||||||||||||||
|
.
|
||||||||||||||||
|
Aan de medische faculteit van de universiteit van Kinshasa (UNIKIN) loopt een onderwijsproject gesteund door VLIR - Universitaire Ontwikkelingssamenwerking (VLIR-UOS) en onze Alumnivereniging. Promotoren van het VLIR-project zijn: prof. Jean-Michel Rigo (Uhasselt), prof. Paul Steels (Uhasselt) en prof. Fons Verdonck (K.U.Leuven). Het project werd recent (12-22 november 2008) in Kinshasa onderworpen aan een tussentijdse evaluatie. De doelstellingen van het project zijn:
Het eerste objectief moet een oplossing bieden voor de karige bezetting, of zelfs volledige afwezigheid van docenten in medische basisdisciplines. De tweede doelstelling beoogt het wegwerken van achterstanden in het corrigeren van examens. Beide moeten leiden tot een verbetering van de onderwijskwaliteit en het normaliseren van de duur van een academiejaar. |
||||||||||||||||
|
||||||||||||||||
|
Door de zeer sterke toename
van het aantal studenten in de medische sector zijn
auditoria te klein en didactisch totaal onaangepast, loopt
de organisatie van het academiejaar fout, worden examens
uitgesteld en zijn de datums van deliberatie
onvoorspelbaar. De opleiding geneeskunde bedraagt dan
ook eerder 10 jaar dan de officiële 6 (sinds 2008, 7)
jaar. Verschillende promotiejaren hebben een eigen
begin en einde met als bottleneck het eerste doctoraat waar
studenten uit de verschillende campussen samenkomen. Alumni spant zich al jaren in om jongere assistenten in contact te brengen met klinische diensten in Gasthuisberg, dit om het klinisch onderzoek in Kinshasa terug op gang te brengen en de zin voor een academische carrière te stimuleren. In de loop van de laatste drie jaren hebben promotoren in UZ Leuven zich ingespannen om een dertigtal assistenten te motiveren en te begeleiden. Stilaan groeit een kritische massa die terug aanknoping vindt met de ‘normaliteit’, zin krijgt in onderzoek en het volgen van een academische carrière. Het geëvalueerde
VLIR-project is een begin van normalisatie. Een
syllabus met een begeleidende handleiding met vragen,
oefeningen en tips voor het studeren van de stof, moet goede
studenten in het ganse land de kans geven te studeren, zelfs
met minimale aanwezigheid van een docent en ex-cathedra
onderwijs. In een achttal basisdisciplines werden
nieuwe syllabi geschreven met veel zorg en aandacht voor
zelfstudieactiviteiten. Onze vereniging is op dit
ogenblik de belangrijkste organisatie die daadwerkelijk iets
wil doen aan de lamentabele toestand waarin onze
zusteruniversiteit verzeild is. Wij hebben ervoor
gezorgd dat in de jaren van isolement, zelfs boycot, hoop
geen wanhoop werd. Universitair onderwijs is geen
optie voor NGO’s. Opleiding mikt op te lange
termijn, is dikwijls weinig visibel en weinig spectaculair,
en kan geen onmiddellijke resultaten tonen. En toch is
onderwijs en opleiding de enige echte basis van duurzame
ontwikkelingssamenwerking. Om dit alles te realiseren hebben we de steun van onze leden nodig. Zij zijn onze enige bron van inkomsten. Elke gestorte euro wordt besteed aan de ondersteuning van onze alumni ontwikkelingshelpers wereldwijd en ons eigen Congoproject. ________________ ("A. Vesalius" tijdschrift nr. 1 - januari 2009 - pag. 31-32) |
||||||||||||||||